President van De Nederlandsche Bank Klaas Knot: „De maatschappij accepteert de risico’s die er ooit bij banken waren niet meer.”

Foto Merlijn Doomernik

Knot: banken moeten minder winst beloven

Klaas Knot, president De Nederlandsche Bank De economie van de eurozone kan wel een stootje hebben, meent de baas van DNB. In reactie op het schandaal bij ING zegt hij: banken die de strijd tegen witwassen serieus nemen, moeten met minder winst genoegen nemen.

Centrale banken, de onafhankelijke instituten die de waarde van het geld bewaken, krijgen veel kritiek te verduren. Is hun crisisbeleid zodanig uitgedijd dat zij in het vaarwater van de democratie terecht zijn gekomen? En is de financiële sector, na de grootscheepse interventies van centrale bankiers, nu wél bestand tegen een volgende crisis?

Klaas Knot, president van De Nederlandsche Bank, blikt terug op een jaar met hoogte-en dieptepunten. Hij werd herbenoemd in zijn functie én kreeg er een topfunctie bij. Knot gaat aan de slag bij de Financial Stability Board (FSB) in Bazel, het belangrijkste internationale orgaan voor de bewaking van de financiële stabiliteit. Het was ook het jaar van de witwasaffaire bij ING. Over de rol van DNB, de financiële toezichthouder, rezen vragen.

Voor de Europese Centrale Bank (ECB) waarvan Knot in het bestuur zit, eindigde het jaar met een mijlpaal. De ECB stopte met het omstreden beleid van ‘kwantitatieve verruiming’ (Quantitative Easing, QE), waarbij voor 2.600 miljard euro aan staatsleningen en andere leningen werden opgekocht om de inflatie te verhogen. Knot was van begin af aan gekant tegen dit beleid.

Helemaal geschiedenis lijkt QE niet. Volgens ECB-president Draghi maakt QE voortaan deel uit van de ‘gereedschapskist’ van de ECB. Wat vindt u daarvan?

„Als je een instrument eenmaal gebruikt hebt, maakt het daarna per definitie deel uit van je gereedschap. Ik wil wel nog eens benadrukken dat ik dit geen standaardinstrument vind, en dat het in de toekomst dus alleen moet worden gebruikt wanneer het risico op deflatie [een negatieve prijsspiraal, red.] evident is. Want QE is ook een instrument waarmee de risicobeprijzing op financiële markten in verregaande mate wordt verstoord.”

Knot doelt op het drukkende effect van de ECB-opkopen op de rente. Het risico dat je normaliter afleest aan die rente, wordt goeddeels onzichtbaar, een effect dat doorwerkt op de rest van de markten.

Draghi schetste juist een zeer positieve balans van de inzet van QE.

„QE heeft een aantal merkbare effecten gehad. Het heeft de leenkosten in de eurozone verder verlaagd, en daarbij ook de verschillen tussen noord en zuid verminderd zodat de fragmentatie binnen de eurozone is tegengegaan. Het heeft het economisch herstel ondersteund, hoewel dat al duidelijk op gang was gekomen voordat QE begin 2015 werd ingevoerd. Het uiteindelijke doel van QE was om de inflatie in de eurozone naar een hoger niveau te brengen [naar vlak onder de 2 procent, red.]. Als je kijkt naar de kerninflatie, dus zonder energie en voedingsmiddelen, dan moet je constateren dat die nog steeds rond de 1 procent schommelt, en dus nog geen teken van leven vertoont. Op de wisselkoers van de euro heeft QE weer wél een merkbaar effect gehad. Die ging omlaag. Dit is voor de hele eurozone belangrijk geweest. Daar heeft elke exporterende lidstaat van geprofiteerd.”

Maar hebben we zo niet gedaan wat we Italië vroeger altijd verweten: met een lagere wisselkoers uit de problemen proberen te komen?

„Ja, in zekere zin wel. Vóór ons hebben de Amerikanen dat overigens gedaan, en daarna de Britten en de Japanners. Maar het verlagen van de wisselkoers stelt ook noodzakelijke aanpassingen uit. Het is een goedkope manier om niet te hoeven hervormen. Of er een direct verband is, weet ik niet, maar het hervormingsmomentum in de eurozone is eveneens stilgevallen vanaf ongeveer 2015.”

