Renovatie Boijmans is een duur ‘moetje’

Verbouwing museum

Donderdag beslist de Rotterdamse gemeenteraad over de renovatie én toekomst van het verouderde Boijmans.

De nieuwbouw met glazen pui uit 2003 kostte ruim 17 miljoen euro.
De nieuwbouw met glazen pui uit 2003 kostte ruim 17 miljoen euro.

Het wordt in het Rotterdamse stadhuis „een moetje” van 223 miljoen euro genoemd. De noodgedwongen renovatie van Museum Boijmans Van Beuningen, een nationaal cultureel icoon.

Over minder dan een maand al sluit het museum uit 1935 voor het grootste deel, omdat het pand kampt met brandgevaar, asbest en wateroverlast. Op de valreep besluit de gemeenteraad donderdag, net voor het kerstreces, hóe de renovatie en de toekomst van Boijmans eruit ziet.

Als het aan wethouder Said Kasmi (Cultuur, D66) ligt, kan Boijmans zich in 2026, na een verbouwing van zeven jaar, meten met het Prado in Madrid en het MoMA in New York. Dat is „onzin”, is in de raad al teruggekaatst, omdat die musea tot de echte wereldtop behoren. Maar Boijmans heeft wel 150.000 kunstobjecten met een geschatte waarde van 8 miljard euro. Het is een van de weinige musea met (inter)nationale meesterwerken die zes eeuwen bestrijken.

De gemeente Rotterdam is eigenaar van het pand, net als van 90 procent van de collectie. De raad, met 31 nieuwelingen op 45 raadsleden, staat daarom voor een belangrijk besluit.

Tegelijkertijd zijn de plannen voor de bouw en de zevenjarige overgangsperiode nog vaag en lijkt er weinig regie te zijn. Boijmans zelf was de laatste jaren vooral druk met andere zaken: het voorkomen van gedwongen sluiting, het veiligstellen van kunst in opslagruimtes in Antwerpen en Amsterdam, en de bouw van het aangrenzende, spiegelende Depot.

De twee scenario’s

Er liggen twee onuitgewerkte scenario’s met verschillende prijskaartjes klaar. Voor 169 miljoen euro kan het museum van asbest worden ontdaan en in de huidige staat worden hersteld. Maar het college wil gaan voor het „ambitiescenario” van 223,5 miljoen euro. Boijmans wordt dan geheel gerenoveerd en ook verbouwd om van 300.000 naar 500.000 bezoekers per jaar te kunnen groeien.

De gemeente hoeft de renovatie niet alleen te betalen. Er lopen gesprekken met het Rijk en de provincie, maar ook met de BankGiro Loterij en de filantropische Stichting Droom en Daad over financiële bijdragen. Maar die bedragen zijn nog niet bekend. Coalitiepartij VVD komt donderdag daarom met een tussenoplossing. Haar motie behelst nú kiezen voor het ambitiescenario, maar opnieuw overleggen met het college als er niet genoeg privaat geld komt.

De hoge kosten

Waarom het zoveel kost, wordt naar buiten toe niet goed onderbouwd, is de kritiek van oud-rijksbouwmeester Wytze Patijn. Er is dan ook nog geen ‘programma van eisen’ en geen voorlopig ontwerp. Die komen er pas als de raad instemt met een lening van 24 miljoen euro voor de beginfase.

Lees ook het stuk over de verwachte renovatie: Boijmans piept, kraakt en lekt

De kostenramingen zijn gebaseerd op berekeningen van twee adviesbureaus. Het eerste bureau, Toornend, kwam vorig jaar uit op 149 miljoen euro voor het ambitiescenario. Basalt, het tweede bureau, heeft deze berekening vorig jaar getoetst en aangevuld en kwam veel hoger uit: op 223,5 miljoen euro, inclusief 31 miljoen euro aan verwachte prijsstijgingen in de bouw.

