Ogenschijnlijk gaat het prima met de economie, maar er broeit iets

Consumentenvertrouwen Niemand voorspelt een recessie in 2019. Maar de onzekerheden zijn zo groot dat er van alles kan gebeuren.

Na jaren voorspoedige groei loopt Nederland tegen zijn grenzen aan. De productie kan niet veel verder meer omhoog. De werkloosheid kan niet veel verder meer omlaag.
Na jaren voorspoedige groei loopt Nederland tegen zijn grenzen aan. De productie kan niet veel verder meer omhoog. De werkloosheid kan niet veel verder meer omlaag. Foto Koen van Weel/ANP

De werkloosheid daalt, de economische groei blijft bovengemiddeld: ogenschijnlijk gaat het nog steeds prima met de Nederlandse economie. Deze week publiceerden de twee meest gezaghebbende instituten hun prognoses voor volgend jaar.

Het Centraal Planbureau (CPB) voorziet, na een economische groei van 2,6 procent in 2018, nog steeds 2,2 procent in het komende jaar. De economie draait goed, maar het hoogtepunt is voorbij, aldus het CPB. De Nederlandsche Bank (DNB) is al wat voorzichtiger. De economische groei van 2,5 procent in 2018 vlakt volgens de economen van de centrale bank af naar 1,7 procent volgend jaar en het jaar daarna. Dat is al minder goed nieuws. De werkloosheid daalt nog steeds: volgens beide instellingen tot 3,6 procent in 2019. Toch broeit er iets.

Het vertrouwen van consumenten bleek vrijdag te zijn gedaald tot 9: dat is het saldo van positieve en negatieve antwoorden van consumenten op vragen over de economie. Het vertrouwen is daarmee flink teruggelopen. Een jaar geleden was de score nog rond de 25.

Op de internationale effectenbeurzen is de stemming sinds eind september behoorlijk verslechterd. In de zomer bereikte de AEX-index in Amsterdam nog 576 punten. Vrijdag was dit, na weken van koersdalingen, gezakt tot onder de 480 punten.

Het illustreert de onzekerheid van consumenten en beleggers. De lijst met risico’s is dan ook fors. Brexit werpt zijn schaduw vooruit. De handelsoorlog die de VS ontketend hebben drukt internationaal op de stemming. Begrotingsperikelen steken in de eurozone de kop op. Internationale samenwerking is onder de regering-Trump geen vanzelfsprekendheid meer. En zijn er de voor de hand liggende redenen: na jaren voorspoedige groei loopt Nederland tegen zijn grenzen aan. De productie kan niet veel verder meer omhoog. De werkloosheid kan niet veel verder meer omlaag. De capaciteit raakt steeds meer benut, waardoor verdere groei lastiger wordt.

Lees ook: CPB: groei Nederlandse economie over het hoogtepunt heen

Een omslag is moeilijk te voorzien

Het CPB voorziet dus 2,2 procent groei voor 2019, DNB slechts 1,7 procent. Het komt niet vaak voor dat deze twee instituten zo sterk van elkaar afwijken. Dat tekent hoe lastig het voor economen, en hun modellen, is om een omslag te voorzien. Het Planbureau kreeg veel kritiek toen het in 2008 vlak voor de Lehman-crisis nog een economische groei van 1,25 procent voor 2009 voorzag, zij het met de kanttekening dat er veel risico’s waren. Na Lehman ging de economie over de klif: een krimp van 4 procent, de grootste sinds de jaren dertig.

Dat was de ergste voorspelfout van het CPB in zijn hele geschiedenis, en dat gold ook voor de economische prognoses van andere instituten. Een later zelfonderzoek van het Planbureau had een oprechte conclusie: economen en hun modellen kunnen crises eigenlijk niet zien aankomen. Ook, aldus de onderzoekers, de volgende keer niet.

Niet elke recessie hoeft natuurlijk zo erg te zijn als die na Lehman. Tegelijk zijn ze er soms zomaar. De Duitse economie kromp in het derde kwartaal dit jaar onverwacht met 0,2 procent ten opzichte van het tweede kwartaal. Carsten Brzeski van ING zei onlangs dat hij een nieuwe krimp in het vierde kwartaal niet uitsluit. Met twee kwartalen achtereen krimp is er sprake van een ‘technische recessie’.

Gevoeligheden voor Nederland

Hoe groot is de kans dat we volgend jaar, misschien tot onze eigen verbazing, in een recessie terechtkomen? De Nederlandse economie heeft twee grote gevoeligheden. De eerste is de ontwikkeling van de wereldhandel. Die groeit volgens zowel DNB als het CPB volgend jaar met een niet ongunstige 3,5 procent tot 3,6 procent. Maar hier slaat het risico neer van Brexit en handelsoorlogen, waarvoor de open Nederlandse economie extra gevoelig is. Dat geldt ook voor het wel en wee van de Duitse economie.

De tweede grote gevoeligheid is het vermogen. Met een voor een groot deel door hypotheken gefinancierde huizenmarkt, met de enorme pensioenfondsen en de poel van particulier spaar- en beleggingsgeld, is de Nederlandse consument zeer vatbaar voor veranderingen in de waarde van vermogen. Als alles stijgt, wordt een klein deel van die waardevermeerdering (ergens tussen de 2 en 5 procent, afhankelijk van het onderzoek) uitgegeven. Als alles inzakt gebeurt het omgekeerde.

DNB ruimt, mede hierdoor, voor 2019 een aparte plek in voor het risico van onrust op de financiële markten. Mocht die losbreken, dan kan dat volgens de centrale bank zo 0,4 procentpunt aan economische groei schelen. Daarmee zou de economie volgend jaar nog maar 1,3 procent groeien.

Is er dus reden voor pessimisme? Recessies komen in verschillende smaken. Die van begin 2012, al bijna weer vergeten, was snel achter de rug. Die van 2008 en 2009 was verwoestend. Dat er, aan de vooravond van 2019, iets broeit heeft wellicht vooral te maken met de onzekerheid waarmee consumenten en beleggers het nieuwe jaar tegemoet zien.

Lees ook: De beer van de recessie snuffelt vast wat rond