De vicieuze impasse van de beul die zichzelf onthoofdt

Alledaagse wetenschap Wekelijks stuit Karel Knip in de alledaagse werkelijkheid op raadsels en onbegrijpelijke verschijnselen. Deze week: wat is een catch-22?

Politieke cartoon van de voormalig gouverneur van New York Grover Cleveland als Ko-Ko uit Gilbert and Sullivan’s opera The Mikado (1882). Illustratie Bettmann Archive

Wat is een catch-22? Je zit achter de computer een brief op poten te tikken en opeens heb je zoveel toetsen tegelijk aangeslagen dat het apparaat ermee stopt. De toetsen reageren niet meer op nieuwe aanslagen. Hoe nu verder? Google biedt raad, weet je uit ervaring, maar Google valt niet langer meer te consulteren.

Of, net zoiets: de verbinding met internet valt uit. E-mailen lukt ook niet meer. ’t Kan aan de provider liggen, maar ook aan de oude ‘router’ op de hoek van het bureau. Hoe kom je erachter? Het is bijna altijd de provider. Die stuurt ook steeds een mail met duizend excuses, maar die komt pas binnen als de storing voorbij is.

Zijn dit catch-22-situaties? De roman Catch-22 van Joseph Heller (1961) is er minder helder over dan je zou willen. Vliegenier Yossarian moet nog zes van de verplichte vijftig bombardementsvluchten boven Italië uitvoeren voor hij op verlof kan (het boek speelt in de Tweede Wereldoorlog). Maar hij is de vluchten doodeng gaan vinden – je wordt steeds door allerlei onbekenden beschoten – en probeert zich eraan te onttrekken door zich gek te laten verklaren. Kameraden genoeg die bevestigen dat hij ‘crazy’ is, maar die worden zelf als ‘crazy’ beschouwd. Dat gaat dus niet. De andere route loopt over de luchtmacht-arts, die kun je vragen om vrijstelling van de levensgevaarlijke vluchten omdat je zomaar gek geworden bent. Het ongelukkige is dat zo’n verzoek juist als bewijs wordt beschouwd dat je niet gek bent. Alleen wie gek is laat zich op een bombardementsvlucht sturen.

Catch-22 zit vol met dit soort spitsvondigheden, met van die gevatheden en snedigheden die we tegenwoordig vooral kennen van sociaalnetwerksite Twitter en dergelijke. „Je ne parle pas français.” „Alleen toehoorders die geen vragen stellen krijgen toestemming om vragen te stellen.” „Waarom zou je een dode nog rapporteren, die is er immers niet meer.” Enzovoort. Heller hobbyde in cirkelredeneringen, contradicties, paradoxen en oxymoronen. Wie ervan houdt kan aan het boek zijn hart ophalen.

Flirt-verbod

Het is vreemd dat de catch van Catch-22 zo bekend is geworden terwijl al in 1885 een impasse is beschreven die zeker zo sterk is. In de opera The Mikado (van Gilbert en Sullivan) legt een mataglappe Japanse keizer zijn onderdanen van de ene op de ander dag een flirtverbod op. Op flirten komt de doodstraf te staan, wie flirt zal worden onthoofd. De inwoners van het stadje Titipu vrezen het ergste want juist bij hen wordt tegen de klippen op geflirt. Als de populaire ouwe meisjesgek Ko-Ko wordt betrapt en als eerste voor de bijl zal gaan verzinnen ze een list: ze benoemen hem tot de beul, de scherprechter. Daarmee lijkt het gevaar voorgoed afgewend. De list slaagt niet helemaal omdat de Mikado, blijkt op een later moment, minstens één executie per maand verwacht. Zo krijgt Ko-Ko het advies om in hemelsnaam maar aan zijn eigen onthoofding te beginnen. Het loopt allemaal goed af.

Of de Titipu-list een zuivere tegenhanger is van de catch-22 is niet zomaar vastgesteld en dat wil je ter wille van een goede classificatie eigenlijk wel weten. Je zou er een logicus bij kunnen halen – Aristoteles was een mens, mensen hebben oren, dus Aristoteles had oren – maar in de praktijk blijkt dat van beperkt nut.

Divandenkers

Misschien komt het onderscheidend criterium van de manier waarop de verschillende impasses kunnen worden doorbroken - denk ook aan de patstelling bij het schaken en de deadlock op een gelijkwaardige kruising met druk verkeer uit vier richtingen. En vergeet de vicieuze cirkels niet. Getrainde divandenkers moeten er uit kunnen komen.

En wie toch op de divan ligt kan ook eens peinzen over de eigenaardige gewoonte van veel moderne dagbladen om op hun internetsite bekend te maken wat de ‘best gelezen’ of ‘meest gelezen’ artikelen zijn. De ontwikkeling steunt op computers die ‘kliks’ bijhouden en registreren hoelang een artikel ‘open’ staat.

De ‘best read’-rubrieken zijn de hitparades van de journalistiek en je hoort wel eens beweren dat ze niet alleen als service aan de lezer dienst doen maar dat er ook binnen de redacties gebruik van wordt gemaakt. De redacteur die het best of meest gelezen stuk schreef kan op een pluimpje rekenen.

De kwestie is natuurlijk (1) dat er altijd een best gelezen stuk is en (2) dat veel lezers bij uitstek zijn geïnteresseerd in de ‘best gelezen’ artikelen, ja, dat het wel eens zo kan zijn, om ook eens een Heller-grapje te maken, dat de meest gelezen stukken het meest gelezen worden. Methodologen zien het handenwringend aan, maar die wrongen ook al met hun handen toen de lijstjes van best verkochte boeken verschenen – en de echte hitparades. Wat wordt hier eigenlijk gemeten?

Hoe doorbreek je het zelfversterkend effect van de lijstjes zonder de lijstjes as such overboord te kiepen. Hoe vind je een algoritme dat onderscheid weet te maken tussen lezers die wel of juist niet naar de lijstjes kijken? Denk toch door op de divan.

    • Karel Knip