In de Oostvaardersplassen mogen de herten al twintig jaar zoveel mogelijk hun natuurlijk gedrag vertonen, zonder dat daar jaarlijks een aantal dieren voor moet worden gedood.

Foto Olivier Middendorp

Een fit hert doodschieten valt niet mee

Oostvaardersplassen Massale afschot. Zo heet doden van 1.830 herten. De boswachters raakten er maandag drie.

Het valt nog niet mee om in de Oostvaardersplassen een hert dood te schieten. Drie keer hebben de boswachters van Staatsbosbeheer maandag met succes kunnen aanleggen voor een dodelijk schot; twee gezonde hindes en een hertenkalf werden geschoten.

Om het natuurlijk evenwicht in het natuurgebied tussen Almere en Lelystad te herstellen, moet Staatsbosbeheer de komende maanden 1.830 edelherten afschieten, in opdracht van de provincie Flevoland. Maar of dat gaat lukken? „Tja”, zegt een boswachter. „We doen ons werk naar eer en geweten. We proberen het gewoon zorgvuldig te doen.” De woordvoerder van Staatsbosbeheer: „Of we dat aantal gaan halen, valt nu niet te zeggen. We gaan uit van ongeveer twintig per dag. Maar dat zal in deze eerste maanden, als de dieren nog erg fit zijn, niet altijd lukken. Zorgvuldigheid staat voorop.”

Nee, een „ordinaire schiettent” zoals de Partij voor de Dieren het voorgenomen grootschalige afschot in Flevoland heeft genoemd, kun je het moeilijk noemen. Het afschot begint maandag tegen tienen, in regenachtig en winderig weer, en dan blijkt al meteen hoe lastig het is een dier uit de wilde kudde edelherten te schieten. De dieren zijn „onrustig” door vooral de wind, en zijn bovendien nog reuze fit, aan het begin van de winter. Zodra de boswachter zijn auto de vlakte op stuurt in de richting van een groep edelherten, vluchten de dieren gezwind weg. „Dat is nu wat jacht inhoudt”, zegt hij.

Pas halverwege de middag schoten de jagers het eerste dier af. Foto Olivier Middendorp

Nieuwsgierige hindes

Vanaf ongeveer honderd meter afstand kan er worden aangelegd door de boswachters, wier namen om veiligheidsredenen niet mogen worden genoemd. Een enkele keer lukt het dichtbij te komen. De faunabeheerder pakt zijn geweer, zet zijn gehoorbeschermers op en mikt op een stel nieuwsgierig kijkende hinden. Tot een schot komt het niet. „Ik kan geen schot lossen, want ze staan allemaal achter elkaar. Als ze in de groep gaan staan, maak ik geen kans meer.”

Staatsbosbeheer heeft maandag twee boswachters het veld ingestuurd. De ene boswachter probeert het in het deel bij Lelystad, de andere rijdt naar Het Stort, een gebied tegen Almere aan. Aanvankelijk vergeefs. Hij rijdt achteruit, draait achterom. „Ik rij nog een stukje, misschien kan ik dat ene hert dat er slecht bij staat nog vinden.” Het leidt tot niets.

Onderweg zien we prachtige natuur; zilverreigers, een buizerd, een kiekendief en een torenvalk, en zelfs een zeearend, zeventien jaar oud. „Dat is papa. Mooi dat hij ons komt begroeten.” Het gras staat er groen bij, hier en daar liggen botten van kadavers. De boswachter pakt zijn portofoon voor overleg met zijn collega. „Hier wordt het niks.” Hij rijdt onder een spoorlijn door, het Kotterbos in. Geen hert te bekennen. „Je ziet wel: dit doe je niet zomaar even. Diana en Sint Hubertus zijn ons vandaag niet genadig.”

Omdat ‘veiligheid en zorgvuldigheid’ vooropstaan is publiek niet welkom.
Foto Olivier Middendorp

Super alert

Later op de dag een nieuwe poging. Een boswachter stopt voor een groep herten, maar die zijn „super alert” en huppelen weg. Naar het Kotterbos dan maar weer. Er staan enkele herten tussen de bomen. Te ver weg. Dan een bericht over de portofoon; de andere boswachter heeft een hinde geschoten. Het kadaver ligt eenzaam op de vlakte, naast een dikke tak; voedsel voor aaseters als vos, kraai en raaf. „Binnen enkele dagen is het vlees verdwenen”, zegt de boswachter. Op de terugweg treft de boswachter een laatste kudde edelherten, links van de weg. Ze kijken nieuwsgierig op en besluiten dan te vluchten. Rechts van de weg staan een hinde met een jong dier.

Bekijk ook de uitgebreide fotoreportage van de eerste afschieting in de Oostvaardersplassen

De boswachter legt aan en schiet – een blikkerig geluid, en na enkele seconden valt het jonge dier om. „We schieten altijd eerst het jonge dier, om te voorkomen dat het als wees achterblijft”, zegt de woordvoerder van Staatsbosbeheer.

De hinde wandelt weg van het dode jonge dier, en er weer naartoe. Daarna opnieuw het blikkerige schot. De hinde loopt een meter of tien door, dan stort het ter aarde. Nog 1.827 dieren te gaan.