In 2019 kiest Europa richting

Europese verkiezingen Waarvoor kiest Europa in mei? Merkel is weer terug en wil een sterkere EU achterlaten voor ze aftreedt. Intussen moeten de opkomende anti-EU-partijen zich verenigen.

Er komt dit jaar voor het eerst een Europees parlement, hier te zien in Brussel, dat niet groeit maar krimpt, omdat 73 Britse zetels vervallen.
Er komt dit jaar voor het eerst een Europees parlement, hier te zien in Brussel, dat niet groeit maar krimpt, omdat 73 Britse zetels vervallen. Foto Stephanie Lecocq/EPA

Viktor Orbán, de premier van Hongarije, keek weg alsof het niet over hem ging. Het was de laatste dag van de laatste EU-top voordat 2019 begon, en het was intussen wel duidelijk dat er ook de komende maanden géén nieuw Europees migratiebeleid te verwachten is. Verdeeldheid over migratie is nu eenmaal voor sommigen een te aantrekkelijk campagnethema voor de Europese verkiezingen, eind mei. President van de Europese Raad Donald Tusk had er daarom niet eens meer uitgebreid over willen praten.

Toch zaten enkele regeringsleiders te klagen. Vooral Angela Merkel wond zich op. Ze richtte zich rechtstreeks tot Orbán. Migratie vraagt om solidariteit en tolerantie, niet om polarisatie, vindt de Duitse bondskanselier. Als EU een nieuwe migratiecrisis wil aankunnen, moeten álle landen meewerken aan een compromis, ook Hongarije en de andere Visegrad-landen die weigeren vluchtelingen op te nemen: Polen, Tsjechië en Slowakije.

De scène leerde twee lessen voor Europa in 2019.

Eén: tot mei ligt alles stil. De Europese verkiezingen in mei gaan over de richting die de EU neemt. De kiezer is niet alleen via nationale verkiezingen bij betrokken, maar kan via het Europees parlement mee-agenderen. Hoort migratie erbij? Moet de eurozone ook over sociaal beleid gaan? Kunnen de leiders gaan werken aan een Europees leger?

Twee: Merkel is voorlopig terug, na haar moeilijke jaar 2018. Het was de eerste Europese top in maanden waarop ze binnenskamers weer strijdbaar overkwam, volgens insiders. Samen met de Franse president Emmanuel Macron wil ze tot haar aangekondigde vertrek als bondskanselier in 2021 voor alles de EU sterker maken, als een macht op eigen benen tegenover Amerika, Rusland en China. Dat is de basis voor een welvarend en veilig Europa, in haar ogen – de erfenis die zij wil achterlaten.

Europahervormer Macron mag dan verzwakt aan het jaar beginnen, op Merkel kan hij rekenen. De Europese leiders hebben al een afspraak voor de volgende sprong vooruit voor Europa: op 9 mei, twee weken vóór de Europese verkiezingen, bespreken ze in het Roemeense Sibiu de volgende fase van de ‘leidersagenda’.

Nationalistische revolutie?

Tegelijk wordt 2019 óók het jaar waarop de middelpuntvliedende krachten in de Europese Unie hun hoop gevestigd hebben. Orbán deed de kritiek van Merkel achteraf af als „de laatste aanval”. Na de Europese verkiezingen zullen de nationalisten in Europa de dienst uitmaken, denkt hij: in tal van landen staan partijen op winst die zich tégen het huidige Europese project keren. De nationalistische revolutie komt eraan.

Als graadmeter daarvoor is onder meer Polen interessant. Daar werkt de nationalistische partij PiS net als Fidesz in Hongarije aan een illiberale democratie. Maar de oppositie heeft in Polen meer kans de macht terug te veroveren dan in Hongarije. Daar wordt in de EU met spanning naar gekeken, omdat de breuk van Polen en Hongarije met de liberaal-democratische waarden waar de EU op gebouwd is, steeds onverzoenlijker wordt.

