Opinie

    • Coen van Zwol

Oude knarren vergissen zich met Kevin Hart

Coen van Zwol Coen van Zwol verbaast zich over de ophef rond Kevin Hart – die het Oscargala zou presenteren maar bij nader inzien toch maar niet. Het is immers niet voor het eerst dat Hart op zijn verleden wordt aangesproken.

Het gaat niet goed met The Academy of Motion Picture Arts and Sciences. Nu komiek Kevin Hart weer. Vorige week dinsdag zou hij nog het 91ste Oscargala presenteren, president John Bailey van de Academy noemde hem „een warm en aardig en geliefd persoon”. Donderdag trok Hart zich terug.

Een zwarte komiek die uitgroeide tot superster met 35 miljoen volgers op Twitter en 66 miljoen op Instagram, goed idee toch? Helaas is Kevin Hart ook homofoob van het type ‘ik heb niks tegen homo’s, maar’. Hij kwam pas vorige week op het idee zijn Twitterfeed op te schonen, critici onderschepten honderden tweets waaruit bleek dat hij – tot 2011 althans – ‘homo’ of ‘gay’ het ergst denkbare scheldwoord vond („jouw profielfoto lijkt een homobillboard voor aids”). Ook oude stand-up humor dook op, over hoe hij „gay moments” er bij zijn driejarige zoontje met harde hand uitsloeg.

De keus voor Kevin Hart als presentator van het Oscargala leek ingegeven door gedachteloze kijkcijferdrift

Het gekste is nog dat de Academy verrast reageerde. Men eiste excuses van Kevin Hart, die weigerde en zich terugtrok. Om daarna alsnog door het stof te gaan („Ik verander en hoop dat te blijven doen.”) Het is namelijk bepaald niet voor het eerst dat Hart op zijn verleden wordt aangesproken. Zijn verdediging is in de regel dat het geen homofobie betreft, maar ‘satire op heteropaniek’. Want dan mag je wel om homo’s lachen.

Wat is er toch aan de hand met de Academy? Vijf minuten googlen en je weet genoeg over Kevin Hart. Dat homofobie problemen geeft, weet men ook al sinds 2011. Toen vertrok Brett Ratner, nu ook in opspraak door #MeToo, als producer van het Oscargala na de opmerking dat „alleen flikkers repeteren”.

Het is de tweede zeperd op rij. In augustus kondigde de Academy aan dat er komend jaar een nieuwe Oscar voor populaire film komt. Zo hoopte men de slinkende kijkcijfers van het Oscargala op te krikken: kijkers haken af omdat superheldenfilms nooit in de prijzen vallen. Dat in kleine kring voorgekookte plan bleek ondoordacht en controversieel en werd ingetrokken. De keus voor Kevin Hart lijkt ingegeven door dezelfde gedachteloze kijkcijferdrift.

Toondoof bestuur

Het wijst op een toondoof bestuur. Sinds augustus vorig jaar is de 76-jarige cinematograaf John Bailey president van de ‘board of governors’ van de Academy. Hij volgde de zwarte vrouwelijke pr-functionaris Cheryl Boone Isaacs op, onder wie veel veranderde. In 2012 bleek de Academy een witte countryclub te zijn: 94 procent wit, 77 procent man, 86 procent 50-plus. Drie jaar later werd de Academy onder het motto #OscarsSoWhite onderhuids racisme verweten. Er volgde een instroom van anderhalf duizend nieuwe leden: meer vrouwen, meer kleur.

John Bailey, een erudiete liberaal, belichaamde de reactie van filmveteranen die het allemaal wel erg snel gaat. Het racismeprobleem is nu opgelost, tijd om weer normaal te doen en te focussen op de Oscars. Maar een maand na Baileys aantreden viel producer Harvey Weinstein en begon #MeToo. Vakblad Variety meldde in maart dat er een intern onderzoek liep naar Bailey wegens een geval van seksueel wangedrag. Bailey zag af van een welkomstwoord op het Oscargala, zijn zaak stierf een stille dood.

Zo blijft het rommelen. #OscarsSoWhite leidde tot twee tenenkrommende Oscargala’s waar Hollywood ongemakkelijk zwalkte tussen wegwuiven en overcompensatie. #MeToo veroorzaakte dit jaar iets soortgelijks. De kas rinkelt als nooit tevoren, toch is Hollywood volgens insiders verkrampt en depressief door ingrijpende culturele én institutionele verschuivingen, zoals de komst van Netflix en megafusies. Geen goede tijd voor oude knarren.

    • Coen van Zwol