Recensie

Recensie Muziek

Sprankelende, wat beschaafde kerstviering met Bachvereniging

Kerstklassiek Voor het programma ‘Kerst met Bach’ koos de Nederlandse Bachvereniging drie weinig gehoorde cantates. Dirigent Marcus Creed serveert een fijngetekende Bach.

‘Kerst met Bach’ door De Nederlandse Bachvereniging, met links concertmeester Shunske Sato.
‘Kerst met Bach’ door De Nederlandse Bachvereniging, met links concertmeester Shunske Sato. Foto Juri Hiensch

Bachs Weihnachtsoratorium is alom bekend en maakt de laatste jaren een inhaalslag richting de immense populariteit van de passies. Maar Bach schreef meer dan tweehonderd cantates, en daar zijn er meer bij voor de adventperiode en over Kerst gerelateerde onderwerpen dan de zes delen uit het kerstoratorium.

Voor een programma met de kloeke titel Kerst met Bach koos de Nederlandse Bachvereniging nu drie cantates, alle relatief zelden gehoorde en verkwikkende werken, ondanks de felle teksten over God die toornig zijn arm verheft tegen Satans knecht, het menselijk Geschlächt.

De Bachvereniging werkte vijftien jaar geleden voor het laatst samen met dirigent Marcus Creed. En zoals Creed laatst ook een heel aantrekkelijke uitvoering leidde van Haydns Jahreszeiten bij het Orkest van de Achttiende Eeuw en Cappella Amsterdam, zo ook brengt hij hier sprankeling in de muziek met behulp van intelligente fraseringen en subtiele tempowisselingen. Een vlammende Bach serveert hij niet, wel een fijngetekende. Concertmeester en artistiek leider Shunske Sato lardeert de gezongen cantates met delen uit Vivaldi’s kerstvioolconcert (V 270): fascinerend door de wijze waarop hij met een eigenzinnige en stroperige timing de zeggingskracht van alle melodieën een lekker rauw randje geeft.

De Bachvereniging opereert met een koor van twaalf zangers: vier solisten stappen uit dat verband voor hun soli naar voren, de acht anderen staan hen in de koorpassages bij. De totaalklank is slank; fraai in lenige koren en met een heldere koorfuga in ‘Herz und Mund in Tat und Leben’. Enig minpunt: deze kerstviering met Bach blijft wel erg beschaafd. Voor jubelende vreugde bezitten ook de vier solisten te intieme stemmen zonder verblindende straalkracht: opvallend is bas Matthias Winckhler die zijn basaria’s virtuoos zingt. Maar ook bij hem zou de met veel gedonder bezongen zwavelpoel een abstractie blijven als Lucia Swarts – terecht covergirl van dit programma – niet zou zorgen voor illustratief, lekker omineus cellogeborrel.