Profiel

Aartsbisschop Willem Jacobus Eijk

Kardinaal Wim Eijk, de baas van vrijwel niets

Profiel Wim Eijk is de baas van de Rooms-Katholieke Kerk in Nederland. Hij opereert als een rigoureuze interim-manager in het bedrijfsleven.

Soms kijkt hij met medelijden naar de hoogste katholiek leider van Nederland. Paul van Geest, hoogleraar kerkgeschiedenis en geschiedenis van de theologie aan de Tilburg University, kwam kardinaal Eijk een jaar geleden toevallig tegen, op straat in Utrecht. „Hij vertelde dat hij naar de kapper was geweest. ‘Loop je hier niet met beveiliging?’, vroeg ik. ‘Ach nee’, antwoordde hij. ‘Niemand kent me hier.’”

Het is volgens Van Geest de bittere realiteit voor de 65-jarige Wim Eijk. „Vóór de grote secularisatie veroorzaakten zijn voorgangers geregeld volksoplopen. Gelovigen gingen op hun knieën en kusten hun ring.” Maar Eijk is behoorlijk anoniem, zegt Van Geest. „Ook in het gezelschap van kardinalen moet hij zich soms zo voelen. De aartsbisschop van Boston bijvoorbeeld, heeft rond de duizend priesters en veel vrouwelijke religieuzen onder zich. En Eijk? Die is de baas over vrijwel niets: een handvol priesters en goedwillende vrijwilligers.”

Zaterdag werd Harrie Smeets gewijd tot bisschop van Roermond. Daarmee is Eijks team weer compleet. Maar met de komst van Smeets is Eijk zo mogelijk nog eenzamer geworden. De rekkelijke bisschoppen zijn in Nederland nu in de meerderheid. De strengere Eijk behoort tot de minderheid.

Protest tegen benoeming

Willem Jacobus Eijk, zoon van een katholieke moeder en een doopsgezinde vader uit het Noord-Hollandse Duivendrecht, koos op een wat latere leeftijd voor een leven in dienst van Rome. Na zijn priesteropleiding werd Eijk kapelaan in het Noord-Limburgse Blerick en docent aan katholieke opleidingen.

Eijks benoeming tot bisschop van Groningen lokte veel protest uit. Onder meer naar aanleiding van colleges die hij op seminarie Rolduc had gegeven over homoseksualiteit. Homo’s zouden niet in staat zijn tot liefde maar enkel tot wederzijdse zelfbevrediging. „Eijk doceerde wat de officiële leer van de kerk was”, zegt broeder Johan te Velde, destijds deken en later vicaris (plaatsvervanger) in Friesland toen Eijk leidinggaf aan het bisdom Groningen. „De kritiek deed hem wel wat. Hij werd demonisch afgeschilderd.”

De manier waarop wordt geoordeeld over de kardinaal – vaak hard – is erg bepaald door de Nederlandse manier van kijken, vindt Te Velde. „Rooms-katholicisme wordt in Nederland al snel geassocieerd met Brabant en Limburg: het gaat dan door voor het bourgondische, gemoedelijke geloof, de religie die contrasteert met zware vormen van protestantisme. Maar in een wereldkerk met 1,5 miljard gelovigen is er altijd ruimte voor een strenge variant geweest.”

Paus blijft vaag

Te Velde vindt het hameren op de ware leer broodnodig. „De huidige paus blijft weleens hangen in vaagheden. Over homoseksualiteit zegt hij de ene keer dit en dan weer dat. Eijk is duidelijk.”

In mei uitte Eijk op een Amerikaanse katholieke website zelfs scherpe kritiek op paus Franciscus. Die pleegt volgens Eijk met het soepel hanteren van regels godsdienstig bedrog, zaait verwarring en brengt de eenheid van de Rooms-Katholieke Kerk in gevaar. Volgens hem dreigt het afdalen naar „afvalligheid van de waarheid” en „de ultieme beproeving”.

Na een hersenbloeding in 2001 was Eijk een tijdlang uit de roulatie. Na zijn herstel pakte hij volgens Te Velde zaken aan: „Hij had duidelijke ideeën, waar zijn voorganger bisschop Möller de zaak nogal op zijn beloop had gelaten.”

