Nog vier WK’s

November was de maand van de wereldkampioenschappen. Behalve het WK in Londen van Carlsen en Caruana was er bijna tegelijkertijd het WK van de vrouwen in Chanty-Mansisk, dat werd gewonnen door de Chinese Ju Wenjun, die al wereldkampioen was en haar titel prolongeerde.

Tijdens dat toernooi schreef een van de deelneemsters, de Rus Natalia Pogonina, dat ze hoopte dat ze met hun kampioenschap de match tussen Carlsen en Caruana uit de publiciteit konden verdringen. Ik geloof dat je daar tegenwoordig expliciet bij moet zeggen dat het een grapje van haar was.

Er waren in november ook nog vier WK’s van de senioren, voor mannen en vrouwen en in twee leeftijdscategorieën, 50+ en 65+. Ze werden gehouden in Bled, een Sloveens stadje met een rijke schaakgeschiedenis.

De jongens en meisjes van 50+ kan ik niet echt als senioren beschouwen. De volksschrijver Gerard Reve plaatste eens een contactadvertentie die begon met de woorden: ‘Jonge man, 50 jaar…’ en Viktor Kortchnoi was 50 toen hij in 1981 tegen Anatoli Karpov een match om het wereldkampioenschap speelde. Het is wel waar dat hij dat drie jaar eerder, toen hij nog een jonge god van 47 was, een stuk beter deed.

Bij de mensen van 65+ keek ik hoe mijn vrienden van vroeger het deden en ik was blij dat een van de aardigste van hen, de Tsjech Vlastimil Jansa, daar wereldkampioen werd. We speelden voor het eerst tegen elkaar in de studentenolympiade van 1964 in Krakau. Hij won toen, maar in de jaren daarna heb ik het ingehaald. Vergeef me dat ik het opmerk. In de loop der jaren verliezen we veel van onze ratingpunten, maar niet onze ijdelheid.

Jansa is nu 76 jaar. Ik zag in de database dat hij dit jaar in de Tsjechische, de Duitse en de Sloveense clubcompetitie heeft gespeeld. Een onvermoeibare professional. Als hij een soort Gerard Reve was, zou hij bij een club kunnen solliciteren als ‘jonge man, 76 jaar…’

Alexander Lisenko - Jevgeni Svesjnikov, WK 65+, Bled 2018

1. c4 c6 2. b3 d5 3. Lb2 Lf5 4. Pf3 e6 5. g3 Pf6 6. Lg2 Pbd7 7. 0-0 Le7 8. d3 h6 9. Pbd2 0-0 10. a3 Db8 11. cxd5 cxd5 12. Pd4 Lh7 13. Tc1 a6 14. Lh3 Dd6 15. Dc2 Ld8 16. b4 Lb6 17. P2b3 Tfb8 18. Dd2 Tc8 19. Pa5 Zwart heeft problemen met zijn b-pion, omdat 19…Lxa5 20. bxa5 gevolgd door 21. Db4 hem niet zou helpen. 19…Txc1 20. Txc1 Tb8 21. Tc2 Lg6 22. Dc1 Kh7 23. Tc8 Txc8 24. Dxc8 De5 Zwarts damevleugel wankelt. Hij moet het van een tegenaanval hebben. 25. Pab3 Dh5 Misschien was het angstvallige 25…Dc7 objectief beter. 26. Kg2 Pe5 Dit had mis moeten gaan. Waarschijnlijk was 26…Lxd4 27. Pxd4 e5 zwarts beste kans. 27. Dxb7 Wit denkt dat hij al kan oogsten. Hij had eerst zijn koningstelling moeten beveiligen met 27. f3, waarna een stukoffer van zwart veel minder kansrijk zou zijn dan in de partij. 27…Lxd4 28. Pxd4

Zie diagram

28…Pxd3 29. exd3 Lxd3 De kansen zijn gekeerd. Opeens heeft zwart een winnende aanval met 30…Dxh3+ 31. Kxh3 Lf1+ en mat als belangrijkste dreiging. 30. f3 Paniek. Er was geen behoorlijke verdediging meer. 30…Dg5 Goed genoeg, al was 30…Dxh3+ mooier en sterker. 31. Lxe6 Dd2+ 32. Kh3 Lf1+ Wit gaf op.

    • Hans Ree