Als Mink van der Weerden pusht, wordt het stil

WK hockey Strafcornerspecialist Mink van der Weerden besliste de kwartfinale van Oranje tegen India. NRC volgde hem voor, tijdens en na het duel.

Mink van der Weerden na de winnende treffer (2-1) in de kwartfinale tegen India. Foto Koen Suyk/ANP
Mink van der Weerden na de winnende treffer (2-1) in de kwartfinale tegen India. Foto Koen Suyk/ANP

Of hij er wel een beetje van ging genieten? Hij dacht van niet, zei Mink van der Weerden woensdag in hotel Mayfair Lagoon, de oase van rust in Bhubaneswar waar de Nederlandse mannen al bijna drie weken verblijven voor het wereldkampioenschap hockey. Hij hoopte vooral dat hij in het veld zou staan als Nederland een strafcorner kreeg.

Het was Van der Weerden dit WK al zeventien keer overkomen dat hij op de bank zat uit te rusten als er een korte hoekslag viel. „Shit, denk ik dan heel even.” Pas acht keer had hij in de eerste vier wedstrijden mogen pushen vanaf kop cirkel – een kwart van zijn pogingen waren raak.

In de kwartfinale tegen India stond Van der Weerden donderdag binnen de lijnen bij alle vijf de strafcorners die Oranje kreeg. Bij zijn vierde poging was het raak. Tien minuten voor tijd passeerde hij met een harde, laaggemikte bal recht door het midden de Indiase doelman Sreejesh Parattu: 2-1.

Het was ineens doodstil in het Kalinga Stadium. Tot het vuurwerk werd afgestoken, zoals na elk doelpunt dit toernooi. Van der Weerden had zich de stilte waarin hij toesloeg niet zo gerealiseerd. „Ik hoorde vooral de jongens om me heen, die schreeuwden nogal hard. Dat maakte een hoop goed.”

Loomheid uit zijn lijf spoelen

Mink van der Weerden (30) is de overtreffende trap van nuchter. In het duel tegen India, de wedstrijd waar in Bhunabeswar al dagenlang over wordt gepraat, oogt hij onbewogen vanaf het moment dat hij 35 minuten voor aanvang het blauwe kunstgrasveld opstapt.

Hij heeft net nog even gedoucht in het hotel. Na een lange dag van voorbereiden spoelt Van der Weerden graag de loomheid uit zijn lijf. Als een van de laatsten is hij uit de „belachelijk grote” kleedkamer gekomen. Zonder stick, de sokken naar beneden, Van der Weerden is klaar voor de warming-up. Hij houdt er wel van, loopt er ook nooit de kantjes vanaf. „Anders kom je er niet goed in.” En het hoort er nou eenmaal bij, net als eten voor de wedstrijd. „Honger of geen honger, ik moet gewoon een goede maaltijd nuttigen.”

Aftellen tot de wedstrijd

Opgewarmd loopt hij als elfde speler in de rij van achttien het veld op voor de volksliederen. Het Wilhelmus hoort hij aan zonder de hand op zijn hart, zoals veel van zijn ploeggenoten. Op het videoscherm verschijnt een filmpje waarin spelers de laatste tien seconden tot de wedstrijd aftellen, met daarin ook Van der Weerden. Zijn ‘two’ klinkt gortdroog.

Van der Weerden begint zoals gebruikelijk op de positie van rechtsachter, voor de Indiase aanvallers is hij niet bang. Hij vindt het wel bijzondere spelers. „Ze zijn net wat onberekenbaarder, en hebben een bizarre techniek.”

Hij zal zijn tegenstanders niet uit de wedstrijd proberen te praten. Sportief contact gaat boven alles. „Alleen als ze gaan lopen zeiken tegen de scheidsrechter, zeg ik er wat van. Daar kan ik niet tegen, we zijn gewoon met onze hobby bezig.”

Van der Weerden is net terug in het veld, als na twaalf minuten India zijn eerste strafcorner krijgt. Hij neemt plaats naast keeper Pirmin Blaak, zijn taak is de rebound in de rechterzone. Daar komt de bal via Blaaks legguard ook en Akashdeep Singh schiet de bal hoog in het dak van het doel.

