Geen migrant mee terug, maar dat deert niet

We Gaan Ze Halen

Het is dominee Rikko Voorberg niet gelukt om migranten uit Griekse kampen mee terug te brengen naar Nederland. „Maar ze staan weer wel op de agenda.”

Actievoerders bij het vertrek van de bus in Utrecht.
Actievoerders bij het vertrek van de bus in Utrecht. Foto Koen van Weel/ANP

In de stromende regen op een parkeerplaats in Utrecht staat een dominee. Bruine trenchcoat. Hippe bergschoenen. Zijkant van zijn blonde haar opgeschoren. Rikko Voorberg (38), een vrijgemaakt-gereformeerde ‘hipsterdominee’ uit Kampen, staat de pers te woord.

Het is vrijdagochtend, 8.51 uur. „Als Nederland het niet doet, gaan wij alvast rijden”, zegt Voorberg. Hij hoopt op een wonder. „Het is Kerst, dus wie weet.”

Zijn doel: 150 vluchtelingen ophalen uit Griekenland. In een brief heeft hij de Griekse premier Alexis Tsipras ingelicht dat hij, samen met zijn stichting ‘We Gaan Ze Halen’, maandagmiddag op het Syntagma-plein voor het parlement zal staan. Via crowdfunding heeft de actiegroep meer dan 54.000 euro ingezameld. De stichting heeft een oude stadsbus gekocht waarin plaats is voor zeventig vluchtelingen, mits de Griekse overheid daarmee instemt.

In 2015 ondertekende Nederland een EU-akkoord waarmee tot en met 2017 zo’n 160.000 vluchtelingen uit Italië en Griekenland zouden verdeeld worden onder lidstaten. Nederland zou ruim 8.700 vluchtelingen opnemen maar bleef steken op 1.800. We Gaan Ze Halen spande daarom een rechtszaak aan. Maar het gerechtshof in Den Haag stelde in de zomer van 2017 dat Nederland wel degelijk genoeg doet. Na dat oordeel zei Voorberg dat hij zelf wilde gaan rijden. Nu is het zover.

Vijfentwintig auto’s versierd met vlaggetjes en stickers hebben een colonne gevormd achter de stadsbus. Oranje-groene sjaals met ‘We Gaan Ze Halen’ worden uitgedeeld, een Syrische artiest zingt Arabische liederen. Een oudere vrouw slaat haar armen om Voorberg heen. „Gods zegen”, fluistert ze in zijn oor.

Voorberg knuffelt zijn vrouw en twee kinderen en stapt in. De bus, zeven mensen aan boord, begint te rijden. Gejuich, toeterende auto’s. Drieduizend kilometer tot Athene. En zeventig met stof beklede stoelen, leeg. NRC rijdt mee.

12.15 uur: Dat geluid hadden ze al eerder in de bus gehoord: piep, piep, piep. Er is iets mis. Een van de activisten probeert het alarm af te zetten. Tevergeefs. Pas 120 kilometer op de teller. Ze parkeren bij tankstation ’t Haasje – de ironie ontgaat niemand – voorbij Eindhoven. Een monteur wordt gebeld. Vijf uur later rijden we weer. De reparatie kostte zo’n 600 euro.

21.57 uur: Een rode lamp in het dashboard begint te knipperen. De chauffeur stuurt het voertuig een parkeerplaats langs de snelweg op. 300 kilometer gereden, Bonn net achter ons. Het koelwater blijkt niet bijgevuld en één van de chauffeurs mist de juiste papieren voor het buitenland. Deze bus gaat definitief niet naar Griekenland. Vannacht slaapt de groep in een Duits motel.

Zaterdag

Lees ook: Bus ‘We Gaan Ze Halen’ in Duitsland opnieuw gestrand

9.34 uur: „Wat zetten we erop? Wird schnell abgeholt? Panne?’’, vraagt Voorberg. Met een kartonnen doos en een pen in de hand zit hij achter het stuur van de bus. Zijn mede-organisator Johannes van den Akker: „Wordt snel opgehaald. Schrijf dat maar.” ‘Wird bald repariert’. Ze hebben een zwarte Ford S-max gehuurd om mee verder te rijden. Tassen, banners en sjaals voor de actie worden overgeladen.

