‘O, dit interieur is toch niet zo strak als ik dacht’

NRC-fotowedstrijd Thijs Wolzak over het thema van januari: ‘Nederland woont’.

Binnenkijken bij Marjan Strijbosch
Binnenkijken bij Marjan Strijbosch Foto Thijs Wolzak

Er zullen in Nederland maar weinig mensen zijn die meer huizen vanbinnen hebben gezien dan Thijs Wolzak. Voor de wekelijkse NRC-rubriek ‘Binnenkijken’ fotografeerde hij gedurende zes jaar zo’n 250 opvallende interieurs. Begin dit jaar stopte de serie, maar wie nog wil nagenieten: in Design Museum Den Bosch is momenteel op de expositie ‘Human Interior’ een selectie op groot formaat te zien. Wolzak: „Alsof je zo het interieur in kijkt, in plaats van naar een foto.”

Zijn ‘Binnenkijken’-foto’s zijn meer dan zomaar plaatjes van mensen in hun woonruimte. „Het is voor mij het verslag van een ontmoeting. Ik probeer alles wat ik zie en meemaak tijdens het bezoek in dat ene beeld te stoppen.” Dat wil zeggen: het interieur, de bewoners en zoveel mogelijk kenmerkende spullen.

Dat luistert nauw, want Wolzak is de meester van het detail. „Ik wil dat je bij wijze van spreken ook nog kan zien wat er linksachter op de foto allemaal in de kast staat.” En als het even kan moet er ook iets ‘schuren’ in beeld. „Dat je een mooi designinterieur ziet, en als je wat langer kijkt ook de verlengsnoeren onder de bank. O, denk je dan, dit is toch niet zo strak als ik dacht. Dat vind ik leuk, want dat brengt verhaal in je foto. Het verhaal van het huis.”

Het standpunt

Hoe hij te werk gaat? Heel veel rondlopen door het huis, daar begint het mee. „Zonder camera, want anders zie je niks.” En dan beginnen de mensen te vertellen. „In mijn hoofd maak ik meteen een prioriteitenlijstje. Welke dingen moeten er zeker op?” Dan het belangrijkst: het standpunt. „Daarmee kun je bepalen volgens welke route de kijker door het beeld gaat. Wat moet groot en zie je het eerst? Wat daarna?”

Spullen versjouwen voor een nog completer beeld, daar doet hij niet aan. „Misschien een stoel een beetje draaien. Maar ik ga niet de tv van de voor- naar de achterkamer verplaatsen. Het moet wel een documentairefoto blijven.” Als alles is ingesteld, inclusief de camera, volgen de proefopnames. „Hoe wil ik de mensen erin? Moet er toch nog ergens een lampje bij?” Eer hij weer buiten staat is hij minstens drie uur verder.

Andere wereld

Verbazing was ooit de basis voor de rubriek. „Die is in al die jaren nooit verdwenen. Verbazing, daar drijft de hele serie op. Je stapt telkens weer een compleet andere wereld binnen. Dat gevoel wil ik aan de kijker overbrengen.” Of het nu om een zelfontworpen kasteel gaat of een rijtjeshuis vol porselein – het interieur is ook een presentatie van jezelf aan de buitenwereld, aan je bezoek, zegt Wolzak. „Het meest interessant vind ik eigenlijk de mensen die nooit bezoekers krijgen. Die zetten geen spullen in huis voor een ander. Bij zo’n interieur kijk je nog meer in die persoon zelf.”

Zoals bij Antonio uit Rotterdam. „Die had ontzettend veel boeken en cd’s, daar bouwde hij een soort altaartjes van.” En bij Gaston, een Belg die al 35 jaar in een klein houten huisje woont. Nooit iets aan opgeknapt, nooit schoongemaakt. Zelfs de oorspronkelijke spinnenwebben en schimmels zaten er nog. „Gaston vindt dat alle organismen gelijkwaardig zijn. Hij heeft er een soort verbond mee: als hij hen met rust laat, doen ze hem ook niks. Sommige mensen zouden zeggen: daar zit een steekje los. Ik vind dat totaal niet belangrijk. Het gaat me om zijn verhaal.”

Binnenkijken bij Gaston Wuestenbergs. Foto Thijs Wolzak

Voelbare ruimte

In een goede foto herken je altijd iets van de maker. Bij Wolzak is dat vooral de manier waarop hij de mens in zijn omgeving plaatst. „Veel fotografen zijn op zoek naar mooie tweedimensionale composities. Ik wil in mijn foto’s juist de ruimtelijkheid voelbaar maken. Ik kan niet anders, dat is hoe ik naar de wereld kijk.” Een foto van zijn hand is daarbij ook vaak goed voor een glimlach. „Ik probeer er altijd een relativering in te stoppen. Een kleine visuele kwinkslag. Dat maakt het interessant.”

Een dissonant in het beeld, iets wat zorgt voor een moment van verwondering, dat is natuurlijk altijd een goede tip. Maar het belangrijkste advies dat Wolzak kan meegeven: „Neem de tijd. Veel mensen lopen meteen met hun camera voor hun gezicht, maken zo twintig foto’s waaruit ze dan de ‘winnende’ kiezen. Maar je zal zien: een echte winnaar zit daar niet tussen. Richt je liever op één wezenlijk ding en bedenk hoe je dat in beeld wil brengen. Dan ben je al een heel stuk verder.”

De rubriek ‘Binnenkijken’ in NRC is gestopt, maar Thijs Wolzak gaat gewoon door met zijn serie. Heeft u suggesties voor bijzondere interieurs? Laat het hem weten via thijs@wolzak.nl. De expositie ‘Human Interior’ in het Design Museum Den Bosch loopt t/m 17 februari 2019. Het begeleidende, 120 pagina’s tellende boek, met tekstbijdragen van Arnon Grunberg en Coen Simon, uitgegeven door Lecturis, is ter plekke én in de boekhandel verkrijgbaar voor 29,95 euro.

    • Jos Jägers