Knot schetst een negatievere balans van QE dan Draghi. Hij spreekt van „zombificatie”: bedrijven die eigenlijk niet levensvatbaar zijn, konden door de zeer lage rentes blijven voortbestaan. Leningen die banken aan zulke bedrijven hebben verstrekt, hoeven dan formeel niet te worden afgeschreven, terwijl ze feitelijk oninbaar zijn. Knot: „Zombiebedrijven leiden zo tot zombiebanken. Dat de markt hier zijn werk niet kan doen, leidt tot een lagere productiviteitsgroei.”

Centrale banken krijgen steeds meer kritiek vanuit de politiek, ondanks hun onafhankelijkheid. Dat is zo in de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Turkije en India. Hoe komt dat?

„De rol van centrale banken, en hun voetafdruk in de economie, is door alle crisismaatregelen veel groter geworden. We hebben met het aankoopbeleid van staatsleningen bijvoorbeeld de leenkosten van overheden beïnvloed. Daarmee kom je dichter en dichter bij het begrotingsbeleid. En dát beleid hebben we vanzelfsprekend onderworpen aan democratische controle. Dus als je je als centrale bank in die richting beweegt zijn er mensen die zeggen: ho ho, hadden we dat niet onderworpen aan democratische controle? Daar zit ogenschijnlijk wel enige logica in.

„Toch klopt die redenering uiteindelijk niet, omdat het beïnvloeden van begrotingen niet een doelstelling is van onze acties. Want die worden gemotiveerd vanuit ons streven naar prijsstabiliteit en dat is ons mandaat waarvoor we in de uitvoering bewust vrijgesteld zijn van democratische controle.”

U wordt voorzitter van de Financial Stability Board. Sluit dat een eventuele functie bij de ECB uit?

„Ik ben dit jaar herbenoemd als president van De Nederlandsche Bank, en kreeg de topfunctie bij de FSB. Dat is waarop mijn inspanningen nu gericht zijn. En hoe dan ook: tot aan de verkiezingen voor het Europees Parlement in mei volgend jaar is elke speculatie over Europese rollen zinloos. Daar wil ik geen bijdrage aan leveren.”

Wat zijn uw plannen bij de FSB?

„Allereerst pal staan voor de financiële hervormingen die de laatste tien jaar zijn doorgevoerd. Er is een sterke lobby vanuit het internationale bankwezen om hier en daar gas terug te nemen. Daar zal ik mij met hand en tand tegen verzetten. Het nu bereikte niveau van veiligheid in het bankwezen moet worden gehandhaafd.” De kapitaaleisen voor banken noemt Knot het allerbelangrijkst. „Als je mij vraagt wat er mis is gegaan, dan zeg ik dat het voor 2008 mogelijk was om een internationaal actieve bank te runnen op 2 procent eigen vermogen ten opzichte van de risicogewogen uitzettingen. Nu zitten de meeste Nederlandse banken ruim in de dubbele cijfers. Dat vind ik de grootste prestatie van het toezicht na de crisis.”

De economie van de eurozone verliest vaart. Is het monetaire beleid klaar voor een eventuele economische neergang?

„We hebben op dit moment monetair niet veel beleidsruimte over. Maar we moeten ook niet in de val lopen te denken dat elke neergang die we nu gaan meemaken even erg wordt als de crisis van 2008. Een recessie moet een reden hebben, met onevenwichtigheden die zijn ontstaan en gaan opspelen. Onevenwichtigheden van een omvang als in 2008/2009 zie ik op dit moment niet. Dat de groei nu vertraagt, is onmiskenbaar. Maar een groot deel van de wereldeconomie opereert nu simpelweg op volledige bezetting. Dan kun je nauwelijks anders verwachten dan dat de groei wat terugvalt. En er zijn tijdelijke factoren zoals de problemen bij de Duitse auto-industrie. In Europa worden ook wat eigen doelpunten gescoord: de Brexit, Italië.

“De afname van de groei zal minder ingrijpend en minder dramatisch zijn dan de vorige keer”

„Maar er zijn nu ook allerlei vangnetten die er tien jaar geleden niet waren. De economie is sterker, de arbeidsmarkt robuuster. De eurozone-economie kan wel een stootje hebben. De afname van de groei zal minder ingrijpend en minder dramatisch zijn dan de vorige keer. De financiële sector staat er, afgezien van erfenissen uit het verleden zoals bijvoorbeeld nog in Italië, gezonder voor.”

