Foto Leo Vogelzang VOF

Patrick Roest: Zacht, verlegen jochie ontpopte zich tot stabiele killer op het ijs

Patrick Roest

Olympisch zilver én de wereldtitel allround won hij al. Dit seizoen is Patrick Roest (23) nog sterker. Wie is de nieuwe schaatsheld? Vijf bepalende levensfasen.

  1. Sloot

    Krap drie meter breed is de sloot bij de boerderij van de familie Roest aan de Opperduit in Lekkerkerk. Klassieke entourage voor de eerste pasjes op het ijs van de schaatskampioen in spe. „Op van die dubbele glijdertjes”, herinnert moeder Bep Roest zich. „Patrick was een jaar of twee, drie.” Echte schaatsfamilie. „Zijn opa zat in het bestuur van de ijsvereniging. Mijn man en ik waren liefhebber van toertochten, de kinderen gingen mee op de slee.” Dochter Natasja ging als eerste op jeugdschaatsen, Patrick volgde zijn twee jaar oudere zus. „Hij kon het aardig maar was nog geen uitblinker hoor. Een klein guppie. We huurden de schaatsen voor de kinderen per jaar bij de schaatswinkel in het dorp.”

    Naast jeugdschaatsen bij STV Lekstreek, vanaf een jaar of acht, voetbalde Patrick een paar jaar bij de huidige derdeklasser VV Lekkerkerk. „Hij moest bezig zijn”, vertelt zijn moeder. „Altijd buiten, op de boerderij, met de skelter. Lekker rommelen.”

    Nu hij wereldkampioen is nog steeds. „Als hij van het schaatsen thuiskomt, stapt hij op de trekker. Of helpt mijn man met kuilen.” Alleen school kon hem gestolen worden. „Hij had niet veel met leren. Een oud-leraar zei het laatst nog tegen mijn schoonmoeder: ‘Patrick was zo’n onopvallend, verlegen mannetje. Toch knap hoe hij nu netjes antwoord geeft bij interviews.’ Dat had die man niet achter hem gezocht.”

    De jonge Patrick Roest na een training op de foto met Sven Kramer. Foto uit privéarchief familie Roest

    Buurman Dick de Wilde kent Patrick vanaf diens geboorte. „Leuk joch, nog steeds. Wat stil, onopvallend.” Kattenkwaad? „Niet dat ik me herinner.” Ja, er gaat een verhaal dat de jonge Patrick in een zeldzame vorm van baldadigheid een keer de broek van een trainer naar beneden probeerde te trekken. Wat nog mislukte ook. Maar bij De Wilde, ook trainer bij STV Lekstreek, beklijft vooral de bijzondere drive van de jonge schaatser. „Elke zaterdag kwam hij om kwart over vijf zijn uit bed, mee met zus Natasja naar de ijsbaan. Hij was nog geen tien, mocht nog niet meedoen aan de wedstrijden. Bleef hij zonder te stoppen van zeven tot half tien rondjes rijden. Dat heeft hem gevormd.”

    1. Lekstreek

      „De eerste twee jaar schaatsten we op het kleine baantje in Dordrecht”, vertelt Dave van Dam, de eerste jeugdtrainer van Roest bij STV Lekstreek. „We hadden een gedreven groepje, veel lol gemaakt ook. Dan zette ik oefeningen uit, maar die gasten wilden veel liever rondjes rijden. Na vijftien rondjes op kop dacht ik: ‘het is wel goed zo’. Maar ze bleven doorgaan. Vooral Patrick en Remco Schouten, die moest je echt van de baan halen.”

      Schouten, tegenwoordig marathonschaatser bij de ploeg Bouw&Techniek en eind december deelnemer aan de NK afstanden, ziet niet direct uitzonderlijk talent bij zijn generatiegenoot. „Patrick was een klein, licht mannetje. Hij had toen al dat korte slagje, waar hij nu bekend om is. Beetje x-benen ook. Maar hij kon wel hard schaatsen hoor.”

      De bijnaam ‘Schuimpie’, die Roest kreeg? „Hij leek zo’n zacht jochie, beetje slap. Maar hij kon ook grappig uit de hoek komen.” Onvergetelijk, de zomerkampen in de Ardennen. „Deden we aan het eind een moddergevecht, één gore bende.” Louter geluk. „De Lekstreek, dat was zo mooi.”

