Opinie

    • Joyce Roodnat

Over de rug van de Boijmans stagiaire

Joyce Roodnat Een stagiaire die een rug vol Rubens laat zetten? Een goed museum wijst zo'n aanbod vriendelijk af, vindt Joyce Roodnat.

De Masturbatiemachine van Jan Svankmajer
De Masturbatiemachine van Jan Svankmajer Foto Erik van Zuylen

Museum Boijmans zette een 21-jarige stagiaire van de afdeling Marketing in om een jong publiek te trekken voor de expositie van Rubens’ olieververfschetsen. Verstandig, die jonge vrouw heeft vast ideeën waar de museumstaf niet op komt. Maar Boijmans zocht niet haar geest, het nam haar lichaam. Ze werd op zaal tussen de schetsen getatoeëerd (jong! hip!), en nu zit de stagiaire met een rug vol Rubens. YouTube-filmpje, klaar. Over naar de volgende stunt.

Ze wilde het zelf, zegt het museum, ze bood zich aan. Dat zal best. Maar een goed museum wijst zo’n aanbod vriendelijk af. Daar realiseert men zich dat de machtsverhoudingen tussen staf en stagiaire dat aanbod per definitie vertroebelen.

Een goed museum had trouwens het hele tattoo-idee weggewuifd. Los van de vraag of deze actie werkelijk een jong publiek in drommen naar Rubens lokt (de jeugd is wel jong maar niet gek), wat is de winst? Rubens kon als geen ander de menselijke huid schilderen – maar dat is hier overgeslagen. De huid was er al, die hoefde niet meer. Nu het plaatje nog. De tattoo-artist reduceerde Rubens’ uit kleur geboetseerde nimfen uit 1625 tot drie non-descripte blote meisjes in inktblauw. Het is zijn „eigen interpretatie”.

Ik doe mijn best om niet al te cynisch te worden en denk aan de rug van de stagiaire, met dat Rubens-derivaat. In principe kan iedereen de afbeelding zien. Maar zijzelf niet. Letterlijk als enige ter wereld is uitgerekend zij aangewezen op het secundaire beeld ervan, in een spiegel of uit een camera. Terwijl het háár rug is.

Surrealistisch

De rugtekening die onzichtbaar is voor wie aan die rug vastzit, dat idee past in de gereedschapskoffer van de surrealist. Met die gedachte beland ik in het Amsterdamse museum Eye waar een tentoonstelling van de grandioze Jan Svankmajer opent. Deze surrealist vol vileine weemoed en sensuele associaties had die ongenaakbare rug kunnen verzinnen. Tsjech is hij, filmer, animator, beeldenverzinner, dingenmaker. En nu leidt hij ons zelf rond.

Lees ook een profiel van Jan Svankmajer: Geen film van hem kan zonder onsmakelijke etenswaar

Hij is 84 jaar oud. Alhoewel oud, met hem erbij is leeftijd op slag fictie. Hij vertelt onstuitbaar. Zes opgezette gordeldieren werden een pagode – logisch. Een samenstel van borstels, deegrollers en veren is een „masturbatiemachine”. Van verschillende skeletjes stelde hij nieuwe dieren samen, soms met een ei tussen hun ribben, op weg om gelegd te worden. Nu stuurt hij mijn hand in een ingelijste zwarte zak, naar een „tastbaar portret”: „Voelt u? Dat is mijn vrouw.” Er zijn ook relikwieën, met allerhande botjes. „Zijn die menselijk?” „Nee, ze komen uit de dierenwinkel. Deze relikwieën zijn een klap in het gezicht van het antropocentrisme.”

Had Svankmajer nou maar losgelaten op Rubens’ nimfen. Hij was misschien gekomen met iets als Food, zijn korte film met dansende lapjes vlees.

    • Joyce Roodnat