Deze woensdag speelt Ajax thuis de laatste groepswedstrijd in de Champions League. De Amsterdammers zijn al door naar de volgende ronde.

Foto OLAF KRAAK/ANP

Ajax heeft ‘vrolijk weerzien’ met grote bedragen

Jeroen Slop | Financieel directeur Ajax De beurskoers van Ajax stond in jaren niet zo hoog. Deze woensdag speelt Ajax de laatste groepswedstrijd van de Champions League. De financieel directeur wrijft zich in de handen.

Er was eens een seizoen dat hij ruim 20 miljoen euro verlies schreef. „Met geld smijten kan iedereen”, zegt Jeroen Slop. Hij brengt het financiële dieptepunt van Ajax in 2010 zelf in herinnering. „Maar met beleid investeren, zodat je het juiste bedrag besteedt, dat is de moeilijkheid.”

Het is donderdag, de dag dat De Telegraaf de ‘zo goed als zekere’ transfer aankondigt van de 21-jarige Frenkie de Jong naar Paris Saint-Germain, voor 75 miljoen euro. De aanstaande recordtransfer stuwt het aandeel Ajax tot recordhoogte. Een recordomzet, voorbij de 118 miljoen die Ajax twee seizoenen terug boekte, is in de maak. De club verdient minimaal 60 miljoen in de Champions League. „Een vrolijk weerzien met de grote bedragen”, zegt Slop, na vier jaar zonder deelname aan het belangrijkste clubtoernooi.

Loopt de club die vier jaar lang geen kampioen werd nu weg van de concurrentie? „Zo zie ik dat niet. Pas als je vanaf nu vijf keer de enige Nederlandse deelnemer bent in de Champions League, ben je niet meer te achterhalen.”

Deze woensdagavond speelt Ajax thuis tegen Bayern München de laatste wedstrijd in hun poule. Beide clubs zijn al door naar de volgende ronde, de vraag is nog wie van de twee groepshoofd wordt. Zoals Bayern heerst in Duitsland, zo wil Ajax dat in Nederland. Maar waar zit nog groei? Het stadion zit vol, de sponsorcontracten zijn volgens Slop „geweldig” en de tv-rechten liggen vast. Nieuwe investeerders? Bayern is voor een kwart eigendom van Adidas, Audi en Allianz. „Ik vind het lastig een sponsor ook beleidsmatig een rol te geven. Een buitenlandse eigenaar evenmin, daar kiezen wij niet voor als vereniging.” De vereniging Ajax is voor 73 procent eigenaar van Ajax NV.

Kort na de beursgang in 1998 trad Slop in dienst als financieel directeur. Zijn kantoor in de Johan Cruijff Arena is één van vier vertrekken in een gedeelde ruimte. „Je ziet: het marmer spat hier niet echt van de muur.” Op de gang staat op een deur: KANTOOR. Het licht is uit. „Daar werkt Marc [Overmars, directeur spelersbeleid] als hij op het stadion is.”

Afgelopen zomer, na een seizoen waarin Ajax niet eens de Europese voorrondes overleefde, tastten Slop en Overmars diep in de buidel. Het salarisplafond van 1 miljoen euro was al doorbroken, maar met Dusan Tadic en Daley Blind werd een nieuw, nog duurder kaliber voetballers aangeboord. „Wij zijn met een roeibootje gaan vissen, we hebben geen oceaanstomer, zoals Engelse clubs”, zegt Slop. „Als je dan toch vissen in de Premier League vangt, doe je dat niet met lullig aas. Daar is pittig geïnvesteerd.”

Lees ook: Hij smeedde de duurste Nederlandse sportploeg ooit

In grote competities gaat bij clubs ruim de helft van de omzet naar spelerssalarissen, bij Ajax een kwart. Dat is zuinig.

Slop: „Grof gesteld: ja. Je moet weten waar je vandaan komt, hoe je je geld besteedt. Het salarisplafond loslaten om Europees aan te haken? Ja. Maar het hele kostenniveau rücksichtslos verhogen slaat nergens op. We kunnen niet tippen aan wat in de Premier League betaald wordt. Tegelijkertijd zijn we wel bezig die spelers te halen. Die komen niet voor niets. Er zijn grote stappen gemaakt.”