In 2007 werd Eijk aartsbisschop van Utrecht, in 2012 werd hij kardinaal. Het beleid in zijn nieuwe bisdom verschilde weinig van dat in Groningen: hij beperkte de rol van de pastoraal werkers en sloot kerken.

Onverdroten gaat hij voort op die ingeslagen weg. In een interview met de Gelderlander in september stelde Eijk prognoses over het aantal kerken in zijn bisdom naar beneden bij: hij verwacht dat er rond 2028 nog tien tot vijftien open zijn (nu zijn het er nog 280).

Een rigoureuze interim-manager

„Eijk opereert zoals rigoureuze interim-managers in het bedrijfsleven”, zegt Ad de Groot, voorzitter van Bezield Verband Utrecht, een vrijwilligersorganisatie ter ondersteuning van geloofsgemeenschappen. „Hij laat zich weinig gelegen liggen aan de tegenstand die hij onderweg tegenkomt.” De Groot wijst ook op het taalgebruik van Eijk: „Het gaat over ‘locaties’, kerken gaan op in ‘eucharistische centra’. Dat zijn managementtermen.”

Volgens hem probeert Eijk drie vliegen in één klap te slaan. „Hij probeert financieel-economisch te saneren, houdt de priesters over die op zijn lijn zitten, en behoudt de kleine groep van gelovigen die even orthodox denken.”

Dissidente geluiden blijven grotendeels ongehoord. „Eijk praat nauwelijks met gewone katholieken”, zegt De Groot. Als een van de felste tegenstanders van de sluiting van de Jacobuskerk in Utrecht vond Fons Mathot als parochiaan geen gehoor. „In besturen ben je eigenlijk alleen welkom als je de regels van de kardinaal volgt. Pas toen ik in een artikel in Trouw tegen hem uitviel en hem betichtte van het plegen van euthanasie op zwakker wordende geloofsgemeenschappen, kreeg ik een telefoontje. Die uitspraken raakten hem kennelijk.”

Lees ook: Bisschoppen en kardinalen hielden misbruik in stand

Seksueel misbruik

Bij het steeds weer opduikende dossier seksueel misbruik binnen de kerk valt Eijk, anders dan zijn voorganger kardinaal Simonis (Wir haben es nicht gewusst), niet te betrappen op ongelukkige uitspraken. Afgelopen oktober maakte hij in een opinieartikel in NRC nog eens duidelijk hoezeer de hele geschiedenis hem tegen de borst stuit: „Wij geven ons rekenschap van wat er is gebeurd en hebben op diverse momenten en plaatsen verantwoording afgelegd. En dat zullen we steeds weer blijven doen.”

Maar Eijks imago als zakelijke ‘interim-manager’ helpt hem bij dit soort demonstraties van deemoed niet. Kritiek lijkt hij van zich af te laten glijden. Klaas Dijkhoff, fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer, liet zich uitschrijven als rooms-katholiek nadat de kardinaal hem „een hyperindividualist” had genoemd. Hij verklaarde dat Eijk en gelijkgestemden zich de afgelopen decennia specialiseerden in het vakkundig verjagen van veel goed, liefhebbend en sociaal volk uit de kerk. In een persbericht maakte het aartsbisdom Utrecht melding van „een plezierig en geanimeerd gesprek” tussen de twee. „Dijkhoff bleef bij zijn aangekondigde besluit”, stond erbij. Dat Eijk volhardde in zijn opvattingen was kennelijk geen nieuws.

Ethicus Heleen Dupuis, voormalig Eerste Kamerlid voor de VVD, herkent in die onbuigzaam overkomende kardinaal zelden de promovendus die ze ruim drie decennia geleden begeleidde bij het schrijven van zijn proefschrift over euthanasie. „Het was een dogmatische jongeman, maar niet op een vervelende manier. We respecteerden elkaars meningen.”

Hoogleraar Van Geest denkt dat Eijk nu „een voortreffelijke hoogleraar zou zijn geweest, intelligent en ijverig. Dat had ik hem gegund. In zijn huidige functie moet je welhaast depressief worden. Zijn bisdom implodeert.”

    • Paul van der Steen