Urgenda-belofte kabinet was loos

Afspraken CO2-reductie Het kabinet nam sinds 2015 geen specifieke maatregelen om de CO2-uitstoot te beperken, blijkt uit een reconstructie.

Uit een reconstructie van NRC blijkt dat het kabinet sindsdien geen specifieke maatregelen heeft genomen om de CO2-uitstoot verder te beperken.
Uit een reconstructie van NRC blijkt dat het kabinet sindsdien geen specifieke maatregelen heeft genomen om de CO2-uitstoot verder te beperken. Foto Goos van der Veen/Hollandse Hoogte

De Nederlandse CO2-uitstoot blijft zodanig hoog dat de staat alleen met zeer ingrijpende maatregelen aan de rechterlijke uitspraak in de Urgenda-zaak kan voldoen. Volgens Haagse bronnen komt de CO2-reductie in 2020 iets boven de 20 procent uit, terwijl 25 procent geëist wordt, ten opzichte van 1990.

Bronnen verwijzen naar vertrouwelijke ramingen van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), die in januari openbaar worden. Op dit moment buigt de coalitie zich over de maatregelen op basis van deze ramingen. De uitstoot moet met zo’n 10 miljoen ton CO2 worden verminderd. Dat betekent, bijvoorbeeld, dat het sluiten van een kolencentrale en het verlagen van de maximumsnelheid nog lang niet afdoende zijn.

In juni 2015 deed de rechter uitspraak in een zaak die Stichting Urgenda had aangespannen. Uit een reconstructie van NRC blijkt dat het kabinet sindsdien geen specifieke maatregelen heeft genomen om de CO2-uitstoot verder te beperken. De Tweede Kamer vroeg al in september 2015 om „aanvullende maatregelen”. Het PBL waarschuwde op dat moment dat zelfs één jaar vertraging cruciaal kon zijn.

Lees ook: Hoe ‘Urgenda’ een levensgroot probleem werd

GroenLinks-leider Jesse Klaver, die in 2015 in een motie snel extra maatregelen eiste, zegt terugkijkend dat het kabinet nooit geïnteresseerd was in Urgenda. „Er was geen politieke overeenstemming. De VVD heeft het nooit serieus genomen. Pas nu is klimaat een hoofdonderwerp.”

Het ministerie van Economische Zaken wekte de afgelopen twee jaar de indruk dat de vereiste reductie van 25 procent binnen bereik was. In de herfst van 2016 schatte het PBL dat het kabinet vanwege de Urgenda-uitspraak 4 miljoen ton CO2 extra zou moeten besparen, met een heel ruime onzekerheidsmarge. In het slechtste geval zou de opgave 12 miljoen ton CO2-reductie bedragen.

Volgens toenmalig EZ-minister Henk Kamp (VVD) zou aan de Urgenda-eis voldaan worden door het Energieakkoord uit 2013 uit te voeren. Dat bevat afspraken over meer duurzame energie en besparing.

Het PBL voorziet al jaren dat het Energieakkoord in 2020 niet volledig zal zijn uitgevoerd. Kamp meldde dat „naar verwachting” ruim 4 miljoen ton CO2 extra zou worden bespaard door het akkoord toch helemaal uit te voeren, en dat daarmee aan de Urgenda-eis wordt voldaan. Voor die bewering noemde hij nooit een bron.

Het PBL zegt nu dat het die raming nooit heeft onderbouwd. „De vraag welk emissie-effect zou optreden indien de doelen [van het Energieakkoord] tóch gehaald zouden worden is door het PBL nooit integraal onderzocht.” PBL weet niet „wat de precieze herkomst is van die raming”.

Kamp had in 2016, na een motie van de Kamer, beloofd dat het kabinetsplan voor ‘Urgenda’ zou worden doorgerekend door het PBL in de Nationale Energieverkenning (NEV) 2017. Het ministerie zegt dat de door de Kamer geëiste „aanvullende maatregelen” binnen het Energieakkoord vallen.

Het ministerie zegt tegen NRC dat zijn Urgenda-plan wel degelijk is onderbouwd. Volgens het ministerie vormt de NEV een „integrale doorrekening”. Daarnaast verwijst het ministerie naar een studie uit 2015 waarin het PBL maatregelen vanwege Urgenda verkende. Daarin werd geschat dat met het uitvoeren van het Energieakkoord 6 à 9 miljoen ton CO2 extra bespaard zou worden. Het PBL heeft dat cijfer nooit uitgewerkt.

De huidige minister Eric Wiebes (VVD) zette de lijn voort dat er naast het uitvoeren van het Energieakkoord geen aanvullend beleid nodig was. Nadat de Urgenda-uitspraak in oktober in hoger beroep werd bekrachtigd, zei hij nog dat het Urgenda-doel „binnen bereik” was.

Nieuwe maatregelen worden begin 2019 genomen. Het sluiten van de oude Hemweg-kolencentrale in Amsterdam, een maatregel waarvan in de politieke discussie rond Urgenda eerder sprake was, vormt nu naar schatting minder dan eenderde van de benodigde reductie.

    • Hester van Santen
    • Erik van der Walle