Opinie

    • Hugo Camps

Copa Libertadores

Iedere keer als ik Diego Maradona zie in zijn landloperkloffie, de ogen als wazige inktvlekken en woorden die krakend uit een betonmolen komen, voel ik het sterven van het Argentijnse voetbal. Eens een wereldmacht in shirts van het mooiste blauw met iconen die de eeuw hebben doorstaan. Vandaag een maffiose bende met hooligans als huurlingenleger. Argentinië is niet in staat de terugwedstrijd in de finale van de Copa Libertadores vredevol te organiseren. De wedstrijd tussen River Plate en Boca Juniors wordt zondagavond gespeeld in Bernabéu, de goddelijke tempel van Real Madrid. Stel je toch eens voor dat de Supercup tussen Ajax en Feyenoord moet afgehaspeld worden in Qatar. De legioenen zouden kokhalzend over hun sjaaltjes hangen. Uitwijken voor het hoogtepunt van een voetbalnatie is het failliet van clubs en land. Voor Argentinië, waar voetbal staatsreligie is, betekent het hoogverraad. Want River Plate en Boca Juniors zijn gans het volk. In de Copa Libertadores schemert de ziel van een eeuwenoude traditie.

Twee weken geleden gooiden de ‘barras bravas’ van River Plate stenen door de ramen van de spelersbus van Boca Juniors. Enkele voetballers raakten daarbij gewond, anderen werden bevangen door prikkelend traangas. Het was alsof de gele hesjes de omgeving van stadion La Bombonera als slagveld hadden uitgekozen. De hooligans van de twee Argentijnse grootmachten zijn de stoottroepen van de maffia die zich naast voetbalzaken heeft verdiept in drugstrafiek. De bond, de clubs en de regering laten begaan.

Ook de passie van ‘gewone’ supporters is niet te temmen. Elke zondag klimmen mannen en vrouwen op palen, hekken en lichtmasten naast de tribunes om een glimp van de wedstrijd op te vangen. Elke zondag vallen er daarbij gewonden. Aan goede voetballers ontbreekt het de Argentijnen niet. Ook zij delen in de wederzijdse haat van River Plate en Boca Juniors.

Lionel Messi zal zondag in het Estadio Santiago Bernabéu zitten. De vedette van FC Barcelona wil de match uit zijn thuisland voor geen geld missen. Cristiano Ronaldo was ook uitgenodigd, maar die bedankte. Alles wat naar Real Madrid ruikt, valt als prikkeldraad over zijn ziel. De afkeer zit diep.

De rivaliteit tussen de twee clubs stamt al van bij het eerste duel in 1913. Er ontstond een eindeloze discussie over de clubkleuren. Uiteindelijk moest een wedstrijd gespeeld worden om de kleur van het tenue te bepalen. River Plate speelde in rood en wit, Boca verloor de wedstrijd en koos voor blauw en geel. Boca is de club van de armen terwijl in het adresboekje van River Plate de duurste namen voorkomen: Passarella, Kempes, Tarantini, Callego…

Het stadion van Boca zat een dag voor de terugwedstrijd in de finale stampvol met supporters die de laatste training wilden zien. De zwarte markt van tickets voor de wedstrijd floreerde: er werd tot 4.800 euro geboden voor een tribunezitje. Geen van de finalisten tekende bezwaar aan tegen deze gangsterpraktijken.

Voetbalgeweld is niet uitgeroeid, ook niet in Nederland. In 1997 liet Ajax-fan Carlo Picornie het leven tijdens de slag van Beverwijk. Triest dieptepunt van een guerrilla tussen zwakzinnigen. Vandaag zijn de tribunes beschaafder, al blijven harde kernen zich roeren.

De finale van de Copa Libertadores had na de incidenten voorafgaand aan de terugwedstrijd niet meer gespeeld mogen worden. En al helemaal niet in een voetbaloase als Bernabéu. Ik kijk zondagavond stug naar de eredivisie.

Hugo Camps is journalist, columnist en schrijver.

    • Hugo Camps