Amanda Janssen: „Ik ben niet meer dezelfde als wie ik was. Er mist een stuk. Wat dat stuk is, hoe groot dat stuk is, dat weet ik niet.”

Foto Merlijn Doomernik

‘Ze hebben me verzonnen, puur om een kinderwens te vervullen’

Veel geadopteerden blijken papieren te hebben waar geen letter van waar is. Als Amanda Janssen (33), geboren in Sri Lanka , in de spiegel kijkt, weet ze niet wie ze ziet.

Hebben Nederlandse ambtenaren meegewerkt aan illegale adopties vanuit het buitenland? Vorige week maakte minister Sander Dekker (Rechtsbescherming, VVD) bekend dat hij dit wil laten onderzoeken door een onafhankelijke commissie. Het nieuws geeft Amanda Janssen (33) een dubbel gevoel. Kort geleden kwam ze er achter dat er niets klopt van de informatie in haar adoptiepapieren. Die ontdekking noemt ze „een oerknal”. „Alles in mijn leven is hetzelfde en toch is het voor mij volledig veranderd.”

Amanda Janssen wordt in 1985 als baby geadopteerd uit Sri Lanka, samen met haar oudere zus. Ze groeit onbezorgd op in Limburg. „Mijn adoptieouders konden zelf geen kinderen krijgen en wilden heel graag een baby adopteren”, vertelt ze. „Maar omdat er maximaal veertig jaar tussen adoptieouder en adoptiekind mag zitten en mijn moeder drieënveertig was, kregen ze mijn driejarige zus aangeboden.” De dan pasgeboren Janssen mag het stel ook adopteren, omdat de meisjes zusjes zijn en dan niet uit elkaar gehaald hoeven te worden. „Blijkbaar golden de regels voor het leeftijdsverschil dan niet.”

Later blijkt dat Amanda’s zus tijdens de adoptie al ouder was dan drie. „Op haar vierde begon ze ineens tanden te wisselen. Dat klopte natuurlijk niet.”

Lange tijd maalt Amanda Janssen niet om haar afkomst of haar geboorteland. Dat verandert als ze in 2016 zwanger raakt – ze is dan 31. „De verloskundige wilde van alles weten. Hoe ben je zelf geboren? Komt er hoge bloeddruk voor in je familie? Ik wist natuurlijk nergens het antwoord op. Dat vond ik confronterend.”

Archief binnenstebuiten

Amanda Janssen en haar vriend gaan alsnog op zoek naar haar roots. In de zomer van 2016 vliegen ze naar Sri Lanka. „Eerst naar het ziekenhuis in de hoofdstad Colombo dat op de kopie van mijn geboortecertificaat staat.” Daar keerden ze het archief binnenstebuiten, maar haar geboortenaam komt er niet in voor. Ze plaatst nog een oproep in een landelijke krant, maar ook dat levert niets op. Voor haar loopt het spoor dan dood.

Als een tijdje later de gids uit Sri Lanka haar in Nederland opzoekt, vindt hij in haar adoptiepapieren een medisch rapport waarin de naam van een ander ziekenhuis staat. „Dat was mij niet opgevallen, maar hij had al vaker een adoptiedossier gezien.” In Sri Lanka vindt de gids in dat betrokken ziekenhuis inderdaad haar gegevens.

Amanda Janssen, inmiddels hoogzwanger, laat het rusten. In januari 2017 bevalt ze van een dochter. Een paar maanden later, in mei 2017, brengt tv-programma Zembla in twee uitzendingen grootschalig adoptiebedrog in Sri Lanka in de jaren tachtig aan het licht. Zo’n 2.300 van de 3.500 geadopteerden uit Sri Lanka die in Nederland wonen, zouden valse identiteitspapieren hebben. Het nieuws verontrust Janssen, omdat ze altijd al het gevoel heeft gehad dat de verhalen van haar ouders rond haar adoptie niet kloppen.

DNA matchen

Amanda Janssen richt samen met de ook uit Sri Lanka geadopteerde Wendy Ridder en Mila Kop de organisatie ‘Sri Lanka DNA’ op. Doel is om via DNA-onderzoek de geadopteerden in Nederland en de families in Sri Lanka met elkaar te matchen. „Want als je papieren niet kloppen, dan is DNA-onderzoek je enige redmiddel.”

