Opinie

    • Mirjam de Winter

Orlando, Humeyra, Sarah en Bianca

Mirjam de Winter

Nieuws over de dood van jonge, onschuldige mensen grijpt natuurlijk altijd aan, zeker als ze door geweld om het leven zijn gekomen. Maar niet eerder kwamen er zoveel nare verhalen voorbij als in het afgelopen jaar. Grote indruk maakte begin dit jaar het verhaal van de 17-jarige Orlando Boldewijn uit Rotterdam, die na een geheim afspraakje via de homo-datingapp Grindr niet meer thuis kwam. Ik kende hem als de altijd opgewekte, flamboyante en uiterst beleefde kassamedewerker in onze supermarkt in Blijdorp. Na een vermissing van 8 dagen werd Orlando (na een anonieme tip) dood gevonden op de bodem van een grote vijver in de Haagse wijk Ypenburg. Hij lag pal naast het bootje van Roy. B., de 29-jarige man met wie Orlando op de dag van zijn vermissing had afgesproken en die hem als laatste levend gezien heeft. Wat zijn rol precies was blijft onduidelijk. Roy houdt vol Orlando geen kwaad te hebben gedaan. Wel gaf hij tijdens een zoveelste politieverhoor toe hem in het water te hebben zien liggen, zonder hulp te bieden of 112 te bellen. Volgend jaar zal hij voor de rechter moeten komen vanwege „nalatigheid” en mogelijke betrokkenheid. En krijgen zijn ouders en vrienden hopelijk eindelijk waar ze recht op hebben: duidelijkheid over de dood van hun zoon en vriend.

Dan de afgelopen weken: in Rotterdam stierven in korte tijd maar liefst drie jonge vrouwen een geweldadige dood. De 16-jarige Humeyra Ergincanli werd op 18 december in de fietstenstalling van het Desingcollege aan de Essenburgstraat doodgeschoten door haar ex-vriend. Op 12 december werd Sarah Papenheim, een 21-jarige Amerikaanse studente aan de Erasmus Univsersiteit, in een Kralings studentenhuis doodgestoken door haar 23-jarige huisgenoot. En op 30 november werd de 29-jarige Bianca van Es dood gevonden in haar portiekwoning in Rotterdam-Zuidwijk, waar ook nog een klein kind rondliep. Haar ex-partner is opgepakt op verdenking van betrokkenheid. Drie losstaande incidenten, toevallig kort achter elkaar gebeurd, maar ook burgemeester Aboutaleb viel een belangrijke overeenkomst op. De drie slachtoffers zijn om het leven gebracht door een boze ex-partner of bekende, allemaal mannen. Hij pleitte tijdens de laatste raadsvergadering van dit jaar voor een maatschappelijk en politiek debat over het toenemende geweld tegen vrouwen. “Dit neemt afschuwelijke vormen aan,” zei de burgemeester. “Deze lieden moeten leren: nee is nee”. Daar heeft hij natuurlijk meer dan gelijk in, maar Aboutaleb zou juist in deze gevallen ook moeten kijken naar de rol van politie en hulpverleningsinstanties en waar men mogelijk steken heeft laten vallen. In het geval van Humeyra is dat onderzoek inmiddels toegezegd, maar ook bij Bianca en Sarah waren verschillende instanties vantevoren op de hoogte van de problemen die speelden. Hoewel het misschien wat al te gemakkelijk is (ook gezien het grote aantal meldingen dat jaarlijks gedaan wordt van huiselijk geweld of stalking) om nu de schuld in de schoenen van de overheid te schuiven, zou de rol van die instanties wel degelijk goed onderzocht moeten worden. Want hoe gestoord en onvoorspelbaar het gedrag van deze mannen ook geweest mag zijn, ook dáár hebben de achterblijvende families tenslotte recht op.

Mirjam de Winter (@mirjamdewinter) is freelance journalist en stadsgids in Rotterdam.