Bovenlaag van drugscriminaliteit Brabant is onzichtbaar

Drugscriminaliteit Politie en justitie raken met acties de onderkant van de drugsscene maar het systeem blijft intact. De toplaag van de Brabantse onderwereld is onaantastbaar.

Foto Niels Wenstedt/Hollandse Hoogte

De top van de Brabantse onderwereld wordt gevormd door tien tot vijftien mannen, die onzichtbaar zijn: ze zijn geen onderwerp van opsporingsonderzoeken. Deze „eredivisie” van de Brabantse onderwereld heeft geld verdiend met hennepplantages en drugslabs en investeert onder meer in de bovenwereld. Politie, justitie en gemeenten moeten zich meer richten op deze bovenlaag van de drugswereld, door langlopende, diepgravende onderzoeken naar geldstromen.

Dat is de conclusie van wetenschappers van Bureau Beke, een onderzoeksbureau gespecialiseerd in onderzoek naar criminaliteit. Het instituut onderzocht de effecten van ondermijnende criminaliteit in Brabant en Zeeland, in opdracht van de Taskforce Brabant-Zeeland, een samenwerkingsverband van overheidsdiensten in de strijd tegen de georganiseerde misdaad. Het bureau sprak met 33 personen, onder wie strafrechtadvocaten, medewerkers van politie, OM, Belastingdienst en mensen uit het criminele milieu.

Drie lagen drugswereld

De onderzoekers onderscheiden drie lagen in de Brabantse drugswereld. De onderkant van de drugswereld bestaat uit mensen die een graantje willen meepikken. Daarboven zitten de criminelen die veel verdienen met drugshandel en de lijnen uitzetten richting de onderkant. Het grote geld zit volgens de onderzoekers in de toplaag, mensen die gebruik maken van financiële en juridische dienstverleners uit de bovenwereld.

Volgens criminoloog Anton van Wijk, die het onderzoek leidde, maken de mannen in die bovenste laag geen vuile handen meer. „Jarenlang is er in het zuiden weinig gedaan tegen de drugscriminaliteit. Daardoor hebben deze mannen hun markt kunnen verbreden. Het echte werk doen ze zelf niet meer, daar hebben ze de onderlaag voor. Ze investeren in nieuwe criminele projecten of onroerend goed.”

Volgens Hanneke Ekelmans, politiechef van de eenheid Zeeland-West-Brabant, heeft de politie ook de grote spelers in de Brabantse drugswereld in het vizier. Wel erkent ze dat het moeite kost om deze groepen goed in beeld te krijgen. „In deze toplaag is sprake van complexe geldstromen. Het kost meer tijd en energie om daar een vinger achter te krijgen dan als je iemand betrapt met een kilo coke in zijn handen.”

Te veel alleen de ‘korte klap’

Sinds 2010 werken overheidsdiensten in Brabant en Zeeland samen om de georganiseerde criminaliteit tegen te gaan. Volgens de onderzoekers heeft de overheid zich de laatste jaren vooral beziggehouden met de zogenaamde „korte klap”: snelle acties met direct resultaat, zoals invallen bij hennepplantages. Volgens Anton van Wijk is een positief effect dat de problemen in wijken zichtbaar worden, en hebben criminelen er ook last van. „Maar in de toplaag worden de achterliggende structuren niet aangepakt.”

De onderwereld past zich gemakkelijk aan. Iemand die hennep teelt op zolder is te vervangen, zegt Van Wijk. ,,Maar bijvoorbeeld malafide notarissen en accountants zijn sleutelfiguren in het criminele proces.”

De politie typeert Nederland als ‘narcostaat’. Lees het artikel ‘Narcostaat’ Nederland groeit bijna ongehinderd

Volgens de Tilburgse burgemeester Theo Weterings is de aanpak van samenwerkende overheidsdiensten in Brabant wel degelijk succesvol. ,,Maar we moeten nu meer zicht krijgen op de grote criminelen. Die zijn niet zo zeer onbekend, maar wel ongrijpbaar. Het doel voor de komende jaren is om het die toplaag van de criminele wereld veel moeilijker te maken.”

Volgens de onderzoekers moet onder meer de kwaliteit van de opsporing omhoog. Een grote lacune is de financiële kant van het opsporingsonderzoek. Onderzoeken zijn te veel gericht op onderste laag en middenlaag van de criminele wereld. „Er wordt niet genoeg geïnvesteerd in financieel rechercheren”, zegt onderzoeker Van Wijk. „De opsporing heeft meer financieel rechercheurs nodig,”

Volgens politiechef Ekelmans is de politie al bezig om meer financiële kennis aan de opsporing toe te voegen. Volgens haar worden er wel degelijk grote en diepgaande onderzoeken gedaan, ze is het er mee eens dat het vaker zou kunnen gebeuren. ,,Maar we kunnen niet vijf van dat soort grote onderzoeken tegelijk draaien. Dat heeft ook met capaciteit te maken.”