In september 2018 vliegen Janssen en Kop, gewapend met vijftien zelf betaalde DNA-testkits à 70 euro per stuk, naar Sri Lanka. Ze krijgen daar schrijnende verhalen over onvrijwillige adopties te horen. „Moeders die zijn voorgelogen of onder druk zijn gezet, of nooit toestemming voor de adoptie hebben gegeven.”

Janssen bezoekt ook het ziekenhuis waar de gids twee jaar geleden haar gegevens vond. Ze gaat met die gegevens naar het gemeentehuis, waar ze haar originele geboortecertificaat krijgt. Daar staat een adres op. Als ze op dat adres aankomt, komt ze erachter dat haar oudste broer er nog woont. Zijn vrouw heeft als meisje van twaalf de hele adoptie meegekregen, omdat ze toen al bij haar schoonfamilie inwoonde. „Ze vertelde dat mijn moeder toen ze zwanger was, op een markt werd benaderd door een ronselaar. Die had gezegd: ‘We hebben kinderen nodig die naar Nederland gaan.’”

Overdonderend

Ter plekke belt Janssen haar zus. „Een paar weken eerder had zij DNA ingeleverd bij Family Tree, de Amerikaanse DNA-bank waar wij mee werken. Dat had ik zelf al eerder gedaan. We wilden weten of we écht zussen waren, want vaak hadden we zelf het gevoel van niet. We hadden geen warme band met elkaar.” De uitslag is overdonderend: de vrouwen zijn geen zussen van elkaar. Janssen: „Het duizelde me. Hoe kón dit? Ik stond op de stoep van een familie, die twee zusjes hadden afgestaan, een kleuter en een baby. Maar wiens familie heb ik nu gevonden? Die van mezelf of die van mijn zus?”

Terug in Nederland blijkt uit DNA-onderzoek dat Janssen in Sri Lanka de familie van haar zus heeft ontmoet. Aanvankelijk pakt ze dat goed op. Ze is vooral heel blij voor haar zus. Maar na een paar weken dringt het tot haar door dat ze alle grond onder haar voeten kwijt is. „Ik heb geen naam, geen geboortedatum, niets. Ik ben nu officieel niemand.”

Hoe en waarom Janssen is verwisseld met de baby, het echte zusje van haar adoptiezus, is nog altijd onduidelijk. „Er zijn dus mensen in Sri Lanka geweest die dachten: ik verander haar identiteit wel even.” Stuitend, vindt ze. „Daar heb je gewoon niet aan te komen.”

Ze weet niet wie ze is

Als Amanda Janssen zichzelf in de spiegel aankijkt, weet ze niet wie ze ziet, zegt ze. „Ik ben niet meer dezelfde als wie ik was. Er mist een stuk. Wat dat stuk is, hoe groot dat stuk is, dat weet ik niet.” Ze heeft aan haar vriend gevraagd van wie hij eigenlijk houdt. „Want als ik niet weet wie ik ben, hoe kan hij dan van mij houden?”

De basis van jou als mens zijn je naam en je geboortedatum, legt ze uit. „Je viert je verjaardag, je weet hoe je heet. Hoe kan dan de rest wel kloppen, als je dat onderste steentje onder je vandaan trekt?” De fundering is gewoon foetsie, zegt ze. „Iedereen denkt dat het huis nog overeind staat, maar niemand ziet dat er daaronder iets totaal mis is. Dat maakt het zo verschrikkelijk alleen.”

Niet eerder in haar leven ervoer Janssen zo’n verdriet. Ze denkt dat ze in een rouwproces zit. „Ik rouw alleen om iets wat er nooit is geweest. Voor mij is dat een raadsel. Waar heb ik dan last van?” Op slechte dagen heeft ze nergens zin in, en kost alles moeite. „Dat is zwaar voor iemand bij wie altijd de zon scheen.” Er is met haar gerommeld, zo voelt het.

„Ze hebben me gewoon verzonnen, puur om een kinderwens te vervullen en om daar geld aan te verdienen. Alsof ik als mens niet van belang ben. Ze zijn aan mij gekomen op het moment dat ik geen stem had, maar nu ben ik er wel. En nu heb ik het op te lossen.”

Naschrift (13 december 2018): Om privacyredenen is de naam op het geboortecertificaat uit dit artikel geschrapt.