Genees toch zélf je diabetes-2

Leefstijl Een boek schrijven omdat je geen tijd hebt om alles zelf aan je suikerzieke patiënten uit te leggen. Gezond leven is écht beter dan pillen.

Hanno Pijl: „Er bestaat een grote overgangszone tussen een diabetes-2-patiënt en iemand die gezond is.”
Hanno Pijl: „Er bestaat een grote overgangszone tussen een diabetes-2-patiënt en iemand die gezond is.” Foto Roger Cremers

Hanno Pijl is internist in het Leidse UMC. Hij behandelt veel patiënten met diabetes type 2, maar hij gelooft dat veel patiënten beter zichzelf kunnen genezen van deze ziekte die vooral door een ongezonde leefstijl ontstaat. Diabetes-2 die door leefstijlverandering is te genezen, staat ook vol in de maatschappelijke belangstelling.

Diabetes type 2 is een ziekte met een ontregelde suiker- en insulinehuishouding. De ziekte komt steeds meer voor nu veel mensen overgewicht hebben en een overwegend zittend leven leiden.

Samen met diëtist Karine Hoenderdos schreef Pijl het boek Diabetes type 2? Maak jezelf beter. Patiënten die meer bewegen, gezonder eten, ontstressen en stoppen met roken kunnen zichzelf van hun diabetes-2 verlossen. Hoenderdos en Pijl adviseren een dieet met veel minder zetmeel en suiker en meer vet. Eventueel zelfs verzadigd vet.

Opvallend: een arts in een academisch ziekenhuis die schrijft dat de ziekte die hij behandelt best door de patiënten zelf kan worden genezen.

„Ja, het stuit me al jaren tegen de borst dat patiënten met diabetes type 2 soms meer dan tien verschillende soorten pillen gebruiken en daar vaak last van hebben. Die pillen moeten het suikergehalte in hun bloed verbeteren, hun bloeddruk, hun cholesterol en hun bloedvetten.”

U schrijft die pillen zelf voor. Waarom doet u het niet anders?

„Ik praat in mijn spreekkamer tegenwoordig wel met patiënten over hun voeding en over hoe ze op een acceptabele manier hun lichaamsactiviteit kunnen verhogen. Maar ik heb daar weinig tijd voor. Ik wilde hen graag verwijzen naar betrouwbare informatie waarin ze alles over voeding en leefwijzeverandering nog eens rustig konden nalezen. Dat was er niet.

„Toen belde Karina Hoenderdos met de vraag of ik met haar een boekje wilde maken over leefstijlverandering bij diabetes type 2, waarin ook recepten zouden komen. Dat was precies wat nodig was.”

Kunnen dokters dat wel, leefstijladviezen geven?

„De meeste artsen weten ontzettend weinig over de impact van voeding en van leefstijl op ziekte. Het wordt nog steeds nauwelijks onderwezen.”

Waarom niet?

„De geneeskundige traditie stamt uit de 19de eeuw. Toen waren infectieziekten en ongelukken de belangrijkste ziekteveroorzakers. In de vorige eeuw kregen we de antibiotica. Als die aanslaan genees je een patiënt van zijn infectieziekte. Met ongelukken is het ook zo: als je succesvol opereert is het probleem opgelost.

„In de loop van de vorige eeuw is de aard van de ziektelast gigantisch veranderd. De leefstijlziekten zijn belangrijker geworden, maar wij artsen zijn blijven hangen in dat model van wachten en dan pas handelen. Het is een illusie dat je daarmee diabetes en andere niet-infectieziekten kunt oplossen. Die worden gevoed door dingen die wij zelf doen.”

Op de flaptekst van jullie boek staat dat het ook een boek is om diabetes-2 te voorkomen. Is dat vrij vette dieet dan ook gezond voor niet-patiënten?

