Toezichthouder: lek giftige stof uit NAM-park opeenvolging van falen

Dertigduizend liter aardgasconcentraat kwam in het oppervlaktewater terecht. Het duurde te lang voor werd ingegrepen, zegt het SodM.

Protest tegen de gevolgen van de aardgaswinning bij het tankenpark in Farnsum.
Protest tegen de gevolgen van de aardgaswinning bij het tankenpark in Farnsum. Foto Kees van de Veen

Het lek van tienduizenden liters giftig aardgascondensaat in het Groningse Farmsum was het gevolg van “een opeenvolging van menselijk en technisch falen“. Dat is de voorlopige conclusie van de toezichthouder, het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM), die woensdag werd gepubliceerd. Strafrechtelijk onderzoek moet uitwijzen hoe het zo ver kon komen.

De problemen in het tankenpark van de NAM ontstonden door een pomp die het niet deed. Een bak waarin het aardgasconcentraat werd opgevangen overstroomde daardoor. Ook een zogenoemde calamiteitenbak was al snel overvol, waarna de stof overstroomde in het riool voor regenwater. In ruim twee uur tijd kwam 29.000 liter aardgasconcentraat in het oppervlaktewater terecht. Bij de NAM ging twee keer een alarm af, maar toch duurde het 132 minuten voor iemand in de controlekamer in Hoogezand de noodpomp opstartte. Te lang, stelt het SodM vast.

Na het lek duurde het dagen voordat het waterschap Hunze en Aa’s duidelijk werd dat er aardgasconcentraat was gelekt. Op 6 oktober, drie dagen na de overstroming, meldde het waterschap watervervuiling bij het SodM. Om welke stof het ging, was het waterschap op dat moment nog onbekend. Nog eens twee dagen daarna, op 8 oktober, stelden medewerkers van de toezichthouder pas vast dat op het tankenpark aardgasconcentraat was geloosd.

Onderzoek en toezicht

Het tankenpark van de NAM is onder verscherpt toezicht gesteld. Dat is nog altijd van kracht. Het SodM vindt dat de NAM “onvoldoende pro-activiteit en openheid heeft getoond in de communicatie met de toezichthouder”, schrijft het in een persbericht.

Aardgascondensaat is giftig en brandbaar. De stof bevat koolwaterstoffen als benzeen en een kleine hoeveelheid kwik. Omwonenden hadden last van prikkende ogen, hoofdpijn en misselijkheid. Het riool moest worden gereinigd en kon tot het gereinigd werd niet gebruikt worden. Ook de bodem van het kanaal en de grond zijn mogelijk verontreinigd. De NAM moet een plan maken voor de sanering.

Begin volgend jaar presenteert het SodM de definitieve onderzoeksresultaten. Er wordt daarnaast ook onderzoek gedaan naar de gezondheidsklachten van de omwonenden. De resultaten van dat onderzoek worden rond diezelfde tijd verwacht. De NAM heeft enkele weken na het incident haar excuses aangeboden. Het strafrechtelijk onderzoek onder leiding van justitie loopt nog.