Brieven

Brieven

Illustratie
Illustratie Cyprian Koscielniak

Marc Chavannes betoogde onlangs dat we moeten dóórpolderen, ook al levert dit besluitvormingsmodel in de discussies over zowel het pensioen als het klimaat geen enkel resultaat op. (De polder vraagt onderhoud, geen afscheid NRC, 1/12) Ik ben het niet met hem eens. Voor mij, afkomstig uit generatie-X, staat ‘de polder’ gelijk aan een stoelendans van verlepte babyboomers die maar niet begrijpen waarom jongeren radicaliseren.

In de klimaatdiscussie, bijvoorbeeld, wijzen alle experts op de noodzaak dringend en vergaand in te grijpen in de energievoorziening. De idee dat vrijblijvende onderhandelingen tussen voor- en tegenstanders van, bijvoorbeeld, biomassabijstook of rekeningrijden ooit tot zinvolle actie zal leiden, is dom.

De domheid zit er in dat polderaars denken met consensus de beste oplossing te bereiken. Wat wij echter nodig hebben is visie, maar dat is in de beleving van polderaars een suspect begrip.

Nederland heeft recent zijn lijstje met maatregelen voor ‘Parijs’ ingeleverd, waarbij de som van de maatregelen niet in de buurt komt van de doelstelling die aldaar in het Klimaatakkoord is afgesproken. We slaan een modderfiguur, ook omdat we graag een grote bek (pardon, een „ambitie” voor een „kopgroep”) hebben.

Grote woorden, lege handen. Dankzij de polder.