Opinie

Over kerstmarkten en het dalende aantal terreurdoden

Het aantal terreurdoden daalt sterk, met name door de verzwakking van IS, las Carolien Roelants. Maar de jihadisten zijn zeker niet geëlimineerd.

Dwars

Waarom ben ik nou toch weer verbaasd hoe sommige media reageren op terrorisme-in-actie? Ik bedoel de aanslag in Straatsburg (en ik bedoel níét deze krant natuurlijk) met vier doden. Maar hé, het was wel in de buurt van de oudste kerstmarkt van Europa, en hij schreeuwde Allahu akbar, God is de grootste, dus nu lopen vanzelfsprekend alle kerstmarkten gevaar. Voelt u zich wel veilig? Ik heb met open mond naar Wakker Nederland zitten kijken, dat als reactie een verslaggever had meegestuurd met een kerstmarktbus naar Oberhausen. Wat zijn uw gedachten, vroeg de verslaggever de autoriteit naast hem voorin in de bus. „Heel vervelend”, vond die. Maar het schaadde de zaken niet.

Voor mij was de aanslag een goede gelegenheid om te schrijven over het gestaag dalende aantal doden door terrorisme. Volgens de jaarlijkse Global Terrorism Index was 2017 alweer het derde achtereenvolgende jaar van dalende dodencijfers, met ruim een kwart ten opzichte van 2016. U kunt het checken op de site van het Global Institute for Economics and Peace (economicsandpeace.org). Terrorisme blijft niettemin een belangrijk gevaar, aldus het rapport.

Dat is zeker waar als u net op het verkeerde moment op een kerstmarkt bent. Maar die kans is miniem, aangezien terroristen met name toeslaan in landen die verwikkeld zijn in oorlog of een ander conflict. En dat is niet Frankrijk met Macron tegen de gele hesjes, laat staan Nederland, maar Afghanistan, Irak, Nigeria, Somalië, Syrië, Pakistan, Egypte, Congo, de Centraal-Afrikaanse Republiek en India. Deze tien zijn goed voor 84 procent van alle 18.814 terreurdoden in 2017. In meerderheid moslims – ik adresseer hier degenen die alle moslims als potentiële terroristen zien. Niet u, dat weet ik best.

De daling komt voor een aanzienlijk deel voor rekening van de Islamitische Staat – of eerder voor rekening van de internationale coalitie plus lokale hulptroepen die het kalifaat van kalief Baghdadi in Irak en Syrië inmiddels zo goed als helemaal hebben opgerold. President Trump zei vorige week zelfs dat al Baghdadi’s jihadisten binnen een maand uit hun laatste gebieden in Syrië zullen zijn geslagen. „We hebben een heel, heel goede klus gedaan”, zei hij. Maar dan heeft hij het strikt over territorium. Zijn eigen Pentagon meldde in augustus dat IS nog 14.000 strijders had in Syrië, plus 17.000 in Irak.

Andere bronnen schatten het overblijvende aantal IS-jihadisten veel lager. Maar, zeg ik erbij, IS heeft niet het alleenrecht op terrorisme. Neem bijvoorbeeld Al-Qaeda in diverse gedaanten, en ook een groeiend aantal extreem-rechtse groepen (zie ook de Index). Een ander punt is dat Islamitische Staat absoluut niet bijna weg is, maar intussen zijn strijders in cellen heeft georganiseerd die zich gedeisd houden tot ze het bevel krijgen toe te slaan. „Voor de gelovige strijder is de overwinning of nederlaag niet gekoppeld aan een stad die wordt gestolen of doelwit is van hen die overwicht in de lucht hebben of intercontinentale raketten of slimme bommen”, aldus een recente boodschap van Baghdadi.

In andere woorden: heilig geloof in de eigen zaak houdt de aanhang op peil. En dan heeft Baghdadi ook nog wat bondgenoten: doorgaande corruptie, stagnerende wederopbouw in Irak en Syrië, en wat Syrië speciaal betreft, de ‘overwinning’ van het repressieve regime van Bashar al-Assad. De dodelijkheid van aanslagen is het afgelopen jaar sterk verminderd. Maar het IS-verhaal is nog lang niet over en uit. Maar met name dáár.

Carolien Roelants is Midden-Oostenexpert en scheidt op deze plaats elke week de feiten van de hypes.