Tadic zou nu rond de 3 miljoen verdienen.

„O?” Slop trekt zijn wenkbrauwen omhoog. Bevestiging blijft uit.

Anders geformuleerd: individueel zijn er nu uitschieters.

„Nou, kijk. Individueel bestaat eigenlijk niet. Want als de een wat krijgt, zegt de ander niet: oh het is al wel mooi wat ik nu heb, daar hoeft niets bij. Als je het niveau Premier League in huis haalt, heeft dat een opwaartse tendens in alle salarissen.”

Hoe fors is de salarispost verhoogd?

„Dat ziet u straks in de halfjaarcijfers.”

Slop lacht. „Nou moet ik oppassen. Kent u de schaal van Mock? Bij elke typering die ik gebruik, past een percentage. Dus als ik bijvoorbeeld ook zou zeggen: fors, zegt een analist: oh, 45 procent.”

Eerder in het gesprek had Slop het over een „behoorlijke versteviging”.

Wat vond u van deze ‘behoorlijke versteviging’, als financiële man?

„Nou, het kan niet zo zijn dat je een ambitieus verhaal hebt, en dat je dan in de kosten niet meegaat. We zetten eerder al in op gevestigde jongens, maar de grootste kentering zit wel afgelopen zomer. Wat wel uitzonderlijk is, is dat wij ook zélf spelers opleiden tot topniveau. Daar past ook zo’n investering in De Toekomst bij.”

Ajax heeft 36 miljoen gereserveerd voor uitbreiding van dit opleidingscomplex. Dat barst uit zijn voegen, zegt Slop. „Als wij daar hadden afgesproken, had je echt moeten zoeken naar een plekje.”

De groepsfase alleen al levert Ajax nu bijna twee keer zoveel op als de vorige deelname. Heeft dat meegespeeld bij de investering in spelers?

„Niet relevant. Ons doel is aanhaken bij de Europese top, dus móét je. En dat kon ook met het eigen vermogen dat Ajax heeft opgebouwd. Europees meedoen heeft effect op je merchandising, de waarde van je spelers. Het totaalplaatje van Europees aanhaken, heeft enorme financiële meerwaarde.”

Lees ook het interview met Ajax-trainer Erik ten Hag in september: ‘Wat de rest vindt is niet belangrijk. Wel wat je intern vindt’

Ajax-spelers als Frenkie de Jong, Matthijs de Ligt en Hakim Ziyech zijn nu tientallen miljoenen waard. De aandeelhouders van de club spinnen van tevredenheid, supporters ook. Zo kort na een dramatisch seizoen, waarin Ajax nét 1 miljoen euro winst maakte en de bodem van de kas in zicht kwam. Op 30 juni, einde boekjaar, zat er nog ‘maar’ 12 miljoen in, waar dat de vijf voorgaande jaren steeds rond of ruim boven de 50 miljoen euro lag.

Heeft u risico’s genomen?

„Nee. We hebben ook nog een beleggingsportefeuille van 25 miljoen, direct om te zetten in geld.”

Slop legt uit dat Ajax bij het aantrekken van spelers meteen afrekent, voor korting op de transfersom. Terwijl de club bij de verkoop graag gespreid betalen accepteert, om juist een hogere prijs te krijgen. Voor de financiële huishouding kunnen vroege uitgaven en late inkomsten lastig zijn. Maar al duurt het vier jaar, dat geld komt wel, legt Slop uit. En financiers kunnen voorschieten, die zien voldoende zekerheid. „Kost je voor een jaar eerder je geld. Willen we niet, maar die back-up is er.”

En dat geeft Slop ook weer zekerheid, als opeens grote bedragen nodig zijn. Zo moest Ajax dit jaar 14 miljoen euro vennootschapsbelasting betalen over de eerdere recordwinst. „En de fiscus zegt dan niet: joh, betaal maar over vier jaar. Nee, bam.”

Hij houdt er nu rekening mee bij onderhandelingen. „Dan zeg ik tevoren tegen Marc: gezien de liquiditeit is het goed om de betaaltermijn één jaar te maken, niet vier. Of 60 procent uitgesteld, 40 procent nu. Dan heb je al wat binnen.”