Advocaten: gestraften door OM moeten hun zaak kunnen openbreken

Strafbeschikking Duizenden mensen werden de afgelopen jaren onterecht veroordeeld, onthulde NRC dinsdag. De Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten wil nu dat veroordeelde burgers hun zaak alsnog kunnen openbreken.

Burgers die de afgelopen tien jaar een zogenoemde ‘strafbeschikking’ van het Openbaar Ministerie (OM) hebben geaccepteerd, moeten alsnog de kans krijgen om die aan te vechten. Dat stellen strafrechtadvocaten voor in reactie op het nieuws van NRC dinsdag dat het OM de afgelopen tien jaar duizenden mensen ten onrechte met deze strafbeschikking heeft gestraft.

Het OM mag sinds 2008 zonder tussenkomst van de rechter boetes, taakstraffen, gebiedsverboden en meldplichten opleggen voor alle misdrijven met een maximumstraf van zes jaar. Het gaat dan bijvoorbeeld om diefstal, geweld, drugs- en wapenbezit en verstoring van de openbare orde of vernieling.

Vervolgen én veroordelen

Lees ook het nieuws van NRC over de duizenden onterecht gestraften.

De afgelopen tien jaar legde het OM in totaal 267.210 strafbeschikkingen voor misdrijven op. In deze zaken vervolgt én veroordeelt het OM. Daarmee stelt het OM ook de schuld van verdachten vast, die daardoor een strafblad kunnen krijgen.

Dat het OM duizenden mensen onterecht veroordeelde, kwam onder meer door een gebrek aan bewijs, onvoldoende motivering van straffen en gebrekkige dossiers, bleek uit onderzoek van NRC.

De NVSA, de vereniging van strafrechtadvocaten, wil nu dat burgers die de afgelopen tien jaar zo’n straf hebben geaccepteerd de mogelijkheid krijgen alsnog hun dossiers in te zien. Daarna kunnen ze dan eventueel in verzet gaan tegen de straf van het OM; de zaak komt dan alsnog voor een rechter.

„Veel mensen hebben de strafbeschikking niet bewust geaccepteerd”, zegt voorzitter Jeroen Soeteman. „Ze konden hun strafdossier niet inzien en hadden geen bijstand van een advocaat, waardoor ze niet goed wisten of de straf terecht was.”

„De vraag is wel of het OM die dossiers nog heeft”, reageert SP-Kamerlid Michiel van Nispen. Volgens hem zijn de problemen met strafbeschikkingen „groter dan we dachten”. „De Hoge Raad was al heel kritisch, maar het probleem blijkt intenser.” Hij vindt dat Justitie moet overwegen te stoppen met de strafbeschikkingen tot de problemen zijn opgelost: „Als het niet zorgvuldig gebeurt, dan moeten we het even helemaal niet doen.

De NVSA wil daarnaast dat, net als bij gerechtelijke uitspraken, strafbeschikkingen achteraf herzien kunnen worden als blijkt dat er fouten gemaakt zijn. Van Nispen ziet dat wel zitten: „Als mensen in de knel komen door handelen van de overheid, moet dat herstelbaar zijn.”

Product uit een fabriek

D66’er Maarten Groothuizen wil dat advocaten een grotere rol krijgen bij strafbeschikkingen. „Zij zijn degenen die verdachten kunnen adviseren, die het dossier goed kunnen lezen. Dat gebeurt nu te weinig. Mensen moeten weten dat ze juridische hulp kunnen krijgen.” Hij wil op zijn minst dat het OM bij het opleggen van strafbeschikkingen dezelfde strafrichtlijnen gebruikt als de rechter. Dat gebeurt nu niet.

Hij is vooral benieuwd of minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie, CDA) een relatie ziet tussen de onterechte strafbeschikkingen en andere problemen bij het OM – zoals met de cultuur, en gebrek aan geld en mensen. „Er is jarenlang bezuinigd op het OM, de basis is hard geraakt. Het OM wordt nu deels betaald per zaak die ze behandelen. Is het verstandig om strafzaken te zien als een product in een fabriek? Je wilt niet dat er alleen productie wordt gedraaid, maar dat er naar iedere zaak goed wordt gekeken.”

GroenLinks-Kamerlid Kathalijne Buitenweg vraagt zich af of officieren van justitie zich wel als rechter kúnnen gedragen. „Ik ben benieuwd hoe Grapperhaus dat ziet en hoe het verbeterd kan worden. Als blijkt dat het OM zijn rol als rechter niet waarmaakt, dan moeten we misschien besluiten om geen strafbeschikkingen uit te laten vaardigen.”

Minister Grapperhaus wil nu niet reageren. Volgens een woordvoerder stuurt de minister er later deze maand een brief over naar de Tweede Kamer.

    • Derk Stokmans
    • Mark Lievisse Adriaanse