Olympisch kampioene shorttrack Suzanne Schulting. Grote mond. Charmant. Jolig.

Foto Reyer Boxem

‘Ik wil laten zien: dit goud was geen toevalstreffer’

Interview Shorttrackster Suzanne Schulting is Sportvrouw van het Jaar. „Ik had een plan en het moest zoals ik wilde, omdat ik goed wist wát ik wilde.”

De sportvrouw van dit jaar weet altijd zelf het beste hoe het moet. Haar corrigeren, heeft zelden zin. Hulp vragen? Doet ze niet snel. Suzanne Schulting (21) moet je laten. Dat is altijd zo geweest. Vroeger ontplofte ze soms thuis uit het niets, ze kon echt een rotkind zijn. „Rücksichtslos”, zegt haar vader - ze weet het zelf ook. Als shorttrackster precies hetzelfde, een lastig projectje: laat haar maar fouten maken, dan trekt ze zelf de conclusies en komt het uiteindelijk goed.

Suzanne Schulting moest op haar bek gaan, talloze keren, om te leren. „Alsof ik eerst zóveel shit moet verwerken, voordat het een keer goed gaat.” Zo ging het vele toernooien en wereldbekerwedstrijden,sinds haar debuut in 2015. Maar met olympisch goud op de 1.000 meter en brons op de relay tijdens de Winterspelen in Zuid-Korea, verdween de onrust. „Ik heb eindelijk aan mezelf laten zien dat ik het gewoon kan. Ik heb bewezen: zie je wel, als je nou gewoon rustig blijft, dan lukt het.” Dit najaar domineert ze het shorttrack bij de vrouwen, weg is de grilligheid. De beloning voor het beste jaar uit haar carrière, en wellicht haar leven, kreeg ze woensdag op het Sportgala.

Ze blikt een week eerder terug in het restaurant van ijshal Thialf in Heerenveen, overdwars zittend in een krappe stoel, haar beide benen over de leuning. De Spelen hebben haar in zekere zin bevrijd. „Uit mijn eigen moeten. Mijn te graag willen.”

Schulting vindt zichzelf volwassener geworden. Vooral rustiger. Wij als buitenstaanders zien dat misschien niet, zegt ze. Want ja, ze oogt, meestal, nog steeds heel druk. Dat is ook hoe mensen haar kennen. Grote mond. Lachend én huilend voor de camera’s, soms binnen een paar minuten. Nooit erg lang nadenkend over wat ze gaat zeggen, vrolijk improviserend. Charmant. Jolig.

Wie vielen er nog meer in de prijzenbij het Sportgala in Amsterdam?

Misschien dat haar persoonlijkheid meewoog in haar uitverkiezing tot Sportvrouw van het Jaar, filosofeert ze in aanloop naar het gala. Met zulke geweldige prestaties van iedereen, is het misschien mooi meegenomen dat de andere sporters haar sympathiek vinden? Dat vindt ze ook fijn om te horen. Ze vindt het leuk als mensen háár leuk vinden, als persoon. „Dat vind ik toch wel belangrijk”, zegt ze. „Omdat ik iets heb van: ja, er is meer dan alleen de topsporter Suzanne Schulting. Ik ben ook gewoon een mens, ik doe ook normale dingen, ik schaats niet alleen maar. Ik heb ook een normaal sociaal leven, ik ga ook naar een feestje.”

De grootste beloning

Maar ook de finalerace op de 1.000 meter bleef veel mensen bij. Natuurlijk, die was historisch, de eerste gouden Nederlandse shorttrackmedaille ooit. De mooiste beloning – de Nederlandse shorttrackers wonnen vier medailles – van een groot project dat jaren geleden werd begonnen om ook op die kleine ijsbaan als schaatsland mee te tellen. Maar misschien, en Schulting speculeert nu even, hielp haar reactie op het goud ook. „Die was heel uitbundig, heel erg zoals ik kan zijn.” Als ze minder vreugde had getoond – ze steekt met een strak gezicht flauwtjes haar handen omhoog – „was het misschien anders geweest”.

