Opinie

    • Japke-d. Bouma

Microsoft Word is seksistisch

Taal is minder sekseneutraal dan we denken. “Ga maar eens kijken in de synoniemenlijst van Microsoft Word”, tipte een wetenschapster. Toen Japke-d. Bouma dat deed, kreeg ze bijna een feministische attaque.

Als kind dacht ik altijd dat woorden neutraal waren. Een boom is een boom, een baas is een baas, een brug is een brug – hoe moeilijk kan het zijn? Tot ik de uitdrukking ‘een boom van een vent’ ontdekte, ik merkte dat ‘bazig’ vrijwel alleen voor vrouwen wordt gebruikt (en ‘de baas’ vaker voor mannen) én ik vorige maand een artikel in de Volkskrant las waarin werd uitgelegd dat het grammaticaal geslacht van een woord beïnvloedt hoe mensen het waarderen.

Zo blijkt uit onderzoek dat Duitsers het woord ‘brug’ als ‘mooi’ en ‘elegant’ typeren – in het Duits is ‘Brücke’ vrouwelijk – en Spanjaarden een brug als ‘sterk’ en ‘stevig’ – in het Spaans heeft ‘puente’ een mannelijk lidwoord.

Dat is allemaal geen toeval, zegt dr. Ingrid van Alphen als ik haar erover bel. Van Alphen is taalwetenschapster bij de UvA en ze onderzoekt stereotypering door taal. Taal is helemaal niet neutraal, want woorden hebben sociale betekenissen, zegt zij. „In de taal is de man vaak de norm, het vertrekpunt, de maat der dingen, en is de vrouw vaak ondergeschikt.”

Als voorbeeld van dit ‘androcentrisme’ noemt Van Alphen het woord ‘slaapsteden’, dat zijn steden waar mensen alleen slapen om vervolgens weer naar hun werk te gaan. „Maar wie zijn daar vaak ook overdag?”, vraagt Van Alphen, „zeker in de tijd dat deze term bedacht werd? Juist, vrouwen en kinderen.” Zij worden in zo’n woord volkomen onzichtbaar gemaakt.

In taal en woorden is de vrouw vaker ondergeschikt en is de man vaker de norm

Of kijk naar allerlei opsommingen waarin eerst het mannelijke en pas daarna het vrouwelijke wordt genoemd, zoals ‘vaders en moeders’; ‘zonen en dochters’; ‘jongens en meisjes’; ‘mannen en vrouwen’. Pas als mensen zich realiseren dat dames voorgaan, zeggen ze ‘dames en heren’ – dat is de enige uitzondering.

Ook blijkt dat het voor vrouwen wel positief is om ‘one of the boys’ te zijn, of een ‘tomboy’, maar wordt het als een belediging gezien om mannen ‘one of the girls’ of ‘meisjesachtig’ te noemen. Er zijn ook geen ‘powermannen’, louter ‘powervrouwen’: bij vrouwen moet de power blijkbaar apart worden vermeld – de mannelijke pendant van de term ‘werkende moeder’ bestáát niet eens.

Maar er gaat pas écht een roze en blauwe wereld voor me open als Van Alphen me wijst op de vooroordelen in het computerprogramma Word. Als je daar een woord intypt en er met je rechtermuisknop op gaat staan, verschijnt er een ‘synoniemenlijst’ die zó stereotype is dat ik er bijna een feministische attaque van krijg.

Zo staan er bij het woord ‘vrouw’ bijvoorbeeld als eerste opties ‘echtgenote, eega, gade, gemalin en moeder’; en verschijnt bij het woord ‘man’ als eerste optie ‘baas’ (!) – en pas op nummer 19 ‘echtgenoot’. Verder is een ‘man’ volgens deze lijst zelfs nooit ‘vader’, maar gelukkig wel een ‘vent’.

Ik zou zeggen: hoog tijd voor een flinke feministische schoonmaak, Word! En als jullie dan toch bezig zijn, kunnen jullie misschien meteen uitleggen waarom ‘lef’ in onze samenleving altijd in verband wordt gebracht met ballen en nooit met de clitoris, waarom ‘branie’ bijna nooit iets is dat vrouwen hebben, waarom een ‘collegaatje’ nooit een man is en waarom er geen ‘bomen van vrouwen’ bestaan.

Ik ken er namelijk genoeg.

Taaltips via @Japked op Twitter.

    • Japke-d. Bouma