Opinie

Tech-oorlog China-VS: over ons, zonder ons

Luuk van Middelaar

‘Trump en Xi Jinping spraken over Nederlandse chipmaker NXP”, meldde de NOS recent. Het klonk bijna trots, terwijl deemoed passender is. Beide machtigste mannen ter wereld hebben het over ons! Ja, maar hier geldt het diplomatieke gezegde: „Wie niet aan tafel zit, staat op de menukaart.” Het is de trots van een kalkoen, uitgekozen voor het kerstmaal.

Tijdens hun werkdiner in de marge van de G20 in Buenos Aires beloofde de Chinese president zijn Amerikaanse ambtgenoot om nog eens te kijken naar de overname door het Amerikaanse Qualcomm van NXP – een bedrijf in Nijmegen, voorheen van Philips. Het zou de grootste overname ooit in de chipindustrie zijn: 44 miljard dollar. Tot nu toe weigert de Chinese mededingingsautoriteit groen licht te geven, en zonder akkoord ketst de deal af, want dan gaat de lucratieve Chinese markt voor het bedrijf dicht. Vanzelfsprekend gaf de Amerikaanse toezichthouder wel toestemming: de VS hebben enkel te winnen.

Dat ook de Europese Commissie in januari zonder veel voorbehoud haar zegen gaf, roept meer vragen op. In de chipindustrie draait het niet enkel om winst, banen en consumentenbelangen, maar ook om greep op de toekomst: chips zijn de onmisbare bouwsteuntjes voor alles van smartphones tot elektronische auto’s en kunstmatige intelligentie – en dus voor de technologische en militaire suprematie in de eenentwintigste eeuw. Dit gaat de loutere mededingingsregels te boven. Een strategische screening, zoals de EU die eindelijk voor buitenlandse investeringen invoert, was inzake NXP het minste geweest. Kwestie van soevereiniteit: het vermogen zelf de toekomst vorm te geven.

Dat Trump en Xi überhaupt over NXP spraken bewijst het strategische belang van het bedrijf. In zulke topontmoetingen telt elke minuut. Talloze verzoeken vanuit departementen om punt a, b of c te bespreken worden gefilterd en op lager niveau afgehandeld tussen diplomaten of ministers. Alleen wat echt telt, bereikt de chefs: staatsraison en veiligheid.

Bij zijn nieuwjaarsboodschap 2018 liet Xi Jinping zich filmen met op de achtergrond twee Amerikaanse artificiële intelligentie-boeken: The Master Algorithm van Pedro Domingos en Augmented: Life in the Smart Lane van Brett King. China schuwt weinig middelen in de technologische inhaalrace. Spanningen nemen toe. Recent arresteerde Canada – op Amerikaans verzoek – de financieel directeur van telecom-gigant Huawei, Meng Whanzou (tevens dochter van de oprichter), wegens zakelijke banden met Iran. Op de achtergrond speelt de beschuldiging van het faciliteren van staatsspionage. Deze week repliceerde Beijing met de arrestatie van twee Canadezen in China; het Amerikaanse buitenlandministerie overweegt een negatief reisadvies naar het land.

Lees ook het NRC-commentaar over de Huawei-zaak

De Chinees-Amerikaanse ‘handelsoorlog’ over sojabonen, spijkerbroeken en speelgoed is enkel een schermutseling in deze grotere technologie-oorlog, en die is op zijn beurt – aldus een hoogleraar uit Hongkong recent in de FT – een theater in de wijdere strijd tussen de mondiale supermacht en zijn uitdager.

Deze hightech-oorlog raakt ook Europa. Vraag één: willen we meedoen, zelf een plaats aan tafel? Dan moeten we niet alleen onze eigen chipindustrie beschermen maar ook publieke investeringen in artificiële intelligentie (AI) opvoeren. Volgens een Franse denktank investeert Beijing tot 2020 tussen de twintig en vijftig miljard euro in universiteiten en start-ups, meer dan Washington; Europa blijft ver achter, met anderhalf miljard voor AI tot 2022 in Frankrijk en ruwweg hetzelfde in Groot-Brittannië. Kennelijk hebben we onvoldoende politieke wil om ons op te richten. Het alternatief is terechtkomen in een oorlog die boven onze hoofden wordt uitgevochten, maar waar we toch in zullen worden meegesleept.

Luuk van Middelaar is politiek filosoof, historicus en hoogleraar Europees recht (Leiden). Zijn column is wekelijks.