Het jaar begon weinig hoopvol. Het EK in Dresden was een echt ‘Schulting-toernooi’. Veel downs, één up. Geen podiumplaats in het klassement, wel zilver op de 1.000 meter. „Ik heb heel veel druk ervaren, maar wilde daar in de pers niet aan toegeven.” Ze wilde zo graag, ze wilde wat maatje en voorbeeld Sjinkie Knegt daar in Duitsland liet zien: domineren en als favoriet Europees kampioen worden. Maar het wilde weer eens niet.

Foto Reyer Boxem

Volgens haar vader, oud-profvoetballer bij sc Heerenveen, waren de weken tussen Dresden en het vertrek richting Azië mentaal en fysiek niet Schultings beste. Al ging het trainingskamp in Japan, voorafgaand aan de Spelen, volgens haar zelf nog wel goed. Ook de Spelen begonnen rampzalig. Een val in de voorronde van de 500 meter, uitgeschakeld in de halve finale van de 1.500 meter. En het absolute dieptepunt: het missen van de zogenoemde A-finale op de relay met het team.

Ze kon zichzelf de eerste week moeilijk houding geven. „In het begin was ik heel druk , maar kwam ik erachter: misschien werkt dit niet helemaal.” Om vervolgens het tegenovergestelde te doen en zich juist af te sluiten. „Ik had het gevoel dat ik nergens mijn rust kon pakken.” Gelukkig had ze veel aan moeder Hannie, die in Zuid-Korea was – vader Jan was thuis in het Friese Tijnje met de twee andere dochters.

Uitgerekend de relay zou Schultings succes inluiden. Het Nederlandse kwartet won de B-finale in een wereldrecordtijd, en toen in de A-finale twee landen een penalty kregen, schoven de Nederlandse vrouwen door naar de laagste trede van het podium.

Je vader leek vooral onder de indruk van dat brons. Hij zei dat hij daarna dacht: nu zit die 1.000 meter ook wel goed.

„Mijn vader vond het supermooi, voor mij, maar ook voor die andere meiden. Hij weet net zo goed: ík werk er hard voor, maar die anderen ook. Hij vond dat teamgevoel waarschijnlijk erg mooi. Dat werkt versterkend. Het is zeker de basis geweest voor mijn goud.”

En toen domineerde je de 1.000 meter.

„Ja, ik heb nog nooit zo goed geschaatst in mijn leven.”

Waarom lukt het op zo’n moment, met al die druk, dan wel?

„Ik weet het niet eens meer. Ik weet niet waarom ik er niet onder bezweek. De 1.000 meter heeft me altijd al gelegen, daarop voel ik me het zekerst: ik heb snelheid én uithoudingsvermogen, die combinatie is perfect. Ik voelde me superrelaxed, ik had er zín in. Dat zei ik al tegen Jeroen [Otter, bondscoach] voordat ik die dag ook maar een rit had gereden. Ik móést niets meer, al wilde ik graag met een individuele medaille naar huis.”

Tijdens de Spelen steeg het aantal volgers van Schulting op Instagram – „dat is tegenwoordig toch de basis voor je om je als persoonlijkheid te promoten” – in drie weken van 14.000 naar 65.000, en daarna bleef het alleen maar stijgen. Er kwamen verzoeken voor talkshows, radioprogramma’s, fotoshoots. Het past bij haar. „Ik doe alleen wat ik leuk vind, maar ik krijg daar energie van.” Voor Schulting is het allemaal positieve afleiding van het schaatsen.

Maar als ze niet op vakantie was gegaan naar Bali, na het (mislukte) WK dat drie weken na de Spelen plaatsvond, dan was ze dit najaar niet zo goed geweest. Dat weet ze zeker. Ze zou met een vriendin gaan backpacken, maar toen die afhaakte, ging ze alleen. Dat kan ze prima. Vroeger trok zij ook haar eigen plan, terwijl haar zusjes Jolien en Marieke – een vier jaar jongere tweeling – altijd met elkaar waren.

Ze ontmoette op Bali wel mensen natuurlijk. Niet dat die wisten wie ze was, dat ze olympisch goud had gewonnen. Tot ze haar op Instagram toevoegden – „hóe kom jij aan zoveel volgers?” Of als ze haar in bikini op het strand zagen. Waar kwam dat gespierde lijf vandaan?