      Daar zijn de eerste clubrecords voor Roest. „Ik ben een paar jaar ouder dan Patrick”, mijmert Hein Otterspeer, zijn huidige ploeggenoot bij de Jumbo-ploeg van coach Jac Orie en eveneens afkomstig van STV Lekstreek. „Ineens kwam er een jongen die al mijn records aan gort reed.”

      Volgens de nummer twee van het WK sprint in 2015 is het geen toeval dat zijn club zoveel toppers voortbrengt, met naast hemzelf en Roest onder meer stayer Erik-Jan Kooiman. „Ze gaan perfect met de jeugd om, alles vanuit plezier.” Bij het NK voor clubs poseerde Roest begin dit seizoen in een boxershort van zijn club. „Zijn geluksonderbroek, met een knipoog. Hij is nu de ster van de club maar blijft one of the guys. De Lekstreek is één grote familie.”

      Patrick Roest (links) in 2008 in Inzell met schaatsvereniging STV Lekstreek. Foto Stephan Tellier

      1. Gewest

        Van Dam wordt ook jeugdtrainer in het gewest Zuid-Holland als Roest in de selectie komt. Met dank aan moeder Bep, die de laatste twee uurtjes in zijn schaatswinkel overneemt als er om vier uur moet worden getraind op de Haagse Uithof. „Ik zei: neem jij mijn twee kinderen mee, doe ik de winkel.” Patrick trekt veel op met zijn zus Natasja, die zou uitgroeien tot een nationale subtopper en inmiddels in Noorwegen woont. Jongere broer Remco, die aan atletiek doet, sluit aan voor de zomertraining. „Als ouders is het schitterend als je kinderen zo samen kunnen sporten.” Vader Wim doet de veehouderij, meestal rijdt moeder de VW Transporter. „Op een gegeven moment hadden we vijf ton op de teller.”

        Schaatsen gaat sneller en sneller. „In het begin bij de Lekstreek leek het technisch nog nergens op”, zegt trainer Van Dam. „Maar hij ontwikkelde een mooi, kort slagje. Dat wat lossere, explosieve. Zie je niet vaak. En hij kan het in hoeken van 90 graden gewoon tien kilometer volhouden.” Voor Van Dam is die korte slag het geheim achter het huidige succes. „In het begin ging hij in de ploeg bij Orie wat langer en zwaarder rijden, misschien omdat hij veel met Sven Kramer trainde. Nu is dat korte, felle weer terug.”

        In het gewest wordt schaatsen serieuzer. „Maar in het begin had hij nog helemaal niet het idee dat hij naar de top ging”, zegt moeder Roest. „Hij mocht niet meer op natuurijs rijden omdat dat slecht zou zijn voor de techniek. Maar Patrick deed het gewoon toch. Vond hij leuk.”

        Broer en zus doen mee aan het officieuze NK op natuurijs, ‘om de hoek’ op de open 400 meterbaan in Ammerstol. Pannenkoeken brengen Natasja de titel. En Patrick, net 16, rijdt zijn eerste tien kilometer, in 16 minuten en 25 seconden. Remco Schouten doet er bijna een minuut langer over. „Koud, wind, schitterend toernooi. We kwamen maar net overstappend de bocht door, zonder tussenslagje.”

        Een jaar later rijdt Roest in Thialf zijn eerste ‘echte’ tien, nadat hij als tweedejaars B-junior de Vikingrace – een officieus EK allround voor de jeugd - heeft gewonnen. Hij belt trainer Van Dam op diens wintersportadres. „Hij vroeg of hij een tien mocht rijden. ‘Is goed’, zei ik. ‘Hoe moet dat dan’, vroeg hij. Ik zei dat hij rondjes 33 moest proberen. Reed hij 13.49, een wereldtijd. Allemaal rondjes 33, de laatste twee zelfs sneller. ‘Ging wel”, vertelde hij na de race. ‘Ik had misschien sneller gekund maar ik moest toch rondjes 33?’ Als je dat kunt, na een zware vierkamp in de Vikingrace, dan weet je dat zo’n jongen bijzondere dingen in zijn mars heeft.”

