Thuiskok

Kroketten van boerenkool

Kroketten en boerenkoolstamppot, Nederlandser kan haast niet. Van groot belang is dat de temperatuur van de olie hoog genoeg is en dat de kroketten een goede korst hebben. Probeer er eerst eentje uit om te kijken of het goed gaat, anders kun je desnoods de kroketten twee keer met bloem, ei en paneer bedekken. Er kan uiteraard ook spek, worst of andere vulling aan toegevoegd worden.

Schil en was de aardappelen, verwijder de pitten en snijd ze in vieren. Was de boerenkool, snijd de bladeren van de stelen en snijd de kool fijn. Kook de aardappelen en de kool samen in 15 tot 20 minuten beetgaar. Giet af en stamp ze tot een puree. Roer de melk en een klontje gezouten boter erdoor. Breng op smaak met nootmuskaat, zout en peper. Laat de stamppot afkoelen.

Verhit de frituurolie tot 170 graden. Scheid de eieren en klop de eiwitten los in een kom. Zet een bakje met paneermeel en een bakje met bloem klaar. Neem wat stamppot tussen je vingers en maak er een balletje van. Vorm het balletje tot een worstje. De grootte kun je zelf bepalen, maar maak de worstjes niet te dik. Rol de worstjes eerst door de bloem, daarna door het eiwit en vervolgens door het paneermeel. Frituur de stamppotkroketten vijf minuten tot ze mooi bruin en heet zijn.