10.25 uur:„Van ruimte voor zeventig naar ruimte voor vijf”, zegt Voorberg nog altijd met een lach. De bus rijdt niet meer, maar heeft zijn nut wel degelijk bewezen, zegt Voorberg. Zijn actie heeft wat de predikant betreft zijn werk inmiddels gedaan: We Gaan Ze Halen heeft de aandacht gekregen van de internationale pers. Terwijl het Duitse landschap voorbijvliegt, heeft Voorberg voor bellende journalisten zijn verhaal klaar. Ja, zegt hij, de bus rijdt niet meer, maar ze hebben genoeg geld voor vliegtickets voor de vluchtelingen. Nee, ze gaan niemand zonder toestemming van de autoriteiten meenemen.

11.48 uur: Van den Akker – kale kop, pelgrimsbaard – analyseert met de computer op schoot de reacties online „Kijk, Harbers heeft voor RTL Nieuws herhaald wat hij eerder al zei”, zegt hij. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid zegt dat het plan van We Gaan Ze Halen neerkomt op mensensmokkel. ‘Crowdfundcriminelen’ kopt GeenStijl. Voorberg lacht: „Zo slecht geïnformeerd allemaal. We hebben duidelijk gezegd dat we vluchtelingen niet illegaal de grens over zullen nemen.”

Een Iraanse man mailt met zijn familie te zijn gestrand in een Bosnisch kamp. Of de actiegroep hen misschien kan helpen. Een verklaring in het Arabisch, Farsi, Frans en Engels waarin We Gaan Ze Halen stelt dat ze niet zomaar mensen kunnen meenemen, heeft niet alle geïnteresseerden bereikt.

21.30 uur: Slovenië. Rikko Voorberg oreert, één hand op het stuur, met de ander zet hij zijn argumenten kracht bij. Hij verwacht niet dat deze actie gaat lukken – of tot een politieke doorbraak zal leiden. „Het gaat om de lange adem.” Hij organiseerde eerder demonstraties in Brussel en Den Haag. Deze keer zijn ze voor het eerst écht gaan rijden. Aanleiding was een rapport van Artsen Zonder Grenzen in september. De hulporganisatie omschreef hoe kinderen in kamp Moria op het Griekse eiland Lesbos suïcidaal raken vanwege de uitzichtloosheid van hun situatie.

Hij is dominee, maar wil niet dat de reis gezien wordt als een christelijke actie. De chauffeurs die meedoen hebben volgens hem allemaal een eigen overwegingen, ook al ligt zijn geloof wel aan de grondslag van zijn motivatie.

Kerstmis is voor hem tot iets verworden wat het niet hoort te zijn. Nederlanders vieren de geboorte van Jezus veilig thuis, hij ligt in een kerststal of hangt in een kerstboom. „Dat kindje is niet meer bedreigend, maar dat was hij wel voor het Romeinse Rijk toen hij werd geboren.”

Juist Kerst is voor hem het moment om kritisch te zijn over de heersende macht. En op zoek te gaan naar waar het „donker” is. „Daar moet ik zijn, ook als ik niet weet hoe het licht aangaat.”

De voormalige stadsbus komt tot tweemaal toe tot stilstand. Foto Christiaan Paauwe

Zondag

7.04 uur: Na een overnachting in de buurt van Zagreb moet de Duitse huurauto achtergelaten worden. Het voertuig mag van de verhuurder niet verder mee via Servië naar Griekenland.

De buschauffeur die meerijdt vertelt over de dagelijkse tekst uit de bijbel die hij via een app op zijn telefoon krijgt . ‘Ik zal mijn volk uitleiden’, stond er deze ochtend. „Jongens, het is nog te vroeg voor dit soort discussies”, breekt Voorberg zijn religieuze ochtendoverpeinzingen af.

8.18 uur: Voorberg loopt een rondje om het nieuwe busje. Een zwarte Mercedes Vito met geblindeerde ramen. „Totaal niet verdacht verder”, zegt een meereizende cameraman. Nog 1.500 kilometer tot Athene.

08.27 uur: Voorberg en Van den Akker nemen achterin het busje een filmpje op. Een peptalk voor de andere chauffeurs. „We worden met open armen opgewacht vanavond”, zegt hij. „Er wordt al gekookt.”

De andere auto’s hebben uren in de file gestaan. Een duo strandde bij de Servische grens omdat een paspoort niet lang genoeg geldig was. Voorberg kan niet zeggen hoeveel auto’s er vanavond zullen aankomen in Macedonië.

