Opinie

    • Beatrice de Graaf

Eer, worst en kaviaar

Column Beatrice de Graaf

Het kapitaal van Poetin als Ruslands leider is zijn claim de Russische natie te begrijpen en zelfs te belichamen. Met of zonder blote torso.

We zullen ze missen, Poetin en Merkel. Over een jaar of wat zullen we met warme herinneringen terugkijken op deze periode. Bijvoorbeeld toen deze steunpilaren van de Euro-Kaukasische vredesorde in november 2018 aan de rand van het G20-overleg in Buenos Aires met worst en kaviaar hun alliantie bevestigden. Experts en diplomaten zullen dan onderstrepen hoe zeer hun onwillige, maar vasthoudende overleg in de jaren van de Krim-oorlog heeft bijgedragen aan conflictbeheersing en doorgaande economische uitwisseling. Waarom is dat nu voor tijdgenoten dan nog zo slecht zichtbaar?

Omdat wij door de spiegel van onze eigen westerse, Nederlandse of Europese identiteit kijken. In die reflectie van individuele vrijheid en waardering voor inspraak en overleg kan het rauwe en provocerende gedrag van de Russische machthebbers, generaals en spionnenchefs heel barbaars ogen. Is de Skripal-affaire het begin van een nieuwe Koude Oorlog? Is de confiscatie van de Oekraïense schepen in de Azov-zee het begin van verdere militaire agressie en escalatie?

Een prachtig boek uit 2016 van de Russische politicoloog Alexei Tsygankov, Russia’s foreign policy, kan ons helpen Poetins buitenlandse politiek beter te begrijpen. Volgens hem kan de wijze waarop Rusland zich in de internationale betrekkingen handhaaft niet worden begrepen door er alleen een verhaal van macht en heerszucht van te maken. Rusland werpt zich op als de sterke man in de regio – net te klein voor de wereld, net te groot voor Europa. Poetin beheerst de spierballentaal als geen ander. Zijn schouderklopje voor Trump tijdens de oorlogsherdenking in Parijs is daar een voorbeeld van. Maar dat is toch niet het hele verhaal. ‘Eer’ speelt ook een rol – en dat is niet iets dat je opmeet in aantallen raketten, hun snelheid en bereik, maar iets dat ook wat zegt over cultureel, moreel en politiek kapitaal van een leider en zijn land. Cultureel gesproken is ‘eer’ een grondstof die zowel iets zegt over de mate van zelfrespect die iemand voor zichzelf en zijn organisatie heeft, als over de erkenning en status die iemand in de ogen van anderen geniet. Eer legt de brug tussen hoe een staatsleider of regering zijn land en volk ziet en presenteert, zowel in eigen land als naar buiten toe. In landen met een high power distanceeen grote afstand tot de macht van het ‘gewone’ volk – drukt eer zich uit in de reputatie van de leider als groot staatsman en alleskunner.

Die eer wil de leider weerspiegeld zien in volgzaamheid of zelfs dankbaarheid van zijn volk, en respect van zijn trawanten in eigen land en van zijn collega-staatsleiders in het buitenland. Het kapitaal van Poetin als Ruslands leider is precies dat: zijn claim de Russische natie te begrijpen en zelfs te belichamen. Met of zonder blote torso. Dat kapitaal is Poetins troefkaart, in de binnenlandse politiek én naar buiten toe.

Want zo veel meer heeft hij immers niet. Op onverwacht eerlijke wijze gaf de Kremlinchef dat in maart 2018 tijdens zijn State of the Union toe: „Rusland is een toonaangevende mogendheid met een groot handels- en militair potentiaal. Maar wanneer het om de levenskwaliteit en de welvaart van de bevolking gaat, hebben we ons niveau nog niet bereikt.” De grootste vijand van Rusland is niet „dat er iemand komt die ons land binnenvalt en het vernietigt”. De grootste bedreiging, aldus Poetin, is de Russische achterstand, of zelfs achterlijkheid op het vlak van armoede, gezondheid en welvaart. Op die schokkende ontboezeming reageerde bijna niemand in de westerse media, want Poetins onthulling van allerlei nieuwe wapensystemen trok alle aandacht naar zich toe: langeafstandsraketten (‘sabel’), torpedo’s en een 200-ton-zware atoomraket (‘satan’) die dwars door het Amerikaanse atoomschild heen zouden kunnen breken. Wat ook niet werd opgepikt is dat Poetin daarna suggereerde dat het tijd was dat er in het Westen weer een grote vredesbeweging zou opstaan die de NAVO tot wapenbeheersing en overleg zou dwingen.

Poetins eer dicteert dat hij met wapens zwaait en controle claimt over de gebieden in de vermeende Russische invloedssfeer. Zijn staatsmanschap is gevorderd genoeg om te beseffen dat er in de binnenlandse politiek meer nodig is dan eer. En dat overleg met Duitsland, Frankrijk, de EU en de VS essentieel is voor het economisch overleven van de Russische natie.

De schandalen rond de Russische militaire geheime dienst zijn daarom zorgwekkend. Ze laten zien dat de controle van het Kremlin over gedrag en cultuur van de diensten en hun acties aan het afbrokkelen is. De Skripal-affaire en de arrestatie van de vier Russische spionnen in Nederland waren een klap in het gezicht van het Kremlin. Poetins populariteit is ten opzichte van vorig jaar met 20 procentpunten naar 39 gedaald. Het aantal Russen dat in grote armoede leeft is weer verdubbeld. De siloviki, de ‘sterke mannen’ onder Poetin, beginnen hem openlijk uit te dagen. Generaal Viktor Zolotov, hoofd van de Nationale Garde, laat zich openlijk filmen terwijl hij vermeende terroristen overmeestert en oppositieleden bedreigt. Van eer of decorum is geen sprake meer. Als Poetin vertrekt, vertrekt ook zijn concept van Russische eer. Wat er voor terugkomt zou weleens bruter, grilliger en gewelddadiger kunnen zijn. Het Westen doet er goed aan, zoals Merkel allang heeft begrepen, Poetin zijn eervertoon te gunnen en met Rusland zaken te doen nu onder al dat wapengekletter nog volop ruimte is voor afspraken en overleg.

Beatrice de Graaf is hoogleraar geschiedenis van de internationale betrekkingen in Utrecht.
    • Beatrice de Graaf