‘Heerlijk om die mannen voorbij te rennen’

Andreaspenning 79 jaar is ze. Maar Rietje Dijkman sport nog altijd fanatiek en zet zich in voor haar atletiekvereniging. Deze week werd ze geëerd.

Rietje Dijkman won meer dan 100 medailles en brak ruim 130 records op verschillende disciplines binnen de atletiek.
Rietje Dijkman won meer dan 100 medailles en brak ruim 130 records op verschillende disciplines binnen de atletiek. Foto Dirk-jan Gjeltema

Onder valse voorwendselen was Rietje Dijkman (79) afgelopen maandag naar de uitreiking van de Andreaspenning – een gemeentelijke prijs voor bijzondere vrijwilligers – gelokt. Haar zoon had haar opgegeven. Ze werd onderscheiden voor haar bijdrage aan sport in Amsterdam. Naast haar 40-jarige vrijwilligerswerk voor atletiekvereniging AV’23 won ze zelf als atlete meer dan honderd medailles en brak ze meer dan 130 records op verschillende disciplines binnen de atletiek.

Hoewel ze dus aan winnen gewend is geraakt, is ze een dag na de uitreiking nog steeds verwonderd. „Toen m’n naam werd omgeroepen bleef ik als versteend zitten. Pas nadat het voor de tweede keer werd omgeroepen, ging ik op een holletje naar het podium. We zaten achterin.”

Begonnen met 45 jaar

Pas op 45-jarige leeftijd begon Dijkman met atletiek. Ze had een druk leven: op jonge leeftijd was ze al gescheiden en ze heeft drie zoons. Alle drie zaten ze op voetbal, maar de jongste vond dat niks. „Hij was erg snel; altijd als eerste bij de bal, maar dan wist hij niet meer wat hij moest doen.” Daarom stuurde ze hem naar de atletiekvereniging AV’23.

Haar zoon wees haar op de trimgroepjes die de vereniging voor veteranen organiseerde. Daarop besloot Dijkman te gaan sporten. „In het begin kwam ik niet verder dan een rondje, maar je moet doorzetten.” Ze ging steeds vaker atletieken en bleek talent te hebben. „Ik hoef iets maar één keer te zien en dan kan ik het.”

Dijkman ging trainen bij GAC, een atletiekvereniging in Hilversum, waar ze een coach hadden die gespecialiseerd is in het trainen van ouderen. In de jaren die volgen brak ze het wereldrecord bij het hoogspringen, werd ze op verschillende onderdelen zowel Europees als wereldkampioen, won vijf medailles bij de Senior Games (Olympische Spelen voor veteranen) in 2005 en is ze houder van 90 Nederlandse records.

„In het begin werd ik bij wedstrijden soms vierde, maar dat motiveerde toch. Toen ben ik me gaan specialiseren in de meerkamp.” Inmiddels doet ze dat niet meer en heeft ze zich toegelegd op de sprint, hoog- en verspringen en de hink-stap-sprong. „Hordelopen is een blessuregevoelig onderdeel en de 800 meter vond ik eigenlijk niet zo leuk. Ik ben meer van het korte werk.”

Voor atletiekvereniging AV’23 deed ze veertig jaar lang onvermoeid vrijwilligerswerk. Zo stuurde ze twintig jaar kaartjes naar alle jeugdleden op hun verjaardag, zette ze een mastergroep op voor veteranen van de vereniging die mee wilden doen aan competitiewedstrijden en helpt ze nog ieder jaar bij het organiseren van de marathon van Amsterdam.

Toen ze 70 werd ging Rietje het iets rustiger aandoen en stopte ze met EK’s en WK’s

Toen ze 70 jaar werd, is ze het wel iets rustiger aan gaan doen en stopte ze met deelname aan EK’s en WK’s. Dijkman doet nu twee atletiektrainingen per week, één keer in de week yoga en een keer krachttraining, meestal overdag. Dat laatste doet ze in haar eigen souterrain, dat ze om heeft gebouwd tot krachthonk.

Straks weer nieuwe records

’s Avonds trainen doet ze niet meer, dan is ze te moe. „Maar het voordeel is dat ik overdag kan trainen. Daar heb je tijd voor als je ouder bent.” Zijn er ook nadelen aan sporten op latere leeftijd? „Herstel duurt langer. Daarom is het heel belangrijk om je eigen grenzen te kennen. En natuurlijk is doorzettingsvermogen belangrijk. Maar als je dat hebt, kom je er wel.”

Voorlopig atletiekt Dijkman nog wel even door. „Binnenkort word ik 80 jaar en ga ik naar een andere leeftijdsklasse. Dan kan ik weer nieuwe records breken. Het klinkt misschien een beetje kapsones allemaal, maar ik vind het heerlijk om al die mannen – vrouwen zijn er weinig meer in mijn leeftijdsklasse – voorbij te rennen. Dat geeft een kick.”