Snelschaker Carlsen brengt rekenaar Caruana in tijdnood en blijft de sterkste

Drie weken lang zaten ze elkaar dwars met hun eigen virtuositeit op het schaakbord. Twaalf partijen, twaalf remises, vanaf het web aanschouwd door miljoenen liefhebbers die haarfijn aanvoelden dat slechts één van hen baat had bij deze reeks onbesliste partijen. De man die maar een fractie van een seconde nodig heeft om de stellingen te doorgronden: Magnus Carlsen.

Ze kregen gelijk. Woensdag prolongeerde de Noor zijn derde wereldtitel door Fabiano Caruana (VS) van het bord te vegen in de tie-break van de WK-tweekamp. In Londen kwam het aan op vier wedstrijden ‘rapidschaak’: 25 minuten speeltijd, 10 seconden per zet. Precies wat Carlsen goed ligt. Hij is een praktische schaker. Ziet hij de oplossing, dan handelt hij ernaar. Caruana is meer theoreticus. De eerste Amerikaan die de wereldtitel kon veroveren sinds Bobby Fischer de Koude Oorlog op het schaakbord beslechtte (tegen Boris Spasski, 1972), was in het nadeel toen het na twaalf remises op snelschaken aankwam.

Caruana kan eindeloos doorrekenen en heeft daar bij klassiek schaken ook de tijd voor, met partijen die zo’n twee tot vier uur duren. Nu kwam hij in tijdnood. Gevolg: drie kansloze nederlagen tegen Carlsen.

De Noor, al jaren nummer één van de wereld, zei na zijn vierde WK-triomf dat hij groot voorstander is van een beslissing via rapidschaken. Maken schakers ook onder tijdsdruk de juiste keuzes, dan bewijst dat hun kracht. Zo komen de kleine verschillen en dunne marges aan de top tot uiting. De alleskunner uit Tønsberg won er woensdag 550.000 euro mee. Caruana kreeg 450.000.

    • Fabian van der Poll