Opinie

    • Rosanne Hertzberger

Mogen vliegtuigen misschien iets onveiliger?

Rosanne Hertzberger

Het beste aan hedendaagse vliegtuigen is het media-aanbod. Op dertig centimeter afstand van je ogen bevindt zich een touchscreen met een enorme bibliotheek met films waarvan je er altijd wel een paar wilt zien. Dat treft: in het vliegtuig heb je de tijd. Eindeloze hoeveelheden tijd. Vliegen gaat op hetzelfde sukkeldrafje als veertig jaar geleden.

Stagneert de vooruitgang? Als je omhoog kijkt, ziet het er wel zo uit. De Britse wetenschapsjournalist Michael Hanlon schreef erover in zijn, nog steeds actuele essay voor aeon.com, The Golden Quarter. Dat ‘quarter’ omvat de jaren na de Tweede Wereldoorlog waarin zo ongeveer alles werd uitgevonden en ontwikkeld: antibiotica, vaccinaties, televisies, computers, passagiersvliegtuigen, kernenergie.

Vergeleken met toen leven we nu in een soort innovatiewoestijn, met vooral veel beloftevolle ontwikkelingen en weinig daden. We wachten al jaren op een nieuwe generatie antibiotica, maar alle goede ideeën lijken te verdwijnen in de kennelijk eindeloze ontwikkelingspijplijn. De prikken in het rijksvaccinatieprogramma zijn bijna zonder uitzondering ontwikkeld in dat ‘golden quarter’ en de enige vernieuwing, een prik tegen baarmoederhalskanker, hebben we collectief geboycot. Eng.

En hedendaagse vliegtuigen? Die zijn ook nauwelijks geëvolueerd in de afgelopen vijftig jaar. Volgens het rapport Toekomst Verduurzaming Luchtvaart, dat de Tweede Kamer moest informeren over innovatie in de vliegerij, gebeurde dat heus wel: hier en daar wat synthetische brandstoffen bijmengen. Nieuwe vliegtuigen zijn stiller en efficiënter. Maar de grootste stappen in efficiëntie werden geboekt door een heleboel mensen in dezelfde cabine te proppen.

Ik vermoed dat de ontwikkelingen in ‘schermtechnologie’ daar de belangrijkste bijdrage aan leverden: geef een moderne volwassene zijn eigen touchscreen en eindeloos entertainment en hij accepteert het ruimtegebrek zonder mokken.

Nieuwe ontwikkelingen gaan steeds trager, dat is wel duidelijk. Tussen ontwerp en realisatie van de 747, in de jaren zestig, zat ongeveer vijf jaar. De Airbus 380 (‘iets groter, iets langzamer’) deed er drie keer zo lang over, aldus Hanlon. Dat is niet alleen de teneur in de lucht. Het geldt voor farma, landbouw, transport. Het duurt eindeloos om iets op de markt te krijgen – laat staan om écht iets nieuws te introduceren.

De Zeppelin en de Concorde stortten neer en er kwam weinig voor terug: geen vliegende auto’s, geen jetpacks, geen waterstofmotoren en ook onbemande drones doen er eindeloos over om een rol van betekenis te spelen. Die worden eigenlijk alleen veilig genoeg bevonden om bommen te gooien boven landen waar we toch niets om geven.

Dus hobbelen we voort – met de vlam in de pijp en een tank vol fossiele brandstoffen. Er zijn nog maar vier belangrijke vliegtuigbouwers over, zo staat in bovengenoemd rapport, en geen van hen heeft plannen voor écht nieuwe ontwikkelingen en écht nieuwe modellen.

Business gaat waarschijnlijk ook gewoon iets te goed. Waarom zou je iets nieuws verzinnen als je gewoon kunt door kachelen? Nieuwe concurrentie is in geen velden of wegen te bekennen. Net als in al die andere industrieën waar alle goede ideeën blijven steken in de ontwikkelingspijplijn zijn de veiligheidseisen enorm. Die zorgen ervoor dat het schier onmogelijk is om genoeg geld bij elkaar te krijgen voor alle studies en alle checks om iets nieuws op de markt te brengen. Er mág niets mis gaan.

2017 was een jaar zonder vliegtuigdoden (als je alle ultrafijnstofdoden op de grond niet meerekent). Ik herhaal: nul doden door crashes, terwijl het aantal passagiers en kilometers alleen maar is toegenomen. Dat is absurd veilig. En vervoer mag eigenlijk alleen maar veiliger worden, niet onveiliger. Dus elke denkbare innovatie in het luchtruim mag ongeveer nul risico met zich meebrengen.

Kunnen we iets minder veiligheid accepteren van nieuwe vervoersmiddelen in het luchtruim? Dat iedereen net een fractie ongemakkelijker zit in zijn mediaparadijs? Het zou wel eens onvermijdelijk kunnen zijn, willen we ooit de uitgang vinden uit de innovatiewoestijn.

Rosanne Hertzberger is microbioloog.