Hoe in 2018 het geweten terugkeerde in de popmuziek

Pop in 2018 Dankzij vrouwen hervond popmuziek dit jaar haar geweten. Met songs over genderbending, diversiteit en protest tegen nationalisme en oorlogsgeweld was het een radicaal goed popjaar.

Janelle Monae op het Global Citizen Festival concert in Central Park in New York.
Janelle Monae op het Global Citizen Festival concert in Central Park in New York. Foto Caitlin Ochs/Reuters

2018 is het jaar waarin de popmuziek haar geweten hervond. Een popmuzikant die anno nu zijn of haar blikveld sluit voor Brexit, vluchtelingenproblematiek, genderdiscussie of de crisis in het wereldleiderschap, heeft niet veel meer in de melk te brokkelen. De internationale albumjaarlijsten laten opvallende trends zien:

1. Vrouwen zijn in opmars

2. Genderbending is hot

3. Politiek engagement is cool

4. Vernieuwing wordt beloond

Janelle Monáe, vaak bestempeld als het vrouwelijke antwoord op Prince, maar inmiddels een muzikale wervelstorm op eigen kracht, maakte met Dirty Computer het album waarin deze vier verworvenheden op fenomenale manier samenkomen. „I’m powerful with a little bit of tender”, zingt ze in het zoet-sensuele ‘Make Me Feel’. „An emotional sexual bender.” De vrouw die acht jaar geleden nog met volle overtuiging kon beweren dat ze van een andere planeet kwam, plaatst zich nu in het middelpunt van de maatschappelijke discussie.

Dit vonden de recensenten van NRC de beste popmuziek van 2018

In het sleutelnummer ‘Americans’ hekelt Monáe het nationalisme, de oorlogszucht, het racisme en de achterhaalde seksuele moraal van veel van haar landgenoten. „I like my women in the kitchen”, laat ze de mannelijke protagonist van haar lied zeggen. „I teach my children superstition.” Pas wanneer „same gender loving people” kunnen zijn wie ze zijn, pas wanneer mensen van kleur veilig over straat kunnen zonder door een politieagent in het hoofd geschoten te worden, pas wanneer Latino’s niet door muren worden tegengehouden, dan pas is dit háár Amerika.

Nachtmerries

Het geweten van de popmuziek is voor een belangrijk deel in handen van vrouwen. In de albumlijst van Rolling Stone – rapster Cardi B op 1, countryzangeres Kacey Musgraves op 2 – wordt Janelle Monáe overtroefd door de zelfbenoemde „small town lesbian folk singer” Brandi Carlile, die het in emotionele songs als ‘The Joke’ en ‘Hold Out Your Hand’ opneemt voor diversiteit en gelijke rechten voor iedereen, van transgender tot vluchteling. Als een hedendaagse Woody Guthrie zingt ze tijdens demonstraties en als de nieuwe Johnny Cash trad ze op in de gevangenis, de Washington Correction Center for Women waar ze al tien jaar over de vloer komt om vrouwen te bezoeken.

Carlile bezingt de echte wereld in popteksten die vlammen van compassie en strijdlust, zoals Courtney Marie Andrews haar medeleven met anderen tot onderwerp heeft gemaakt van het diep doorleefde album May Your Kindness Remain. Blijf vriendelijk, blijf zacht onder moeilijke omstandigheden, bepleit Andrews in muziek die niet het grote publiek haalde van Cardi of Musgraves, maar die de americana uit de stoffige hoek van traditionalisme en gezapigheid trok. Courtney Marie Andrews verbindt country, folk en soul in een explosieve cocktail die muren omver haalt en mensen bij elkaar brengt.

Dieper in de marge van de populaire muziek maakte oudgediende Mary Gauthier een van de meest aangrijpende platen van het jaar. De inspiratie voor haar album Rifles and Rosary Beads haalde ze bij soldaten, veteranen uit de oorlogen in Irak en Afghanistan die bloedstollende verhalen vertelden over hun belevenissen en trauma’s. Gauthier kneedde haar gesprekken met de veteranen tot poëtische teksten over schuld en boete, van de nachtmerries die oud-soldaten achtervolgen tot de moeilijkheden die ze ondervinden bij het vinden van hun plek in de burgermaatschappij. In het nummer ‘Brothers’ zingt Gauthier, zelf al jaren uit de kast als lesbisch folk-icoon, over de vrouwen die even hard meevochten, maar die door de mannenbroeders op veteranendag niet als gelijken erkend worden. „Brothers in arms, your sisters covered you”, huilt de vrouwelijke ex-soldaat in stilte, „don’t that make us your brothers too?”

Genderprovocatie

Waar vrouwen geneigd zijn om te fluisteren, schreeuwen mannelijke popmuzikanten hun engagement van de daken. De Britse punkband Idles kwam dit jaar met het explosieve album Joy As An Act Of Resistance, dat de vloer aanveegt met de angst voor het onbekende. Die voedde volgens zanger Joe Talbot de ‘leave’-stemmen bij het Brexitreferendum. „Fear leads to panic”, schreeuwt de band het unisono uit. „Panic leads to pain. Pain leads to anger, anger leads to hate.” De songtitel ‘Danny Nedelko’ werd ingegeven door de gelijknamige vriend van de band, een Oekraïense immigrant die zijn zorg uitsprak over het Britse nationalisme waardoor hij zich steeds minder welkom voelt. Idles vertaalde Nedelko’s ongerustheid in een nummer dat uitpakte als „half protestsong, half meezinger voor de voetbaltribune”.

Song van het jaar volgens de gezaghebbende lijst van het muziekblad Mojo is ‘Girlfriend’ van het Franse zang- en dansfenomeen Christine and the Queens. Een „seks- en genderprovocatie”, noemt Mojo het lied over lesbische liefde waarin zangeres Héloïse Letissier alle clichés over lieve, zachte, op de ware liefde wachtende meisjes naar de prullenbak verwijst. Liefde tussen meiden is stoer, romantisch, radicaal en onoverwinnelijk, meldt Letissier.

Neneh Cherry, Courtney Barnett, Cat Power en nieuwkomer Kali Uchis zijn andere vrouwen die zich dit jaar in de kijker speelden met muziek die boven het maaiveld uittorent. De band Low, al een kwart eeuw actief als koploper van de slowcore, is het beste bewijs van de vanzelfsprekende rol die vrouwen opeisen in de popmuziek van nu. Low vernieuwde zichzelf drastisch op het album Double Negative (1 in de albumlijst van Uncut, 2 in OOR) waarop het nietsontziende geknetter van elektronica de rol van de elektrische gitaar als gangmaker van hun opwindende indierock heeft overgenomen. Achter het drumstel zingt Mimi Parker haar berustende zangmelodieën, in het oog van een muzikale orkaan die gewone popmuziek ver achter zich laat.

    • Jan Vollaard