Opinie

    • Mirjam de Winter

Held

Aan de oever van de Hollandsche IJssel lag alleen nog een jas. Zo’n fluoriserende werkmansjas, half opengeklapt in het talud langs de dijk. De 51-jarige verkeersregelaar uit Rotterdam had hem nog snel uitgetrokken voordat hij de ijskoude rivier in sprong, achter de auto aan die hij achteruit de dijk af had zien rijden, zo het water in. Schoenen of laarzen zag ik niet liggen, maar ik stelde me voor dat hij die had aangehouden om over de basaltblokken aan de waterkant te kunnen klauteren.

„Had u het gedurfd?”, vroeg ik aan een oudere agent die naast me zijn handen stond te warmen aan een bekertje koffie. „Gedurfd wel, maar gedaan niet”, antwoordde hij nuchter. „Te koud, te veel stroming.” Ik knikte. In het water zochten duikers en een sonarboot intussen al bijna twee uur naar de man. De witte Toyota, met daarin het lichaam van de 75-jarige bestuurster, was inmiddels al wel gevonden en boven water getakeld. Een medewerker van het duikteam klom de dijk op en gaf een tas aan de agent. Een grote, grijze handtas, waar straaltjes water uitliepen. „Van mevrouw?”, vroeg de agent. „Van mevrouw”, zei de duiker.

De bandensporen in het gras werden gemarkeerd met een witte spuitbus en vanaf het grasveld naast de dijk steeg de traumahelikopter op. Een woordvoerder van de brandweer kondigde aan dat de reddingsactie gestaakt werd, omdat de kans de man nog levend terug te vinden inmiddels nihil was. Te koud water, te veel stroming. Sonarboten zouden de hele avond nog doorzoeken naar het lichaam van de verkeersregelaar.

„Wat een held”, fluisterde een voorbijganger, die de afloop van de zoektocht wilde afwachten. Ook burgemeester Oskam van Capelle aan den IJssel was naar de dijk gekomen. „Een dubbele tragedie”, zei hij hoofdschuddend. „Heb je ’s ochtends je vrouw nog gedag gezegd, kom je nooit meer thuis omdat je iemands leven probeerde te redden.” De voorbijganger vertelde dat hij had gehoord dat de vrouw op het smalle, kronkelige dijkje achteruit was gaan rijden, omdat de weg was afgesloten voor asfalteerwerkzaamheden. Misschien was de vrouw teruggestuurd door de verkeersregelaar, speculeerde de voorbijganger, en was hij uit schuldgevoel achter haar aangesprongen? Of was het een eerste, natuurlijke reactie? De voorbijganger begreep dat wel: „Je blijft toch niet toekijken hoe zo’n auto onder water verdwijnt?”

Toen ik bij het vallen van de avond weer in mijn auto stapte, durfde ik niet te keren op de dijk. Een brandweerman bood zijn hulp aan. Voorzichtig reed hij mijn auto in z’n achteruit over het smalle dijkje, richting een parkeerplaats. Ik wilde hem nog bedanken en uitleggen waarom ik niet durfde, maar hij had geen uitleg meer nodig, zei hij.

Het lichaam van Salih Ugur Papadogan (een Turkse Rotterdammer en vader van vijf kinderen) werd iets na middernacht op de bodem van de rivier gevonden door een sonarboot, vlakbij de plek waar hij in het water was gesprongen. De volgende dag droegen verkeersregelaars door het hele land zwarte lintjes op hun fluoriserende jassen. Als eerbetoon aan ‘hun’ held.

Mirjam de Winter (@mirjamdewinter) is freelance journalist en stadsgids in Rotterdam.

    • Mirjam de Winter