Commissie: kwaliteit van schoolexamens is niet gegarandeerd

Onderwijs Voor een situatie als bij VMBO Maastricht is geen indicatie, maar de controle op schoolexamens is onvoldoende, stelt een commissie.

Leerlingen van VMBO Maastricht van wie de examens ongeldig waren verklaard, vragen aandacht voor hun situatie.
Leerlingen van VMBO Maastricht van wie de examens ongeldig waren verklaard, vragen aandacht voor hun situatie. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

De kwaliteit van de schoolexamens in het voorgezet onderwijs is niet gegarandeerd. Er zijn geen indicaties dat het op scholen op grote schaal misgaat met de examens zoals bij VMBO Maastricht. Maar als dat wel zo is, zou dat in het huidige systeem onvoldoende aan het licht komen.

Lees ook Hoe kon het zo fout gaan bij examens in Maastricht?

Dat concludeert de onafhankelijke Commissie Kwaliteit Schoolexaminering in het maandag verschenen rapport Een volwaardig schoolexamen. De commissie, onder leiding van Geert ten Dam, bestuursvoorzitter van de Universiteit van Amsterdam en hoogleraar Onderwijskunde, deed onderzoek naar schoolexamens op verzoek van de VO-raad, na het debacle van deze zomer in Maastricht. Vanwege onregelmatigheden in hun schoolexamens moesten 353 leerlingen opnieuw examen doen.

Onduidelijkheid

Het programma van toetsing en afsluiting (PTA), waarin scholen moeten vastleggen wat er voor het schoolexamen wordt getoetst, voldoet niet altijd aan de wettelijke eisen, zag de commissie. Ook is het PTA te vaak onhelder geformuleerd, wat voor onduidelijkheid bij leerlingen en ouders zorgt.

Niet alle scholen controleren of alle leerlingen alle onderdelen van het schoolexamen hebben gedaan. En er is te weinig toetsdeskundigheid. Kwaliteitsborging is „te vaak slechts een administratief proces”, aldus de commissie. Er is ook kritiek op de Inspectie van het Onderwijs, die de examens niet op inhoud controleert. „Het systeem schiet te kort.”

Schoolexamens worden bovendien te vaak gebruikt als voorbereiding op het centraal eindexamen, in plaats van dat scholen de examens naar eigen inzicht invullen. Dat komt doordat de druk op scholen om goede resultaten op de centrale examens te halen hoog is, constateert de commissie. De slagingsnormen zijn sinds 2011 door de overheid verzwaard. Daarnaast leidt de concurrentie tussen scholen en de eisen vanuit de samenleving tot een hoge druk op de eindexamens.

90 toetsen

De commissie stipt ook de hoeveelheid van toetsen aan. Een vmbo-leerling (gemengde of theoretische leerweg) met Nederlands, Engels, wiskunde, biologie, economie en geschiedenis maakt gemiddeld 90 toetsen als onderdeel van het schoolexamen. Samenhang tussen vakken is er nauwelijks. Ook hebben de toetsen niet altijd een afsluitend karakter, maar worden ze gebruikt als een manier om leerlingen tot schoolwerk aan te zetten.

De commissie doet vier aanbevelingen: scholen moeten meer ruimte nemen om de schoolexamens volgens de schoolvisie in te richten. Het schoolexamen zou bij voorkeur moeten plaatsvinden in het laatste jaar en moet een afsluitend karakter hebben, in plaats van een verzameling tussentoetsen. Er zouden examencommissies moeten komen, net als in het hoger onderwijs. Dit moet wettelijk worden verankerd. Daarnaast moeten scholen zorgen voor meer toetsdeskundigheid binnen het onderwijsteam.