Je voorbereiden op een nieuw shorttrackseizoen als olympisch kampioen is „echt relaxed”, zegt ze. „Ik heb zó lekker getraind deze zomer.” Wat ook hielp was dat ze dit keer geen tijd kwijt was om op gewicht te komen. Zoals in 2017, toen ze na het WK in Ahoy „veel behoefte had aan feestjes”. Toen de zomer, begon, had ze „zó’n hoofd”. Ze houdt haar handen naast beide wangen. Ze vindt het fijn om afgetraind te zijn, ‘droog’ te zijn. Sixpack, geen gram vet.

Tekst loopt door onder de foto

Suzanne Schulting na de olympische finale op de 1.000 meter.

Foto Koen van Weel/ANP

Scheelt het dat dit een na-olympisch seizoen is?

„Zo voelt het niet voor mij. Ik wil laten zien dat ik geen eendagsvlieg ben.”

Heb je die bewijsdrang?

„Ik wil laten zien: dit goud was geen toevalstreffer. Ik had dat gevoel extreem. Jeroen is bang geweest dat het na de Spelen compleet de andere kant op zou vallen, dat ik niet meer zou komen trainen.”

Omdat hij dacht: zij heeft haar ultieme doel al bereikt.

„Precies. Dat ik het shorttracken minder belangrijk zou gaan vinden. Maar het was juist het tegenovergestelde. Ik wil niet dat mensen zoiets hebben van: o, ze heeft olympisch goud, dat was eenmalig. Ik wil aan de wereld laten zien dat dat het niet was. Daar heb ik heel hard voor getraind.”

Bij de eerste drie wereldbekerwedstrijden van dit seizoen, in Calgary, Salt Lake City en Almaty, won Schulting de 1.000 meter. Ook won ze in Calgary de 1.500 meter en pakte ze op die afstand zilver in Almaty. Ongehoord in een sport waarin je door het kleinste foutje races kunt verliezen. „Ik ben écht harder gaan schaatsen en technisch beter”, zegt ze. „Wat wel betekent dat, waar ik vroeger blij was met zilver of brons, ik dat nu minder heb. Ja, de lat ligt hoog.”

Ben jij nog mentaal te knakken, kun jij nog steeds instorten?

„Ik zit nu in zo’n goede vibe, er moet wel iets héél slechts gebeuren. Op dit moment ben ik er niet bang voor.”

De glimlach van Suzanne Schulting maakt even plaats voor een serieuzer gezicht. Meerdere keren heeft ze benadrukt dat ze, hoe sympathiek ze ook naar buiten overkomt en ook wíl overkomen, echt een „bitch” kan zijn. Hoe irritant ze voor haar coach kan zijn. Maar bovenal, hoe moeilijk voor haar ouders, voor haar zusjes. Het zijn van die dingen waaraan je denkt als je terugblikt op een jaar. Zeker zo’n jaar als dat van haar.

„Ik heb spijt tegenover mijn ouders. Die zijn er altijd voor me geweest. Mijn zusjes moesten áltijd maar mee naar die rotschaatswedstrijden. Ze hebben alles voor me gedaan. Ik ben ontzettend bevoorrecht geweest, dat besef ik nu. Er zijn ook mensen die het helemaal niet makkelijk hebben. Alles was er altijd voor me. Maar ik had een plan en het moest zoals ik wilde, omdat ik goed wist wát ik wilde. Dus was ik dwars tegen mijn ouders.”

Heb je daar ooit je excuses voor aangeboden?

„Misschien is dat wel iets voor in de speech, mocht ik Sportvrouw van het Jaar worden.”

Vijf dagen later in Amsterdam. Suzanne Schulting richt zich in haar speech, met tranen in haar ogen, tot haar ouders en zusjes, vader Jan heeft rode wangen. „Ontzettend bedankt dat jullie er altijd zijn, ik ben soms heel vervelend geweest. Maar het is uiteindelijk toch goedgekomen.”

Correctie (20 december): in een eerdere versie van dit interview stond dat de relayvrouwen brons behaalden doordat in de A-finale twee landen ten val kwamen. Dat klopt niet. Het ging erom dat ze gediskwalificeerd werden na een penalty. Dit is aangepast.

    • Frank Huiskamp