Opinie

    • Ben Tiggelaar

Topmanagers: mooie plannen, geen actie

Column Ben Tiggelaar Topmanagers geloven dat er behoefte is aan bestuurders met méér zelfreflectie. Maar veranderen? Dat doen ze niet, constateren ze zelf.

None

Ik las het deze week bij de collega’s van Trouw. Het lukt Nederlandse topmanagers niet om hun eigen ambities waar te maken op het gebied van innovatief, duurzaam ondernemen. Het bericht was gebaseerd op onderzoek van Bureau Hofkes Reputatiemanagement (BHRM). Dat ondervroeg tachtig bestuurders uit de publieke en private sector. Die vertelden, anoniem, welk type leiderschap er nodig is en hoe het er nu voorstaat.

Korte samenvatting van de resultaten: topmanagers geloven dat er dringend behoefte is aan een nieuw type bestuurder. Iemand met meer zelfreflectie, met een verbindend vermogen, dienstbaar aan de maatschappij en gericht op de lange termijn. Iemand die zich ook hard maakt voor een circulaire, groene economie. Maar in de praktijk zien de ondervraagden dit leiderschap nog niet. Volgens hen zijn de meeste bestuurders – inclusief zijzelf – te behoudend, te weinig aanspreekbaar en te veel gericht op winst op de korte termijn.

Volgens de onderzoekers van BHRM neemt het vertrouwen van de samenleving in topmanagers steeds verder af. Een lichtpuntje is volgens hen dat de ondervraagde leiders de noodzaak tot verandering nu wel zien.

De verschillen tussen vrouwelijke en mannelijke leiders zijn opmerkelijk. Vrouwelijke topmanagers herkennen zichzelf meer in het nieuwe, gewenste profiel dan mannen (79 procent tegenover 40 procent). Vrouwelijke bestuurders zijn bovendien meer bereid om persoonlijk te veranderen, bijvoorbeeld door middel van training en coaching, dan hun mannelijke collega’s (91 procent tegenover 35 procent).

Wat moet je hier nu mee? Allereerst: dit onderzoek laat zien dat topbestuurders ook maar gewoon mensen zijn. Ook zij hebben dromen over wie ze zouden willen zijn. Ze zouden geduldiger willen zijn, met meer oog voor hun medemens en de maatschappij. Tja, wie niet, denk ik dan.

Het alarmerende is echter dit: ondanks dat de ondervraagde bestuurders grote veranderingen nodig vinden, ondernemen ze – met name de mannen – geen serieuze pogingen om hieraan te werken. Dat constateren ze zelf.

Wanneer het gaat om oudere bestuurders die op het punt staan het stokje door te geven, dan is dit nog geen ramp. Ik zeg: kies als het even kan een geschikte vrouw als opvolger en maak plaats. Wacht daar niet langer mee.

Maar wanneer het om bestuurders gaat die nog een paar jaar blijven zitten, dan is een laisser faire-houding funest. Waarom zouden andere medewerkers in het bedrijf werken aan positieve verandering, als de leiding zelfgenoegzaam afwacht tot de wereld ‘vanzelf’ beter wordt?

Kerst is voor veel mensen een tijd voor reflectie. Waar zouden managers, bestuurders en andere leiders – huidige en toekomstige – over moeten nadenken? Toch vooral over de vraag hoe je kunt worden wie je, volgens jezelf, zou willen zijn. Hoe je daadwerkelijk kunt laten zien dat het menens is met de zorg voor mens, milieu en maatschappij.

Het is zoals Clayton Christensen, hoogleraar aan de Harvard Business School, een paar jaar geleden krachtig formuleerde in zijn boek How will you measure your life: „Als de beslissingen die je neemt over het investeren van je bloed, zweet en tranen niet consistent zijn met de persoon die je zou willen zijn, dan zul je nooit die persoon worden.”

Ben Tiggelaar is gedragsonderzoeker, trainer en publicist. Hij schrijft elke week over management en leiderschap.

    • Ben Tiggelaar