Opinie

    • Arjen Fortuin

Transgender met berouw in Zembla

Zap Zembla kwam met een uitzending over iemand die spijt kreeg van een geslachtsveranderende operatie. Een hartverscheurend verhaal, maar het programma kon geen omvangrijk probleem aantonen.

Patrick de Veen in Zembla: transgender met spijt (BNNVARA).
Patrick de Veen in Zembla: transgender met spijt (BNNVARA).

Het positief getoonzette Brandpunt+ werd door de omroepbazen dit jaar al snel gekeeld: geen impact. Zembla (BNNVARA) lijkt van de andere kant te komen, die van de klassieke slechtnieuwsjournalistiek. Of het nu gaat om giftige kunstgrasvelden of koeltorens van bedrijven die wellicht een legionellarisico vormen; na Zembla voelt de apocalyps vaak weer iets dichterbij.

Woensdag kwam het programma met de reportage ‘Transgender met spijt’, waarin het hartverscheurende verhaal van Patrick de Veen werd gepresenteerd. Hij onderging tien jaar geleden in Groningen een geslachtsveranderende operatie, maar al drie maanden nadat hij Patricia was geworden, had hij spijt. „Ik had alleen maar jubelverhalen over transseksualiteit gehoord.” Maar als hij nu naar zijn lichaam kijkt, denkt hij: „Haal dat bij me weg.”

Inmiddels kleedt hij zich weer als man, maar mogelijkheden voor een terugkeeroperatie zijn er niet of nauwelijks. Hij lijdt aan ernstige psychische stoornissen, die volgens zijn psychiater al van vóór zijn operatie stammen. Achteraf zegt hij dat zijn transitieverlangen een waanidee was.

Via Patrick kreeg Zembla de beschikking over zijn medisch dossier. Er bleken ernstige fouten te zijn gemaakt. Zo was in 1999 geconstateerd dat er bij hem geen sprake was van transseksualiteit, maar dat werd hem niet verteld. Toen hij voor zijn operatie zei dat hij niet goed als vrouw naar buiten durfde, hoorde hij dat „dat toch geen reden was om het niet door te laten gaan”. Inmiddels is er ondraaglijk lijden vastgesteld en komt Patrick in aanmerking voor euthanasie. Dan hoor je hem zeggen: „Ook dat is een hele grote stap en dat is óók onherroepelijk.”

De journalistieke vraag is vervolgens of het rampzalige verhaal van Patrick een uitzondering is. Is er, de term viel in de uitzending, „een massa mensen met spijt achter de schermen”? Zembla ging op zoek en vond een psychiater, Joost à Campo die al eerder constateerde dat relatief veel transgenders ook psychische problemen hebben en dat die werden onderschat. Hij werd er naar eigen zeggen „om verketterd als een holbewoner” – een woordkeuze die wellicht samenhing met de imposante baard van À Campo.

Te weinig tegenwicht

Zembla sprak een psycholoog die bij het transgenderteam van de VU werkte en vertrok, mede uit onvrede met de procedures daar. Die werden volgens haar te veel gestuurd door compassie en barmhartigheid – er was te weinig tegenwicht. Bovendien gaven mensen aan elkaar door wat je moest vertellen om de doktoren te overtuigen.

Ook was er de stralende Tiuri, die opgewekt vertelde hoe hij razendsnel door de procedure was gevlogen, zónder psychologische test. Hij leek me geen jongen om je zorgen om te maken, maar je zou denken dat een test niet zonder reden in de procedure zit.

De VU, waar 85 procent van de Nederlandse transgenders wordt behandeld, zegt dat één procent van hen achteraf spijt heeft van de transitie. De psychiaters in de Zembla-uitzending stelden echter dat het ziekenhuis met een derde van de groep geen contact meer heeft. Kunnen daar niet nog verborgen spijtoptanten tussen zitten?

Misschien. Maar woensdagavond slaagde Zembla er niet in om een tweede transgender met berouw in beeld te krijgen – zie ook het enkelvoud in de titel van de aflevering. Dat spijt bij transgenders een omvangrijk probleem is, werd uiteindelijk niet aangetoond. Een voorzichtige opluchting, met die arme Patrick in gedachten.

    • Arjen Fortuin