Opinie

    • Menno Tamminga

Op weg naar het einde?

None

Het einde van het poldermodel is al zo vaak voorspeld dat er geen eer meer aan te behalen is. Toch wil de dinosaurus uit de overlegeconomie van de vorige eeuw maar niet uitsterven. Integendeel. Er is voortdurend meer vraag naar overleg. Over sociaal-economische twistappels, de klassieke polder. Over nieuwe maatschappelijke puzzels: klimaat, voeding, woningbouw en luchtvaart en Schiphol. De overlegtafels zijn niet aan te slepen.

Het klassieke poldermodel deed dit jaar wat het al jaren doet. Het werkte niet meer. Dat pensioenakkoord dat het kabinet zo graag wilde, kwam er niet.

Toch zijn het niet de minsten die uitkijken naar een renaissance van de polder. Voormalig internationaal topmanager Ben Verwaayen, VVD-coryfee en ‘Rutte-fluisteraar’, zei vorige week tegen collega Tom-Jan Meeus: „Wat we nodig hebben is een moderne versie van het akkoord van Wassenaar.” Dat akkoord (1982) tussen werkgevers en vakbeweging legde de basis voor herstel na de economische crisis begin jaren tachtig.

Wat hebben de maatschappelijke tafels bereikt? De toekomst van Schiphol is conflictrijk. Er is wél een preventieakkoord. Het klimaatakkoord is na het vertrek van de milieubeweging en FNV per saldo een klimaatafspraak geworden. De tweespalt in dat overleg heeft een concrete parallel met de klassieke polder. Dat is hét eeuwige sociaal-economische thema. Wie betaalt de rekening?

Er zijn zeker drie goede redenen waarom de klassieke polder niet werkt. De eerste is dat alleen oude successen herinnerd worden, zoals ‘Wassenaar’. Alle mislukkingen zijn vergeten. Zo effectief was het ook niet altijd.

Lees ook deze beschouwing over de toekomst van het poldermodel

Tweede reden: de machtsverhoudingen zijn scheefgegroeid. Grote werkgevers staan dankzij mondialisering, belastingverlagingen en tanende vakbondsmacht gewoon sterker. Ook sterker dan nationale politici. Kijk naar de klimaattafels. Daar zitten weinig leden- en donateursorganisaties met een maatschappelijke basis. Maar wel talloze bedrijven. Niks mis mee. Kennis is onmisbaar. Maar waar houdt de kennis op en begint het eigen belang? Tesla zit bijvoorbeeld aan tafel bij de werkgroep elektrische voertuigen. Als er subsidies uit de bus komen voor elektrisch rijden, wie profiteert daar dan ook van? Dat voelt als: wij van WC-Eend adviseren WC-Eend.

De derde reden: de tijdgeest ademt polarisatie. Belangengroepen denken dat er meer te halen is buiten het compromis. Dit zijn een soort jaren zeventig van de vorige eeuw. Dat was geen hoogtepunt van de overlegeconomie.

Daar komt bij: het compromis zit niet vanzelfsprekend in het DNA van organisaties die strijden voor milieu en klimaat. Zij zijn gewend om van buiten naar binnen te ageren. Daarom zijn ze opgericht. En groter geworden. Een klimaattafel verlaten en letterlijk weer op straat staan is voor hen niet zo’n grote stap als voor een werkgeversclub. Bovendien: waarom nu al akkoord gaan? Het debat over de kosten van klimaatmaatregelen begint pas. Nieuwe ronde, nieuwe politieke lobby.

Dat geldt ook voor de FNV. De vakbond vecht voor zijn overleven als belangenbehartiger en zoekt andere strategieën. Worden mensen lid vanwege een nieuw akkoord van Wassenaar? Of vanwege zichtbare actiewinst? Strijd is het nieuwe overleg.

Het poldermodel past zich aan. Of sterft.

Marike Stellinga is afwezig.
    • Menno Tamminga