Brieven

Brieven 1/12/2018

Lelystad

Waar moeten de ambulances heen?

Wij wonen sinds 1974 in Lelystad. Hebben de stad zien groeien en bloeien. Hebben de stad ook zien ploeteren. In de jaren ’80 was Lelystad goed genoeg om de leegloop van de Bijlmer op te vangen, met alle economische gevolgen van dien.

De Markerwaard zou zorgen voor economische groei in Lelystad, maar ging niet door. Wel werd Almere versneld uit de grond gestampt, ten koste van de groei in Lelystad. Weer bleven we achter.

Lelystad werd hoofdstad van de provincie Flevoland. We hadden een ziekenhuis, kregen een station, de spoorlijn werd doorgetrokken naar Groningen. De woningbouw trok aan, er kwamen duurdere woningen in prachtige wijken. In Lelystad is het goed wonen.

Maar donkere wolken pakken zich samen. De opening van het vliegveld werd vertraagd, het ziekenhuis ging failliet. Weer worden we in de steek gelaten.

Is deze hele situatie erop gericht een selffulfilling prophecy te worden? Zodat er straks gezegd kan worden dat het ook geen zin meer heeft om het vliegveld te openen, omdat er toch geen ziekenhuis meer is?

Want wat zal er gebeuren als er een calamiteit plaatsvindt op het vliegveld? Waar moeten al die ambulances dan heen? Hebt u wel eens op de A6 in de file gestaan? Of bij de rotonde voor Harderwijk? Daar kan echt geen ambulance op tijd meer door.

Minister Bruins, ik vraag u met klem om ook met historisch besef te kijken naar deze ontwikkelingen in Lelystad. Te vaak zijn we in de steek gelaten.

NRC Checkt

Kijk over de grens

NRC Checkt trekt een uitspraak van oud-Ombudsman Alex Brenninkmeijer na (‘Aanhang van rechts-populistische partijen woont in gebied waar geen vreemdeling te bekennen is’, 22/11). De factcheckers concluderen dat de uitspraak onjuist is: het merendeel van de PVV- en FvD-stemmers woont in buurten met meer dan vijf procent niet-westerse migranten.

Laten we ook eens over de grens kijken. Tijdens de Bondsdagverkiezingen in 2016 haalde de AfD het beste resultaat in Saksen-Anhalt, een deelstaat waar het aantal in het buitenland geboren migranten beneden de 4 procent ligt. Tijdens de Franse presidentsverkiezingen deed Marine Le Pen het uitstekend op het platteland, maar niet in de blanke buurten van multiculturele steden als Parijs en Marseille. In Hongarije en Polen floreren Viktor Orbán en Jaroslaw Kaczynski’s Recht en Rechtvaardigheidspartij mede dankzij het aanwakkeren van angst voor ‘vreemdelingen’ die daar amper zijn te bespeuren vanwege de uitzonderlijke lage immigratie.

Bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen in 2016 deed Donald Trump het bij uitstek goed in de rurale gebieden, waar weinig in het buitenland geboren inwoners wonen, maar deed hij het niet goed in multi-etnische steden als Chicago, Los Angeles en New York.

Kortom, wanneer we Brenninkmeijers uitspraak geografisch minder nauw nemen en verder kijken dan onze Nederlandse Pinokkioneus lang is, komt hij aanmerkelijk dichter bij de waarheid. Misschien vormt Nederland een uitzondering op de regel?

Correctie (3 december 2018): In de hier afgedrukte brief van Rogier Ormeling stond dat Marine Le Pen uitstekend scoorde op het platteland, maar niet in de multiculturele wijken van Parijs en Marseille. Daar had moeten staan dat Le Pen juist ook niet scoorde in de blanke buurten van multiculturele steden als Parijs en Marseille.

VVD-ballonnen

Aangifte werkt wel

De VVD liet vijfhonderd ballonnen op tijdens haar laatste congres. Namens de Partij voor de Dieren deed ik daarop aangifte omdat verspreiding van vijfhonderd stuks zwerfafval een economisch delict is.

In zijn column (De Haagse hang naar lichtzinnige promotie, 29/11) duidt Tom-Jan Meeus niet het oplaten van vijfhonderd ballonnen als zodanig, maar de aangifte. Een landelijk ballonnenverbod bestaat immers niet, schrijft hij. Maar dit is exact hoe proefprocessen werken: wie proefballonnen zaait, zal jurisprudentie oogsten.

Kamerlid Partij voor de DierenRacisme (1)

Ja, ik spreek mij uit

Omdat columnist Clarice Gargard de hoop uitspreekt dat iedereen die zich uitspreekt tegen racisme daarmee doorgaat (Dat racisme bestaat is niet maar een mening, 29/11) schuif ik achter mijn computer om te melden: ik, witte man, spreek me uit tegen racisme. Treurig dat dit kennelijk nodig is, maar uit de column van Clarice Gargard blijkt overduidelijk dat dit moet. Ook eigen ervaringen wijzen in die richting – niet alleen in Nederland, maar ook in landen bewoond door mensen met een donkere huidskleur. Daar geldt helaas dat hoe donkerder de kleur, hoe meer discriminatie.

Daarom steun ik haar oproep: iedereen moet doorgaan zich uit te spreken tegen racisme.

Racisme (2)

Nee, ik legitimeer niet, ik relativeer

Onlangs las ik de column van Clarice Gargard (NRC, 29/11) Het ging daar weer eens over racisme. Anti-Zwarte Piet-demonstranten werden als vreedzaam neergezet, de maatschappij als wreed. De zin „Vaak worden zij die racisme bestrijden als onaangenamer ervaren dan racisme zelf” riep het meest in mij op.

Waar je je op focust in het dagelijks leven, zal zich ook het meest openbaren. Wanneer je met hart en ziel gelooft dat de hele maatschappij racistisch is, zal je achter elke zin een racistische ondertoon vinden. Wanneer je zo hard op zoek gaat naar mogelijke beledigingen, zullen mensen je natuurlijk als onaangenamer ervaren dan racisme zelf, omdat je op alle slakken zout legt – ook wanneer deze slakken voor degene die de woorden uitsprak niet bestaan.

Dat racisme bestaat ontken ik niet, ik denk dat vrijwel niemand dit ontkent. De normale burger is alleen niet zo vastbesloten op zoek naar racistische trekjes in de maatschappij. Een uitspraak als „Zolang medeburgers het bestaan van racisme ontkennen, legitimeren zij het racistisch geweld dat mij en miljoenen anderen ten deel valt” is overdreven. Ze legitimeren racistisch ‘geweld’ niet – zij relativeren het.

Correcties en aanvullingen

Baltazar Getty

In het artikel David Lynch’ films analyseren moet je gewoon niet willen (29/11, p. C7) staat op de foto van Lost Highway niet acteur Bill Pullman maar zijn collega Baltazar Getty.

Joyce Roodnat

Bij het artikel Gevonden nep-Picasso zorgt voor sterke theatervoorstelling, over het toneelstuk True Copy, (29/11, p. C20) ontbreekt de naam van de recensent: Joyce Roodnat.

    • Rogier Ormeling
    • J.J. Minnaar
    • Lisanne
    • Christine Teunissen
    • Boukje Timmers-van Rees Vellinga