Opinie

    • Marcel van Roosmalen

Slimste Mens

Ik heb vorige week drie avonden naar mezelf als quiz-kandidaat gekeken. Vrolijk word je natuurlijk niet van naar jezelf kijken en dat was juist ook de kritiek. Ik zit erbij alsof ik moet poepen, een beetje scheef ook. Al na vijf minuten in de eerste aflevering kwam het eerste bericht. Een goede vriendin ergerde zich aan mijn schoenen.

Ik had het programma onderschat, De Slimste Mens is voor veel mensen heel belangrijk, en voor sommigen meer dan dat. Zaterdag las ik dat een journalist van het Algemeen Dagblad mij een haast suïcidaal klinkende en ogende man vindt. Ook voor de lezeressen van Libelle en Margriet heb ik alleen al vorige week meerdere tv-avondjes kapotgemaakt. Met mijn sombere, uitdrukkingsloze gezicht dat in alles uitstraalt dat ik ergens zit waar ik niet wil zijn.

Lees ook IJzerenheinige Marcel van Roosmalen wil ‘De slimste mens’ toch winnen

Aan die beleving wil ik verder niets afdoen, ik krijg het bovendien wel vaker te horen, maar gek is wel dat ik de opnamedagen een paar weken geleden heel anders heb ervaren. Ik had weliswaar het gevoel dat ik opgesloten zat in een concept en dat er geen weg terug meer was maar herinner me toch vooral hoe ontspannen ik was, vrolijk ook. Ik had daar een eigen kleedkamertje met een rieten mandje met zakjes chips, gevulde koeken en chocoladereepjes.

Een paar kamertjes verderop zat Maarten van Rossem, graaiend in plastic met kaaswafeltjes.

Als ik weer een ronde verder was belde ik met mijn vriendin, net zo lang tot we alle twee niet meer konden bevatten hoe slim ik eigenlijk ben.

Tussendoor voerde ik, achteraf bezien surrealistische gesprekjes met Melina, een schat van een redactrice. Had ik niet te veel gelachen, vroeg ik bezorgd.

Zij dacht dat het wel meeviel.

Op een dag waarop drie afleveringen werden opgenomen werd er ’s avonds een maaltijd geserveerd in de KRONCRV-kantine. De lasagne was meer dan gaar, en wij ook.

Boswachter Arjan Postma, die ik na de opnames vrijwel dagelijks zie omdat zijn dochtertje op de school naast mijn huis zit, zei dat het een Italiaans gerecht was.

Bladerdeeg – gehakt – tomaat, dacht ik erachteraan.

Melina adviseerde om niet te veel te eten, daar was mijn goede vriend Gijs Groenteman een paar uitzendingen eerder volgens haar aan kapotgegaan. Een volle maag remt het reactievermogen. Arjan Postma trok een zoveelste vergelijking met de dierenwereld.

Over het verloop van het programma mag ik vanwege een boeteclausule niets zeggen, maar het is wel zo dat ik vanavond op nationale televisie het glas hef met Philip Freriks op het nieuwe jaar. Het moest drie keer over omdat Freriks iedereen maar een gelukkig 2018 bleef wensen. Ik denk niet dat ik daarom moest lachen.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.