De EU anno 2019: integratie en desintegratie voltrekken zich tegelijk.

In Italië blijkt in mei hoe de kiezer denkt over de coalitieregering van de nationalistische Lega en de links-populistische Vijfsterrenbeweging. In grote landen als Frankrijk, Spanje en Duitsland zullen nationalistische en andere anti-EU-partijen in de oppositie naar verwachting sterker worden.

Krimpend parlement

Dat 2019 een historisch jaar wordt voor Europa, is al op voorhand verzekerd. Eerst op 29 maart de Brexit. Je zou het bijna vergeten, door de Britse lijdensweg tijdens de voorbereidingen, maar het daadwerkelijke vertrek van het Verenigd Koninkrijk is pas het definitieve bewijs dat de Europese Unie stuk kan. Tegelijk tonen de zware onderhandelingen óók hoe moeilijk lidstaten kunnen loskomen van de intense Europese verwevenheid.

Dan de Europese verkiezingen. Tussen 23 en 26 mei kunnen 300 miljoen Europeanen naar de stembus om een nieuw Europees parlement te kiezen.

Het wordt het eerste Europees parlement dat niet groeit maar krimpt, omdat 73 Britse zetels vervallen. Vooral de sociaal-democraten (Labour) en de eurosceptici (Conservatieven en UKIP) gaan dit voelen.

Sommige lidstaten krijgen er enkele extra zetels bij, waaronder Nederland (van 26 naar 29). Al met al krimpt het parlement van 751 naar 705 zetels.

Vijf maanden voor de verkiezingen suggereren peilingen dat de christen-democraten en de sociaal-democraten ondanks verliezen veruit de grootste blijven, met respectievelijk ongeveer 180 en 140 zetels.

Nationalisten van allerlei partijen zouden volgens peilers kunnen uitkomen rond de 150 zetels, maar hun probleem is dat ze geen eenheid vormen: de zetels zijn verdeeld over ten minste drie fracties. Bovendien zit Orbáns partij Fidesz – met elf zetels overigens maar een kleine speler – nog altijd bij de EVP, al is hun positie daarbinnen omstreden.

Forum voor Democratie zoekt Europese vrienden. Baudet sluit samenwerking met Marine Le Pen uit

Een nationalistische machtsovername in Europa lijkt in dit onoverzichtelijke speelveld niet waarschijnlijk, al kan er nog veel gebeuren in vijf maanden. Maar hun invloed kan wel groot zijn. Dat is al zo tijdens de campagne. De polarisatie die Merkel vreest, wordt door andere leiders uit het midden, zoals Macron, juist opgezocht.

Let op Rutte

Ook als de nationalisten uit de verschillende lidstaten zich niet weten te verenigen in het Europees Parlement, heeft hun opkomst waarschijnlijk gevolgen voor de machtsverhoudingen.

Christen-democraten en sociaal-democraten zullen meer andere (midden)partijen nodig hebben om een coalitie te sluiten. Naarmate zij meer verliezen, groeien de kansen op invloed van de liberalen (met VVD en D66) en de Groenen – politieke families die in te weinig lidstaten sterk zijn om op eigen kracht in het Europees parlement te domineren.

Dat heeft onder meer gevolgen voor de aanwijzing van nieuwe Europese leiders na de verkiezingen in mei. Zo moeten er onder meer nieuwe voorzitters komen van de Europese Raad (nu Tusk) en de Europese Commissie (nu Juncker). Als Commissievoorzitter hebben de Europese christen-democraten de Duitse CSU’er Manfred Weber naar voren geschoven. De sociaal-democraten willen Frans Timmermans van de PvdA.

Met een hogere score van nationalisten groeien de kansen voor bijvoorbeeld een liberaal. In Europa wordt dan al snel gedacht aan Mark Rutte. De premier uit Den Haag wordt bij het begin van 2019 in EU-kringen gezien als de opkomende man onder de regeringsleiders – onder meer door zijn actieve rol rond Brexit en hervormingen in de eurozone.