Recensie

Recensie Muziek

Blaudzun zingt Purcell samen met strijkers van Sinfonietta

Recensie Singer-songwriter Blaudzun is op tournee met de strijkers van Amsterdam Sinfonietta. Ze spelen liedjes van Blaudzun en anderen, én klassieke stukken. Op de beste momenten werkt het geweldig.

Blaudzun betrad met de klassieke musici van Amsterdam Sinfonietta nieuwe muzikale paden
Blaudzun betrad met de klassieke musici van Amsterdam Sinfonietta nieuwe muzikale paden Andreas Terlaak

De schoonheid van wat bijna voorbij is, daar is het Blaudzun om te doen. De herfst is dan ook zijn favoriete seizoen, vertelde hij zijn publiek in Enschede, bij het startschot van zijn tournee met Amsterdam Sinfonietta. Het is een traditie van het Amsterdamse strijkorkest om het jaar te beginnen met een collega uit de pop of jazz, onder de noemer Breder dan klassiek.

De herfst, het lage licht op de hangende zonnebloemen: Blaudzun evoceerde dat beeld van vergankelijkheid als inleiding op de titelsong van zijn doorbraakplaat Heavy flowers (2012). Zulke intieme liedjes, op cd ook al rijk gearrangeerd, leenden zich bijzonder goed voor een uitvoering met echte strijkers. Maar het pleitte voor Blaudzun en Sinfonietta dat ze vooral minder voor de hand liggende samenwerkingen zochten: een versie van Nirvana’s Lithium bijvoorbeeld, die aangenaam schizofreen laveerde tussen salonfähig croonen en sluipende hysterie. Of de Cold song uit Purcells opera King Arthur, die Blaudzun onorthodox en met overgave bracht.

Blaudzun heeft een geweldige stem, wendbaar en met een groot bereik. Hij zong een handvol liedjes van anderen, acht eigen nummers en een nieuw liedje op het gedicht Voor wie ik liefheb wil ik heten van Neeltje Maria Min, dat een beetje aan Paul Carrack deed denken.

Nederlands zingen ging Blaudzun uitstekend af – Frans, in werk van Serge Gainsbourg, niet helemaal. Chicago van Sufjan Stevens bleef dicht bij het origineel, dat ook een prominent strijkersarrangement heeft. Door het gebruik van microfoons kwam de pure strijkersklank soms minder goed tot zijn recht, en er waren verhoudingsgewijs weinig stukken waarin het ensemble nadrukkelijk kon schitteren. Steve Reichs Duet klonk mooi breekbaar en een versie van John Zorns strijkkwartet Kol nidre was een hoogtepunt. Je zou ook kunnen zeggen dat ensemble en band een hechte eenheid vormden.

De barok van Purcell sloot goed aan bij de harmonische wendingen waarvan Blaudzun zich graag bedient, de weemoedige melodieën van Zorn en Philip Glass vormden een verlengstuk van zijn stemgeluid.

Blaudzun vestigde ook de aandacht op de jonggestorven slam-poet en zanger Martijn Teerlinck. Er klonken fragmenten uit diens gedicht Ademgebed en de afsluiter was een dampende cover van het nummer Go with the wind dat Teerlinck als Child of Lov uitbracht. Blaudzuns imitatie van Teerlincks gruizige soulfalset was griezelig goed.