Slechte oogst door droge zomer

Landbouw Bij sommige gewassen daalde de opbrengst met een kwart. Hogere prijzen konden niet voorkomen dat boeren minder verdienden.

Foto Caspar Huurdeman

Door de uitzonderlijk warme en droge zomer viel de Nederlandse oogst dit jaar lager uit, blijkt uit de jaarlijkse raming van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en Wageningen Economic Research. De daling was het sterkst bij de uien en de zogeheten voedergewassen, zoals snijmais en gras dat dient als veevoer. Daarvan daalde de opbrengst met een kwart, in vergelijking met 2017.

Door de schaarste stegen de prijzen van veel plantaardige producten flink. Bij voedergewassen bijvoorbeeld ruim 15 procent. Maar die hogere prijzen konden de lage opbrengst in akker- en tuinbouw niet compenseren.

Dit jaar werden ook veel minder aardappelen (7 procent) en suikerbieten (13 procent) gerooid, al is de lagere opbrengst bij de bieten ook deels te verklaren doordat de oogst vorig jaar uitzonderlijk hoog was na de afschaffing van het Europese quotum.

Lees ook: Wat heeft Nederland geleerd van de hevige droogte?

Al twintig jaar onder druk

Het afgelopen jaar verdienden boeren gemiddeld 11 procent minder dan een jaar eerder. 2017 was juist een goed agrarisch jaar: toen kwamen de jaarinkomsten voor de tweede keer in twintig jaar boven het niveau van 1995 uit. Dit jaar duiken ze daar weer onder (gecorrigeerd voor inflatie).

Niet alleen akkerbouwers waren in 2018 gemiddeld slechter af, ook in de veeteelt liepen de inkomsten terug. Het sterkst gebeurde dat in de varkenssector, met een prijsdaling van 12 procent. Het CBS verklaart die daling door een afgenomen vraag naar varkensvlees uit Azië.

De inkomsten van de agrarische sector staan volgens het CBS al zo’n twintig jaar onder druk, onder meer doordat Nederlandse boeren moeten concurreren met de wereldmarkt, waar goedkope producten worden aangeboden. Daarnaast stegen de kosten van aardgas en diervoer.

    • Geertje Tuenter