Opinie

    • Marcel van Roosmalen

Sinterboef

Rapper Boef koos sinterklaasavond uit om zijn imago op te poetsen, op zich logisch want rijmen is een van zijn sterkere punten. „Sinterklaas wordt SinterBoef”, schreef hij op Instagram bij filmpjes waarop te zien is hoe hij inkopen deed in het centrum van Alkmaar. Hij kocht een vestiging van Intertoys leeg en toog daarna naar een parfumerie. We zagen hem met een bijna niet te tillen mand vol cadeaus in een winkelstraat. Kinderen hielpen mee om alles in een ‘waggie’ (bestelbusje) te laden.

„Zo gaat dat in Alkmaar”, schreef Boef, „iedereen helpt mee”.

Daarna ging hij met 263 cadeaus naar het asielzoekerscentrum in Katwijk waar hij alles uitdeelde. Hij liet zich filmen terwijl hij als een echte goedheiligman kinderen één voor één naar voren riep, hielp met het uitpakken van cadeaus en kinderen knuffelde.

Eerder deze week kondigde hij ook al aan om met Kerstmis drie keer 1.000 euro te verloten onder scholieren die aan kunnen tonen een ‘9’ te hebben gehaald.

Goed doen om in de volksgunst te komen, een beproefd recept. Ik vond het altijd iets voor tweederangsdictators en dacht dat dat in Nederland niet werkte, maar dan zat ik er toch lelijk naast. Op de sociale media buitelden ze over elkaar heen om Boef te complimenteren met zijn goede daden en om de duim omhoog te steken. Met de andere vingers werd alvast voorbarig naar de ‘oude media’ gewezen die dit natuurlijk niet groot gingen brengen terwijl ze wel heel veel aandacht hadden toen Boef met driehonderd kilometer per uur door een woonwijk racete, hij vrouwen uitschold voor kech, een agente vernederde vanwege haar uiterlijk en tegen een andere agent zei dat hij diens dochter neukte.

En dat terwijl de website van de NOS er in dit geval als de kippen bij was om heel onkritisch haar best te doen. Ze interviewden een winkelbediende – „Het was hier echt een vrolijke boel” – , een woordvoerder van het asielzoekerscentrum – „De kinderen waren echt heel blij” – en ook het management van Boef dat er de nadruk op legde dat Boef zelf een busje had geregeld en zelfs op basis van leeftijdscategorieën inkopen had gedaan.

’s Avonds nam ik mijn kinderen op schoot en ik vertelde ze het verhaal van Sinterboef, onze decadente held die ons met de ene hand slaat en zich daarna laat filmen terwijl hij langzaam zijn andere hand openvouwt. Met iets erin!

„Pepernoten?” vroeg mijn conservatieve oudste dochter (3).

„Nee kech, iets glimmends.”

Ik legde uit dat je schijt mag hebben aan alles en iedereen, maar dat geld het allerbelangrijkste is omdat je daarmee alles kunt kopen. Een mooie waggie bijvoorbeeld, maar ook mensen.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.

    • Marcel van Roosmalen