Zoon luistert niet naar ‘nee’ en ‘stop’

Opgevoed Elke week legt Annemiek Leclaire een lezersvraag voor aan deskundigen. Deze week:een kind dat maar niet luistert.

Illustratie Martien ter Veen

Moeder: „Mijn zoon (6) lijkt te denken dat de woorden ‘nee’ en ‘stop’ betekenen dat je vooral door moet gaan met wat je aan het doen bent. Hij tekent bijvoorbeeld op de muren, doet tijdens het rijden de autoramen open, of schiet met pijltjes op breekbare dingen in huis. Soms doet hij dat om zich af te reageren, soms lijkt het alsof hij tijdelijk kwijt is dat het niet mag.

„Hij is gevoelig voor prikkels, is snel afgeleid. Op school zit hij nu alleen aan een tafeltje, en dat werkt goed. Met al die feestdagen in aantocht is het helemaal moeilijk om hem rustig te krijgen. Hij heeft moeite met in slaap vallen, zo druk is het voor hem.

„Er spelen ook moeilijke omstandigheden mee; een abrupte scheiding van zijn halfbroertjes en -zusje op zijn tweede, en de ziekte van zijn vader; ik sta er momenteel in de opvoeding alleen voor. We gaan kijken of er een trauma bij hem meespeelt, maar ondertussen zoek ik praktische manieren om met zijn impulsiviteit om te gaan. Hoe leer ik hem dat dingen niet mogen, zonder me steeds een agent te voelen?”

Naam is bij de redactie bekend. Deze rubriek is anoniem, omdat moeilijkheden in de opvoeding gevoelig liggen. Wilt u een dilemma in de opvoeding voorleggen? Stuur uw vraag of reacties naar opgevoed@nrc.nl

Ingrijpen

Marga Akkerman: „Het klinkt alsof er door de moeilijke omstandigheden langdurig een gebrek aan structuur en opvoedkundige aandacht in zijn leven is geweest. Tekenen op muren, klieren in de auto, dit is het impulsieve gedrag van een kind van 2. Er moet het nodige worden ingehaald.

„Je hebt twee type kinderen: het redelijke type dat je uitlegt waarom je iets niet mag doen, en die het dan ook niet doen. En de ‘doe-het-zelver’ die moet leren door de gevolgen van zijn gedrag. Uw zoon hoort bij de tweede groep. Alleen uitleggen waarom iets niet mag is zinloos, hier moet ingegrepen worden. Moeder zal er, net als bij een 2-jarige, steeds snel bij moeten zijn om ongewenst gedrag te voorkomen (geen pijltjes in huis), en wenselijk gedrag met iets gezelligs te belonen. Belonen is effectiever dan straffen. ‘Als het je lukt om vijf minuten de autoramen dicht te houden, mag jij zeggen wat we vanavond gaan eten.’ Haal hem meteen weg van de muur als hij daarop tekent, en zet hem aan tafel met ‘ga hier maar lekker tekenen op papier, ik kom zo bij je kijken.’ Zo komt hij vanaf nu op de eerste plaats.”

Observeren

Liesbeth Groenhuijsen: „Soms zijn we noodgedwongen zo druk met van alles bezig, dat we vergeten echt naar onze kinderen te kijken. Heeft u iemand die u thuis af en toe zou kunnen helpen met praktische zaken? Bijvoorbeeld met eten maken, of huishoudelijke klussen? Dan kunt u de tijd vrijmaken om gewoon eens rustig bij uw kind te gaan zitten, en hem goed te observeren. Ga eens kijken hoe hij bijvoorbeeld omgaat met kleine teleurstellingen als een fout geschreven naam of een toren die valt. En schrijf dan daarna eens een kwartiertje op wat u voor nieuws aan hem ziet.

Lees ook: Gun je kind ook eens een teleurstelling

„Als je een kind rustig leert observeren, zie je dit soort gedrag vaak aankomen. Er is een opbouw van spanning, de handjes worden onrustig. U kunt daar dan op anticiperen. U zou bijvoorbeeld met uw zoon kunnen afspreken dat als u ziet dat iets misgaat, een grappig woordje roept. En beloon hem als het hem lukt om iets anders te gaan doen dan dingen stukmaken. Het kan voor ouder en kind zo fijn zijn gewoon eens samen de tijd te hebben.”