Advies aan Hof: het VK kan eenzijdig van Brexit afzien

EuropeEs Hof van Justitie

In een advies aan het Europees Hof staat dat als het VK besluit in de EU te blijven, de andere lidstaten dat niet kunnen stoppen.

Als het Verenigd Koninkrijk vóór 29 maart besluit toch in de Europese Unie te willen blijven, kunnen de 27 overige lidstaten dat niet tegenhouden. Een advies van die strekking gaf de Europese advocaat-generaal dinsdag aan het Europees Hof van Justitie.

Om Brexit te voorkomen, is het volgens de advocaat-generaal voldoende dat de Britse regering en het parlement dit besluiten en de Europese Raad formeel op de hoogste stellen. Dat kan dan zelfs nog vlak van tevoren.

Meestal neemt het Hof het advies van de advocaat-generaal over, maar ze kan daarvan afwijken, het advies is niet bindend. Het is nog niet bekend wanneer het Hof zich uitspreekt over de interpretatie van artikel 50, het wetsartikel dat de uittreding van een lidstaat uit de EU regelt. De Brexit is de eerste keer dat artikel 50 wordt toegepast.

De Europese Unie vreest verstrekkende gevolgen als het Hof inderdaad beslist dat een lidstaat eenzijdig kan terugkomen van zijn voornemen te vertrekken. Het zou kunnen betekenen, volgens juristen van de Europese Raad, dat lidstaten in de toekomst de vertrekprocedure gebruiken als chantagemiddel om druk uit te oefenen.

Het advies van de Europese advocaat-generaal komt op een belangrijk moment voor de Britse premier Theresa May. Zij is dinsdag begonnen aan een reeks debatten in het Britse parlement over het Brexitakkoord. Het Lagerhuis stemt daar volgende week dinsdag 11 december over.

Hopen op afstel

Als het Lagerhuis het akkoord afkeurt, groeit de kans op een ‘harde’ Brexit, zonder overgangsregelingen voor verkeer van mensen, goederen, diensten en kapitaal tussen het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie.

Een aantal tegenstanders van Brexit hoopt dat dit zal leiden tot afstel van Brexit, al dan niet na een tweede referendum. In Schotland stemde in het referendum in 2016 een grote meerderheid voor ‘Remain’.

Onder aanvoering van een Schotse parlementariër in het Europees Parlement had een aantal Britse tegenstanders van Brexit daarom een uitspraak gevraagd van het Europees Hof over de inhoud van artikel 50. Uit de wettekst blijkt niet duidelijk of voor het terugdraaien van een exit-besluit instemming nodig is van de overgebleven lidstaten.

Volgens de hoogste juridisch adviseur van het Hof is dat niet zo, omdat een lidstaat nu eenmaal soeverein is in besluiten over verdragen. Met andere woorden: als een lidstaat op eigen houtje besluit te vertrekken, kan het ook op eigen houtje besluiten om te blijven. Unanieme instemming van de andere lidstaten, zoals de EU wil, vergroot volgens de advocaat-generaal de kans dat een lidstaat tegen zijn wil uit de EU wordt gezet.

Bovendien heeft het Verenigd Koninkrijk formeel alleen zijn intentie uitgesproken uit de EU te vertrekken. Die intentie kan veranderen zolang het nog geen besluit is dat in werking is getreden, redeneert de advocaat-generaal.

Bij een ongewijzigde situatie verlaat het Verenigd Koninkrijk op 29 maart 2019 om 23.00 uur Britse tijd de Europese Unie.

    • René Moerland
    • Lisa Dupuy