Zo maak je een begroting voor je leven

Geldzaken Is een buffer van een paar duizend euro spaargeld voldoende voor je financiële toekomst, of is er meer nodig?

Illustratie Viola Lindner

Hoeveel geld heb je nodig voor je ideale toekomst? Die vraag stellen we onszelf te weinig, vindt Dirk Brounen, hoogleraar financieel management aan de universiteit van Tilburg. Nederlanders hebben volgens hem slecht zicht op hun financiële situatie. „In het verleden hoefde dat ook niet omdat de overheid veel uit handen nam, maar sinds de verzorgingsstaat afbrokkelt, is dat veranderd.”

Zorgde de Nederlandse overheid vroeger nog voor haar burgers van ‘de wieg tot het graf’, nu is het slim om bijvoorbeeld zelf geld opzij te zetten voor de studie van je kinderen of voor een zzp-pensioen. „Mensen gedragen zich nog alsof alles voor ze geregeld wordt, maar dat is niet meer zo”, zegt Brounen. „Zelfs mijn economiestudenten op de universiteit leven nog met hun hoofd in de verzorgingsstaat omdat ze dat van hun ouders hebben meegekregen.”

Persoonlijk plan

Voor een welvarende toekomst heb je een buffer nodig en dat is veel meer dan die paar duizend euro die je opzij legt voor een kapotte wasmachine. „Natuurlijk is het goed om risico’s op tegenspoed af te dekken, maar dat is niet genoeg: de nieuwe tijd vraagt om meer dan dat.” Brounen pleit ervoor om een begroting te maken van je dromen. „Denk na over het leven dat je over 10 of 15 jaar wil leven en gebruik je buffer als bouwplan.”

Het begint ermee om voor jezelf te bedenken wat je belangrijk vindt. Zelf zou Brounen bijvoorbeeld graag eerder willen stoppen met werken. Daar spaart hij nu al voor. Maar die wensen zijn voor iedereen anders. „Bedenk waar je gelukkig van wordt: als je het heel leuk vindt om je kinderen meer te zien door de week, neem dan een dag vrij en werk door tot je 67ste.” Het gaat hem erom dat je er zelf over nadenkt en een plan maakt, dat kan een financieel adviseur niet voor je doen.

Beleggen

Maar wat doe je met die buffer zolang je het nog niet nodig hebt? In ieder geval niet op je spaarrekening laten staan. Als je rekening houdt met de lage rente, de vermogensrendementsheffing en inflatie, dan bouw je met sparen niet echt iets op. Voor de korte termijn, tot vijf jaar, is dat niet erg. Maar als je echt iets wil opbouwen kun je beter beleggen.

„Veel mensen zien beleggen nog als een vies woord en beginnen er liever niet aan”, zegt financieel adviseur Wim Jennes. Daarom adviseert hij zijn klanten om niet te sparen maar te besparen, zodat je later meer overhoudt. Dat kan bijvoorbeeld door je leningen af te lossen, zoals de hypotheek op je huis. Maar ook door te investeren in energiebesparende oplossingen.

„Dus laat je spaargeld niet met 0,1 procent rente op de bank staan maar geef liever 10.000 euro uit aan zonnepanelen op je dak of investeer in een zuiniger contract met je energiemaatschappij”, zegt Jennes. Op die manier bespaar je nogal wat in je energielasten en maak je wel degelijk rendement met je spaargeld. Het nadeel hiervan is de beperkte aanwendbaarheid: je kunt het daarna niet meer uitgeven aan iets anders. Jennes: „Wil je een huis kopen, dan heb je bijvoorbeeld spaargeld nodig om in te leggen. Dus blijf goed nadenken over je plannen voor de toekomst.”

Dit is de laatste aflevering van de rubriek Geldzaken.
    • Adinda Akkermans