19.14 uur: Veles, Macedonië. Voorberg en Van den Akker worden onthaald met geklap door een groep van 35 activisten. De ontvangst is in het huis van een echtpaar dat migranten opvangt. De man wil haast maken: er is vanavond gereserveerd in een restaurant. De predikant neemt weer het woord, hij is zijn stem al bijna kwijt. Een kop thee moet helpen. „Wat er morgen ook gebeurt, het is extra”, zegt Voorberg met vermoeide ogen en een schorre stem. Door de aandacht voor de actie is hun doel eigenlijk al bereikt. Nog zeven uur naar Athene, maar ze willen om 12.00 uur voor het parlement staan. Morgen is de grote dag. Als ze hier blijven overnachten wordt het te krap.

Rikko Voorberg spreekt tot slot activisten toe in Athene.
Foto Christiaan Paauwe
Rikko Voorberg (r) en Johannes van den Akker (l) in Athene.
Foto Christiaan Paauwe

Maandag

8.34 uur, Griekse tijd: Athene. Een Griekse koepelorganisatie voor vluchtelingen heeft op Facebook een verklaring rondgestuurd dat de actie valse hoop biedt aan migranten. Voorberg reageert kortaf. „Waar is die Facebook-pagina?” De groep heeft de hele nacht doorgereden om op tijd in Athene te zijn. In het huis van een Nederlandse journalist worden voorbereidingen getroffen. Speaker controleren. Laatste communicatie uitsturen. „Heb je een strijkbout?” vraagt Voorberg. Het grote spandoek dat ze willen gebruiken tijdens de actie is gekreukeld onderweg.

De predikant besluit niet te reageren op de verklaring. De koepelorganisatie heeft volgens hem een ander belang dan zij, namelijk de zorg van migranten. Dat moet je respecteren.

11.20 uur: Op een zanderige parkeerplaats in Athene druppelen de auto’s binnen, twintig in totaal. „Als je voelt dat het onveilig is, laat dan je sjaaltje achter en loop rustig weg”, zegt Voorberg. Ze hebben contact met een Griekse politicus die de demonstratie heeft aangekondigd maar niemand weet wat er zo gaat gebeuren.

Bij aankomst op het Syntagma-plein staan politieagenten klaar en wijzen naar een buslaan. De dominee stapt uit een gehuurde rode tourbus waar een batterij aan camera’s en enkele tientallen geïnteresseerden hem staan op te wachten. Gele vlaggen tonen dat de antifascistische Griekse beweging KEERFA er ook is.

13.09 uur: Bij de ingang van het Griekse parlement wordt de groep opgewacht door oproerpolitie. Een tiental agenten staan met een strak gezicht paraat. Hand op de gummiknuppel, een politieman doet de beschermkap van zijn helm naar beneden. Maar wanneer de vijftig actievoerders en migranten zingend aankomen, mag Voorberg met Van den Akker toch naar binnen om de brief af te leveren met hun verzoek.

Lees ook: ‘We Gaan Ze Halen’ zonder asielzoekers terug naar Nederland

13.32 uur: Voorberg komt het parlement weer uitgelopen. Het is gelukt – soort van. Nee, zegt hij, ze hebben Tsipras niet gesproken, maar wel de brief mogen overhandigen bij het secretariaat van het parlement. Nu is het verder wachten op een reactie. Inmiddels is de groep die buiten staat verder gegroeid. Van verschillende kanten vragen enkele Irakezen, Afghanen en Syriërs of ze meekunnen in de bus naar Nederland. „Kan je mij niet helpen?”

Ze hebben hun dossiers mee. Verklaringen over hun psychische problemen van Artsen Zonder Grenzen. Foto’s van hun aankomst in een bootje op Lesbos. Een meisje vertelt Voorberg dat haar vader medicijnen nodig heeft. De predikant kan haar in contact brengen met een hulporganisatie, maar haar niet zomaar meenemen.

14.10 uur: Op een verhoging naast de ingang van het parlement spreekt de predikant de groep van activisten en migranten toe. De actie is voorbij. Iedereen is van harte welkom op de Lykavittós-heuvel van Athene om Kerstavond samen te vieren. Als Voorberg langs het parlement naar beneden loopt richting het Syntagma-plein voor een taxi, komt een tiental Afghanen hem achterna.

Die avond staan meer dan honderd migranten op de heuvel. Wederom met hun juridische dossiers en vragen om hulp. Ja, voor Voorberg is het pijnlijk dat hij ze moet teleurstellen. „Maar je merkt dat ze ook dankbaar zijn: relocatie uit Griekse vluchtelingenkampen is wel weer onderwerp van gesprek.”

Op Tweede Kerstdag rijdt We Gaan Ze Halen zonder vluchtelingen of een Griekse reactie terug naar Nederland.

    • Christiaan Paauwe