Ter vergelijking: dat is meer dan de 135 miljoen euro die de gemeente in het nieuwe Feyenoord-stadion wil steken. De fractie van Denk vindt de renovatiekosten te hoog voor een stad waarin één op de vier kinderen in armoede opgroeit. De partij heeft geopperd het project te bekostigen met de verkoop van kunst. Maar dat kan niet zomaar volgens de Erfgoedwet en het gemeentelijke protocol.

De verbouwing

Dat nu grootschalig verbouwd moet worden en dat de kosten hoog oplopen, is te wijten aan de politiek. In 2006 is al vastgesteld dat asbest, onder meer in het klimaatsysteem, verwijderd moest worden. Maar jarenlang heeft de gemeente het project uitgesteld en „geen mallemoer” gedaan aan onderhoud , zoals de lokale Partij voor de Dieren het zegt.

De ambitieuze aanpak moet van Boijmans weer het ‘daglichtmuseum’ maken dat stadsarchitect Ad van der Steur (1893-1953) ontwierp. Door eerdere verbouwingen zijn plafonds verlaagd en is het museum opgesplitst tot een soort doolhof. Met grotere zalen kan het museum straks grotere en langere exposities organiseren, is het idee. Het achterliggende Museumpark en paviljoen kunnen beter benut worden. Ook moet het museum duurzaam en beter toegankelijk voor gehandicapten worden. Maar de sloop van de aangebouwde voorgevel waar Boijmans ook voor pleit, ligt gevoelig. Deze nieuwbouw met glazen pui is in 2003 opgeleverd en kostte ruim 17 miljoen euro. Vanaf de straat is het alleen geen gezicht, zegt Boijmans nu. Je kijkt in de kantoren, de bibliotheek, de kantine en het ‘truckdock’ met vuilcontainers. Leefbaar Rotterdam pleit voor een „stevige evaluatie” van de problematische renovatie van toen.

De toekomst

Zeven jaar ‘sluiting’ om te renoveren is niet goed voor de beeldvorming.

Om de komende jaren zichtbaar te blijven, wil Boijmans op andere plekken en manieren blijven exposeren.

Alleen: „De plannen zijn niet uitgekristalliseerd en de financiering ervan roept vragen op”, oordeelde de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur (RRKC) eind oktober.

Boijmans wil bijvoorbeeld een deel van de collectie „bij de Buren” exposeren, zoals de Kunsthal en het Chabot Museum. Daar is wel een „mentaliteitsverandering” bij Boijmans voor nodig, zegt de PvdA. Bij de planning van het nieuwe Depot zijn omringende instituten nauwelijks betrokken, wat onbegrip en weerstand opriep, zei de RRKC in 2015.

Er zijn ook zorgen dat Boijmans zal drukken op het budget van andere culturele instellingen. Na de ambitieuze renovatie stijgt de jaarhuur van 1,6 miljoen euro met 5,5 tot 7,8 miljoen euro. Voor de gemeente – zowel verhuurder als subsidieverstrekker – lijkt het per saldo weinig uit te maken. Maar de extra kosten mogen niet ten koste gaat van de cultuursector, vindt de politiek. Aan de verwachte groei houdt Boijmans zelf niet veel over: meer bezoekers betekent ook meer exploitatiekosten.

Lees ook: Museum Boijmans Van Beuningen jarenlang naar Rotterdam-Zuid

De grootste vraag voor de toekomst is of Boijmans zichzelf opnieuw kan uitvinden. De RRKC en de raad vinden beiden dat het publiek te eenzijdig is: wit en vergrijsd. Met een tijdelijke vestiging in het oude V&D-pand in Rotterdam-Zuid, wil Boijmans de komende jaren leren meer Rotterdammers met een migratieachtergrond te trekken. Het aanspreken van jonge, digitaal georiënteerde bezoekers is een ander vraagstuk. Want als alle Rotterdammers betalen voor de renovatie, en de collectie van de stad is, dan moet het museum er ook voor iedereen zijn.

    • Toef Jaeger
    • Eppo König