Van der Weerden: „Ik draaide bij, er zat nog een Indiër tussen en ik weet niet wie hem nog raakte van ons, maar voor ik het wist zat-ie erin.”

Nog geen drie minuten later maakt Thierry Brinkman de gelijkmaker. Op onnavolgbare wijze tikt hij een snel genomen vrije slag van Mirco Pruyser binnen. Van der Weerden juicht niet. „Thierry rende zo hard weg dat ik dacht dat hij de scheidsrechter probeerde te misleiden. Dat hij de bal niet had geraakt.” De scheidsrechter twijfelt ook, en vraagt een videoreferral aan. Kwam de bal van Brinkmans stick? Jazeker.

Zijn eerste strafcorner

In de eerste twee kwarten gaat Van der Weerden twee keer naar de kant, maar er vallen geen strafcorners. Ook niet als hij binnen de lijnen staat. In de eerste minuut van het derde kwart is het dan eindelijk zover. Na een overtreding op Robbert Kemperman, wandelt Van der Weerden voor het eerst deze wedstrijd naar de kop van de Indiase cirkel. Aan het veld zal het niet liggen. „We zijn hier een week voor het toernooi aangekomen, dus ik ben eraan gewend.”

Het kunstgrasveld in Bhunabeswar heeft ruwere, grotere haren, en is ook natter dan Van der Weerden van de Nederlandse velden gewend is. Maar dat is voor hem geen probleem, hij weet feilloos wat hij moet doen. „Niet te veel neerwaartse druk, anders blijf ik met mijn stick in het veld hangen.” Zijn eerste poging verdwijnt via de klomp van de Indiase keeper achter het doel.

Niet veel later is er een grote kans voor India. Akashdeep Singh krijgt de bal op de kop van de cirkel, maar schiet met zijn backhand hoog over het Nederlandse doel. Tot opluchting van Van der Weerden, die zijn directe tegenstander vrij liet. „Ik kon net niet zien wat de man aan de bal deed en hij maaide de bal door alles en iedereen heen, wat ik niet verwachtte. En ik gleed nog weg ook.” Een halve minuut later is het weer de beurt aan Van der Weerden als Nederland zijn tweede strafcorner krijgt. En nog een, omdat de uitloper de bal op zijn voet krijgt.

Maar ook de derde strafcorner van Van der Weerden levert geen succes op, hij pusht de bal boven de knie, stelt de videoscheidsrechter vast.

Het vierde kwart is aangebroken. India-Nederland is een van de meeslependste hockeywedstrijden in jaren. Niet alleen door de toeschouwers die elke aanval van hun landgenoten verbaal begeleiden, ook door het snelle, getructe en soms meedogenloze spel van beide teams.

Lees ook dit verhaal over de Indiase speelstad Bhubaneswar

Overleg met Max Caldas

Ook nadat Van der Weerden in de vijftigste minuut de bal tegen de plank heeft laten ploffen, blijft de wedstrijd boeien. Drie minuten voor tijd krijgt Van der Weerden de kans om de wedstrijd te beslissen.

Hij loopt eerst even langs bondscoach Max Caldas. India heeft een paar minuten eerder zijn keeper naar de kant gehaald voor een veldspeler met een geel hesje. Zal hij gewoon pushen of moet er een variant worden gespeeld?

Van Caldas mag hij het zelf proberen. De bal wordt eruit gelopen en ook in de rebound lukt het Van der Weerden niet om te scoren. Zijn videoreferral – „ik werd gehaakt” – levert niets op. Het blijft spannend tot aan de slotseconde, als Van der Weerden de allerlaatste bal van de wedstrijd in de cirkel op zijn stick krijgt. En niet op zijn voet, zoals de vijftienduizend Indiërs schreeuwen.

Lang na het eindsignaal meldt Van der Weerden zich in de perszone, hij is eerst bij de NOS en hockey.nl geweest. Met een hersteldrankje in zijn hand volgt een laatste terugblik. Ja, hij stond zowaar bij elke strafcorner in het veld. „Dat is ook wel eens leuk.” En nee, hij had niet extra van deze wedstrijd genoten. „Het spijt me.”

Lees hier het verhaal over de strafcornerverdediging van Oranje
    • Rogier van 't Hek