        Thuis op de boerderij poseert Roest met zijn medailles van de NK junioren A. Foto Stephan Tellier

        1. Jong Oranje

          Een stap naar Jong Oranje, onder de coaches Erik Bouwman en Jeroen van der Lee, is voor de dan 17-jarige Roest een logisch gevolg. „Ging hij voor het eerst het huis uit”, vertelt zijn moeder. „We vonden een gastgezin op een boerderij bij Heerenveen, dat maakte de stap makkelijker. Zulke aardige mensen, we hebben nog altijd goed contact.” Maar na een half jaar krijgen zijn ouders een telefoontje van de gastouders. „Ze zeiden: ‘Patrick wordt zo stil’. Bleek dat hij het moeilijk aankon, de combinatie van school en schaatstraining. Toen is hij gestopt met school.”

          Na twee jaar met twee wereldtitels allround bij de junioren staan voorjaar 2015 de topteams in de rij. „Ik had hem in de junioren-B al zien rijden”, kijkt zijn huidige coach Orie terug. „De timing van zijn afzet, die was zo zuiver. Bijzonder, maar dat zag iedereen.”

          Roest twijfelt volgens zijn oude trainer Van Dam hevig over een overstap naar de sterrenploeg van Lotto-Jumbo, met boegbeelden Sven Kramer en Kjeld Nuis. „Zijn vader belde. ‘Mag ik die jongen bij je langs sturen want hij weet het niet meer.’ Patrick moest voor acht uur ’s avonds beslissen. Ik vroeg wat hij echt wilde. ‘Wereldkampioen allround worden‘, zei hij. ‘Dan zit je nergens beter dan bij Orie’, hield ik hem voor. Om vijf voor acht zei hij: ‘Ik doe het’.

          Net terug van de Winterspelen in Pyeongchang met een zilveren medaille. Foto Frank de Roo

          1. Wereldtop

            Rookie Roest houdt zich niet in tussen ervaren ‘trainingsbeesten’ als Kramer en Douwe de Vries. „In de zomers is hij een paar keer fysiek onderuit gegaan”, zegt Orie. „Altijd te hard trainen, nooit te zacht. En ze bellen me pas als het te laat is.” Dan blijkt weer een unieke eigenschap. „Patrick beschikt over grote veerkracht. Waar anderen er weken uit lagen, was hij in anderhalf of twee weekjes weer hersteld. Hij is heel goed trainbaar.” Trainen op een betere vijf kilometer? „In het eerste jaar haalde hij meteen een hap van zijn persoonlijk record af.”

            In de groep is Roest rustig, bevestigt Orie. „Patrick zegt nooit veel maar luistert heel goed. Hij is ook goudeerlijk, heel open, draait nergens omheen. Als ik hem iets vraag, krijg ik altijd een eerlijk antwoord. Stabiele jongen van nature, dat zal zijn achtergrond zijn.” Is hij niet te veel ideale schoonzoon, is hij killer genoeg voor de echte top? „Vergis je niet”, zegt Orie. „Als hij voor een race dat ‘cappie’ opzet dan gaat-ie ervoor. Dan moet en zal het. Alle jongens zijn bang voor hem in de laatste ronde.”

            En dan is er de bikkel. „Appelmoes” was zijn arm begin vorig seizoen volgens Orie, na een val op de fiets. Toch won Roest olympisch zilver op de 1.500 meter en werd hij wereldkampioen allround, dankzij een val van zijn Noorse concurrent Sverre Lunde Pedersen. „Het typeert Patrick dat hij toen ingetogen juichte”, zegt buurman De Wilde. „Hij vond het beroerd voor Pedersen, zoals hij het dit seizoen ook verschrikkelijk vindt dat Sven niet fit is.”

            De met chronische rugklachten kampende Kramer toonde al groot respect voordat Roest begin dit seizoen in Thialf zijn weergaloze reeks van 6.08,98 (vijf kilometer) – 1.44,42 (1.500 meter) en 12.47,89 (tien kilometer) reed. „Een absolute topper”, zegt de negenvoudig Europees en wereldkampioen allround over zijn potentiële opvolger. „Die twee gaan goed samen”, stelt Orie. „Patrick groeit dichter toe naar het absolute topniveau en wordt nog elk jaar beter. Vorig jaar kon hij door die val niet laten zien welke stap hij had gemaakt. Nu zet hij een dubbele stap.”

    • Maarten Scholten