In eigen land bleef de financiële sector in 2018 niet onbesproken. Nederlands grootste bank, ING, trof een schikking met het Openbaar Ministerie voor een recordbedrag van 775 miljoen euro vanwege structurele overtreding van antiwitwaswetgeving. Criminelen konden tussen 2010 en 2016 hun geld nagenoeg ongestoord via ING-rekeningen doorsluizen. Ook DNB, als toezichthouder verantwoordelijk voor antiwitwasbeleid van banken, ontkwam niet aan kritiek. Tweede Kamerleden van onder meer het CDA en GroenLinks vroegen zich af waarom DNB niet was overgegaan tot ‘hertoetsing’ van de ING-top: het opnieuw testen van geschiktheid en het desnoods wegsturen van bestuurders. Het vertrek van financieel directeur Koos Timmermans, een week na bekendmaking van de schikking begin september, vond plaats na politieke druk van minister Wopke Hoekstra (Financiën, CDA). Normaliter doet DNB geen uitspraken over individuele instellingen waarop zij toezicht houdt. Toch wil Knot wel wat kwijt.

Hoe kijkt u als president van DNB terug op de ING-zaak?

„In de Nederlandse economie gaat voor tientallen miljarden aan crimineel geld rond. Dat geld is voortdurend bezig zijn weg te vinden van de onderwereld naar de bovenwereld. Dat gaat helaas ook via banken. Banken moeten hun poortwachtersfunctie daarom ontzettend serieus nemen. Ze moeten de systemen op orde hebben en zodra er vermoedens zijn van witwassen, moeten die onverwijld worden gemeld en moeten er ook maatregelen worden genomen. Het is duidelijk dat deze instelling deze zaken niet op orde had.

Lees ook: De witwasjagers van ING: geen ervaring, geen financiële achtergrond

„Wij zijn als toezichthouder samen met het Openbaar Ministerie opgetrokken. Waar sprake is van concrete, bewijsbare overtredingen, wordt het een zaak voor het Openbaar Ministerie. ING heeft van het OM feitelijk een boete gekregen. Volkomen terecht, denk ik. De instelling werkt nu aan het op orde brengen van de systemen, zodat dit niet meer kan gebeuren, en wij houden daarop verscherpt toezicht. Dat laatste geldt overigens evenzeer voor de andere Nederlandse financiële instellingen.”

Timmermans moest naar verluidt vertrekken onder druk van de minister. Is het aan de politiek om iets te zeggen over het vertrek van bankbestuurders? Dat is toch iets voor DNB?

„De minister heeft zijn eigen verantwoordelijkheid, daar wil ik geen enkel oordeel over uitspreken. Wij hebben zelf een verantwoordelijkheid bij het toetsen en hertoetsen van bestuurders. Dat is een zeer, zeer zorgvuldig proces met allerlei waarborgen, waarin we veel informatie verzamelen voordat we tot een conclusie komen.”

ING bood zijn aandeelhouders in 2016 en in 2017 een rendement op de belegging van zo’n 10 procent. Volgens Knot mag het streven naar winst nooit ten koste gaan van compliance, het interne toezicht op onder meer witwassen.

Hoe kan het dat de capaciteit voor compliance bij ING tekortschoot terwijl ING zo veel winst maakte?

„Dat is een verkeerde keuze geweest. De commercie heeft geprevaleerd boven compliance en risicobeheer. Risico en rendement zijn twee zijden van dezelfde medaille. We willen als maatschappij nadrukkelijk een bankwezen met lagere risico’s. De keerzijde is: lagere rendementen voor aandeelhouders van de banken.

„Je moet als bank je winst behalen onder naleving van de geldende wet- en regelgeving onder alle omstandigheden. Daar horen kosten bij en dus ook een lagere winstgevendheid. De speelruimte binnen de wet- en regelgeving is de afgelopen jaren bewust kleiner gemaakt. De maatschappij accepteert de risico’s die er ooit bij banken waren niet meer. Ik betwijfel of dit al voldoende is meegewogen in de rendementen die banken hun beleggers nu nog voorspiegelen.”