Opinie

    • Ellen Deckwitz

Inkt

Ellen Deckwitz

‘Dit gaat jou veel meer pijn doen dan mij”, grijnst de man terwijl hij zijn latex handschoentjes aantrekt. Ik bevind me in een tatoeageshop om de hand van goede vriend T. vast te houden. Waar anderen op Nieuwjaarsdag de Noordzee in rennen, laat hij sinds 2011 op 1 januari een goed voornemen in zijn huid etsen. Altijd betreft het een symbool voor wat hij binnen 365 dagen wil bereiken: uit 2013 stamt bijvoorbeeld een rune voor zelfstandigheid omdat hij zich had voorgenomen om zzp’er te worden en in 2016 liet hij een hutje afbeelden omdat hij een huis wilde kopen.

Dit jaar komt er een zeehondje bij, wat volgens T. symbool staat voor eigenliefde. Na jarenlang zo hard te hebben gewerkt dat hij er krom van ging lopen, vond hij het tijd om iets milder voor zichzelf te worden. En dus laat hij dat voornemen vandaag in zijn huid krassen.

De tatoeëerder desinfecteert T.’s arm, pakt de vaseline erbij, dekt de stoelleuning af.

„Moet jij er ook niet een?” vraagt hij. Ik schud mijn hoofd. Eeuwen geleden had ik het plan opgevat om ‘luctor et emergo’ op mijn onderrug te laten zetten, tot ik besefte dat die tekst bij bepaalde standjes een nogal lachwekkend effect kon hebben. Tatoeages zijn leuk hoor, maar ze hoeven nou ook weer niet mijn seksleven te ruïneren.

De naald danst over T.’s vel, het kopje van de zeehond komt tevoorschijn, bloed welt op waardoor het beestje eerder een geknuppeld slachtoffer van de bontindustrie lijkt dan een vriendelijke aanmaning om wat aardiger tegen jezelf te doen.

De tatoeage wordt vlak bij de binnenkant van de elleboog gezet, waar het vlees extra gevoelig is. T.’s ooglid trilt terwijl de naald zijn werkt doet. Eigenliefde doet pijn. Zodra we de shop uit zijn, kauwt hij meteen een handvol paracetamol weg.

„En nu maar eens zien of ik dit plakplaatje over twaalf maanden nog heb”, zegt hij.

„Een tatoeage lijkt me toch een vrij permanente actie”, mompel ik.

„Als ik aan het einde van het jaar mijn voornemen niet heb waargemaakt, laat ik het ding verwijderen.”

„Echt?”

„Begin 2012 liet ik op mijn bovenarm het alchemistische symbool voor lucht zetten, omdat ik wilde stoppen met roken. Toen ik na een jaar nog steeds pafte liet ik het ding weglaseren.”

„Maar ik heb jou nog nooit met sigaret gezien!”

„Idioot genoeg lukte het stoppen wél toen ik die tatoeage had laten verwijderen.”

Hij grinnikt en streelt zijn kersverse zeehond.

„Het zijn de beloftes die we niet nakomen die het sterkst schrijnen. Soms moet je iets opgeven om het eindelijk te doen.”

Ellen Deckwitz schrijft op deze plek een wisselcolumn met Marcel van Roosmalen.