Polman na turbulent jaar weg als topman Unilever

Britse opvolger

De Nederlander die de druk voelde van aandeelhouders blijft nog een half jaar als adviseur om zijn Britse opvolger Jope in te werken.

Paul Polman Foto Benoit Tessier/Reuters

Unilever-topman Paul Polman legt aan het einde van het jaar zijn functie neer. Per 1 januari 2019 wordt Polman (62) opgevolgd door de Brit Alan Jope, zo maakte het Brits-Nederlandse zeep- en voedingsmiddelenconcern donderdag bekend. De 54-jarige Jope is op dit moment nog directeur van de afdeling Persoonlijke Verzorging, de grootste divisie binnen Unilever.

Polman stopt niet meteen met werken, maar blijft nog zes maanden aan als adviseur van Jope. De scheidend topman stond sinds 2009 aan het hoofd van Unilever, waar hij de nadruk legde op duurzaamheid. Daarvoor werkte hij in topfuncties voor Procter & Gamble en Nestlé. Via Twitter laat Polman weten het „een grote eer” te vinden dat hij de afgelopen tien jaar het bedrijf mocht leiden.

De afgelopen twee jaar haalde Polman veelvuldig het nieuws, eerst vanwege een dreigende overname door het Amerikaanse Kraft-Heinz en meer recent vanwege de verhuizing van het hoofdkantoor van Unilever. „Ik word veel aangevallen”, zei hij daarover afgelopen weekeind in AD. Toen de krant hem vroeg over een eventueel vertrek, wilde Polman niet reageren, maar zei hij: „Ik heb altijd gezegd: acht tot tien jaar, daar zit ik nu ruim overheen.”

In zijn laatste jaren als topman kreeg Polman te maken met groeiende druk van aandeelhouders, die vonden dat de topman te weinig oog had voor hun belangen. Na het bod van Kraft-Heinz, dat in maart vorig jaar 143 miljard dollar overhad voor Unilever, deed Polman daarom verschillende toezeggingen. Hij verkocht zijn margarinedivisie voor bijna zeven miljard aan investeerder KKR. De opbrengst van die transactie gaf hij terug aan de aandeelhouders in de vorm van een superdividend en inkoop van aandelen Unilever.

Dit najaar had Polman opnieuw een aanvaring met aandeelhouders, ditmaal vooral de Britse. Onderwerp van die twist was de verhuizing van het hoofdkantoor van Unilever. In een poging het bedrijf te versimpelen wilde Polman de twee hoofdkantoren in Londen en Rotterdam samenvoegen tot één, om de kosten te drukken. Als locatie voor dat kantoor koos Polman voor Rotterdam. Een belangrijke reden voor dat besluit was het plan van de Nederlandse regering om de dividendbelasting af te schaffen.

Onder druk van Britse aandeelhouders, die Unilever in het Verenigd Koninkrijk wilden houden, moest Polman vorige maand terugkomen van dat besluit. In AD zei hij daarover dat het afschaffen van de dividendbelasting een voorwaarde was. Voor premier Rutte, die de maatregel eerst fel verdedigde en vervolgens terugdraaide, betekende dat gezichtsverlies. Voelde dat voor Polman ook zo? „Ja, tuurlijk”, zei hij in het AD. „Ik heb hier ook een groot risico genomen.”

    • Sjoerd Klumpenaar