„Er bestaat een grote overgangszone tussen een diabetespatiënt en iemand die gezond is. In dat overgangsgebied zie je veel mensen met het metaboolsyndroom. Ze zijn iets te zwaar, ze hebben hoge bloeddruk, wat te veel cholesterol en vetten in hun bloed en een licht ontregelde suiker- en insulinestofwisseling. Het boek is voor hen ook heel geschikt.”

Die hebben een verstoorde insulinestofwisseling?

„Zeker. Het kan bij sommige mensen wel 20 of 25 jaar duren voordat diabetes type 2 echt duidelijk is. Die vorm van diabetes begint meestal met lichaamscellen die slecht glucose opnemen. Insuline verzorgt de afgifte van glucose in lichaamscellen, maar die lichaamscellen worden ongevoelig voor dat boodschappermolecuul. Dat heeft tot gevolg dat de insulineproductie aanvankelijk stijgt, maar toch niet genoeg om de glucose uit het bloed te verwijderen.

„Die verhoogde insulineconcentratie heeft nog meer invloed. Insuline zorgt er ook voor dat de nieren minder zout uit het bloed halen. Daardoor krijgen mensen een zoutgevoelige hoge bloeddruk. Hij remt ook de vetverbranding. Tegelijkertijd gaat de lever uit de overmaat glucose vet aanmaken.”

Dus iedere keer als je wat eet, sla je dat op als vet. En door die verhoogde insuline is het daarna moeilijk om dat weer te verbranden?

„Ja. Je moet dan erg veel moeite doen om dat vet weg te krijgen.”

Waarom adviseren jullie een dieet met weinig zetmeel en suiker, en niet een laagcalorisch dieet?

„Als iemand glucose niet goed uit de bloedcirculatie afvoert, wat is er dan logischer dan de glucosebron zo veel mogelijk te beperken? Suiker en zetmeel zijn met afstand de belangrijkste bronnen voor glucose in je bloed.

„Als je de calorieën kunt missen – nog beter. Dat werkt heel goed. Maar veel mensen kunnen dat niet. Van vet eten gaat in elk geval je insuline omlaag, waardoor je makkelijker vet kunt verbranden. Je verbetert je hele stofwisseling.”

Veel diëtisten geloven heilig in tussendoortjes. Jullie zijn ertegen. Waarom?

„Er zijn steeds meer gegevens over time restricted feeding. Als je eet gaan in je bloed allerlei groeifactoren omhoog. Voeding betekent voor een organisme: ik kan aan de slag, ik kan groeien, ik kan reproduceren. Als je de hele dag door aan het grazen bent, dan blijft dat allemaal aan staan. Tegenwoordig is duidelijk dat het voor een organisme belangrijk is om af en toe die groeifactoren helemaal af te schakelen. Cellen gaan dan onderhoud plegen. Er zijn veel aanwijzingen bij dieren dat dat gezond is. En onderzoeken bij mensen suggereren hetzelfde.”

Toch nog even over dat vet. Volvette melkproducten lijken goed voor hart en bloedvaten, schrijven jullie. En een pagina verder: onverzadigde vetten zijn toch wat gezonder dan verzadigde vetten. Hoe zit het nou?

„Het inzicht in wat verzadigd vet met onze gezondheid doet is aan het schuiven. We hebben verzadigd vet altijd beschouwd als één ding. Maar verzadigd vet bestaat uit een heel scala vetzuren met korte, middellange en lange vetzuurketens.

„Je komt in een gebied dat bijna niet te onderzoeken is. Ik persoonlijk denk dat als je wat boter op je brood smeert, in plaats van margarine, in een verder gezond voedingspatroon, dat dat geen kwaad kan. In ons dieet moet je toch al minder boterhammen eten.”

Karine Hoenderdos en Hanno Pijl: Diabetes type 2? Maak jezelf beter. Uitgeverij Fontaine. 160 pag. €19,99. Van dezelfde auteurs verscheen ook: Hart- en vaatziekten? Maak jezelf beter.
    • Wim Köhler